Psychology and behavioral sciences - Theme
- Login of registreer om te kunnen reageren
- 37752 keer gelezen
De definitie van ‘agressief gedrag’ is in dit artikel gedrag dat schade toebrengt aan anderen.
In de literatuur worden agressief gedrag en antisociaal gedrag vaak met elkaar verward. Er is echter een duidelijk contrast: antisociaal is veel breder, en agressief gedrag valt onder de categorie antisociaal gedrag, maar is niet hetzelfde. Een belangrijk aspect van de definitie is de intentie van de agressor. Is agressief gedrag altijd intentioneel? Een tweede vraag is of agressief gedrag altijd sociaal ongewenst is.
Vaak wordt agressie te breed gedefinieerd. Er zijn namelijk verschillende typen agressie te onderscheiden. In het onderzoek naar agressie is het belangrijk om een specifieke definitie te hanteren.
Ontstaan (‘onset’) verwijst naar het moment in de ontwikkeling waarop een specifiek fenomeen voor het eerst voorkomt en begint te ontwikkelen.
Een veelvoorkomende misconceptie met betrekking tot het ontstaan van agressief gedrag is dat dit voornamelijk plaatsvindt in de voorschoolse leeftijd. Het kan echter ook ontstaan voor deze periode of pas in de adolescentie. Op die manier neemt het percentage kinderen dat agressief gedrag vertoont toe met de leeftijd. De ogenschijnlijk snelle toename in afwijkend gedrag wordt de ‘age-crime curve’ genoemd. Dit kan bij jongens toegeschreven worden aan een toename in testosteron. Een alternatieve verklaring is dat omgevingsinvloeden, zoals agressie bij leeftijdgenoten en in de media, een rol spelen. Het dominante perspectief is de sociale leertheorie, waarin de nadruk op omgevingsinvloeden gelegd wordt.
In plaats van ‘ontstaan’ kan ook gesproken worden van ‘toename in ernst’. Agressief gedrag komt vanaf jonge leeftijd voor en kan door middel van socialisatie getemperd worden. Als echter het agressieve gedrag niet afgeleerd wordt, ontwikkelen zich ernstige problemen. Zodoende wordt gesproken van toename in ernst.
Een belangrijk probleem in onderzoek naar het ontstaan van agressief gedrag wordt gevormd door de onderzoeksmethode. Vaak wordt gebruik gemaakt van retrospectieve rapportage door de moeder. Hierin vormt vertekening in de herinnering een probleem. Longitudinaal onderzoek zou hier de oplossing voor bieden. Het onderzoek moet dan beginnen voordat de problemen gesignaleerd zijn, omdat ernstige agressieproblemen altijd voorafgegaan worden door minder opgemerkt agressief gedrag.
Eerder dan onderzoek naar het ontstaan was er wetenschappelijke interesse in stabiliteit van agressief gedrag. Diverse studies lieten zien dat agressie bij voorschoolse kinderen gelijk was over diverse metingen. Hier moet echter rekening gehouden worden met het feit dat er op groepsniveau gekeken werd, en er dus niets over intra-individuele stabiliteit gezegd kon worden. Ook is er een verschil tussen relatieve agressieniveaus en absolute agressieniveaus.
Een probleem bij de stabiliteit van agressief gedrag is dat het type agressief gedrag kan veranderen over de tijd. Vaak gaat het om een transitie van fysiek naar meer sociaal geaccepteerd agressief gedrag. Een oplossing voor dit probleem is om te analyseren op het niveau van de persoon in plaats van de variabele.
Onderzoek naar de ontwikkeling van agressief gedrag is met name gericht geweest op interacties binnen de familie, met leeftijdgenoten en de invloed van de media. Dit onderzoek is gebaseerd op sociale leertheorie.
Binnen de familie is vooral gekeken naar specifieke gedragingen en de bekrachtiging hiervan. Observationeel onderzoek laat zien dat aandacht besteden aan agressief gedrag bekrachtigend werkt.
Op basis van sociale informatieverwerkingsmodellen is geconcludeerd dat kinderen die minder aandacht besteden aan sociale cues, maar meer aandacht aan agressieve cues, en vaker vijandige interpretaties maken als agressief of antisociaal beoordeeld worden.
Onderzoek naar de ontwikkeling van agressief gedrag wordt beperkt doordat experimentele methoden lastig inzetbaar zijn. Longitudinale studies zijn het alternatief, maar hieruit kunnen geen causale conclusies getrokken worden.
Op het gebied van interventies kan wel experimenteel onderzoek gedaan worden. Interventiestudies die fysieke agressie als uitkomstmaat gebruiken zijn echter schaars. De meeste interventies zijn gericht op regulatie van boosheid en storend gedrag. Bij voorschoolse kinderen wordt met name gebruik gemaakt van opvoedingsvaardigheden van de ouders en cognitieve ontwikkeling van het kind.
Join with a free account for more service, or become a member for full access to exclusives and extra support of WorldSupporter >>
JoHo WorldSupporter mission and vision:
JoHo concept:
Volunteering: WorldSupporter moderators and Summary Supporters
Volunteering: Share your summaries or study notes
Student jobs: Part-time work as study assistant in Leiden
Search only via club, country, goal, study, topic or sector
Select any filter and click on Search to see results