Voorbeeldtentamen bij Persoonlijkheids, Klinische en Gezondheidspsychologie aan de Universiteit Leiden - Exclusive

Meerkeuzevragen - Vraag 1 t/m 10

Vraag 1

Welke term wordt hier beschreven? Gedrag dat gevolgd wordt door positieve consequenties, zal vaker herhaald worden dan gedrag dat gevolgd wordt door negatieve consequenties.

  1. Klassieke conditionering.
  2. Operante conditionering.
  3. Leren door straffen en belonen.
  4. Leren door observatie.

Vraag 2

Wat houdt ‘cultureel relativisme’ in?

  1. Dat er in verschillende culturen heel verschillende stoornissen voor kunnen komen, waar je rekening mee moet houden bij het assessment.
  2. Dat er geen universele standaarden of regels zijn om gedrag als abnormaal te classificeren, gedrag kan alleen abnormaal zijn volgens de heersende normen.

Vraag 3

Welke van de subcorticale structuren houdt zich bezig met geheugen?

  1. Hypothalamus.
  2. Thalamus.
  3. Hippocampus.
  4. Amygdala.

Vraag 4

Over het algemeen zijn lagere niveaus van serotonine geassocieerd met:

  1. Angstig en agressief gedrag.
  2. Dominant en rigide gedrag.

Vraag 5

Welke soort validiteit wordt hier beschreven? Beschrijft de mate waarin een test de belangrijke aspecten meet van het te onderzoeken fenomeen en de onbelangrijke aspecten weglaat.

  1. Face validity.
  2. Content validity.
  3. Construct validity.
  4. Concurrent validity.

Vraag 6

Bij welke brain-imagingtechniek wordt een radioactieve stof ingespoten om de hersenen in beeld te kunnen brengen?

  1. Positron-emission tomography (PET).
  2. Electroencephalogram (EEG).
  3. Computerized tomography (CT).
  4. Magnetic resonance imaging (MRI).

Vraag 7

Welke vorm van betrouwbaarheid wordt hier beschreven? Het gebruiken van verschillende vormen van de test, wanneer deze nog een keer afgenomen moet worden.

  1. Test-hertest betrouwbaarheid.
  2. Interrater betrouwbaarheid.
  3. Interne betrouwbaarheid.
  4. Alternate form betrouwbaarheid.

Vraag 8

Wat is het verschil tussen behandeling van paniekstoornis aan de hand van medicijnen, ten opzichte van behandeling door cognitieve gedragstherapie?

  1. Behandeling met medicijnen werkt op korte termijn slechter dan cognitieve gedragstherapie, maar beter op de lange termijn.
  2. Behandeling met medicijnen werkt op korte termijn beter dan cognitieve gedragstherapie, maar slechter op de lange termijn.
  3. Behandeling met medicijnen werkt op de korte termijn even goed als cognitieve gedragstherapie, maar slechter op de lange termijn.
  4. Behandeling met medicijnen werkt op de korte termijn even goed als cognitieve gedragstherapie, maar beter op de lange termijn.

Vraag 9

Bij patiënten met een post‐traumatische stressstoornis en bij depressieve patiënten die in hun jeugd mishandeld zijn, zijn er structurele hersenafwijkingen te zien. Een van die kenmerken is dat de hippocampus:

  1. Gemiddeld kleiner is, wat te maken zou kunnen hebben met de toxische effecten van chronisch verhoogde cortisolniveaus.
  2. Gemiddeld groter is, wat te maken zou kunnen hebben met het feit dat de hippocampus ‘overuren moet draaien’ om de amygdala‐respons in toom te houden.

Vraag 10

Iemand doet met opzet alsof hij of zij een ziekte heeft, om medische aandacht te krijgen. Bij deze persoon is er spraken van...

  1. Malingering.
  2. Een factitious disorder.

Antwoorden Meerkeuzevragen - Vraag 1 t/m 10

Vraag 1

B. Operante conditionering.

Vraag 2

B. Dat er geen universele standaarden of regels zijn om gedrag als abnormaal te classificeren, gedrag kan alleen abnormaal zijn volgens de heersende normen.

Vraag 3

C. Hippocampus.

Vraag 4

A. Angstig en agressief gedrag.

Vraag 5

B. Content validity.

Vraag 6

A. Positron-emission tomography (PET).

Vraag 7

D. Alternate form betrouwbaarheid.

Vraag 8

C. Behandeling met medicijnen werkt op de korte termijn even goed als cognitieve gedragstherapie, maar slechter op de lange termijn.

Vraag 9

A. Gemiddeld kleiner is, wat te maken zou kunnen hebben met de toxische effecten van chronisch verhoogde cortisolniveaus.

Vraag 10

B. Een factitious disorder.

Meer TentamenTests - Vraag 11 t/m 45 (Exclusief voor wie volledige online toegang heeft)

Exclusive section of this page (for members with extra services and online access)

Image

Access: 
Public

Image

Check more: this content refers to
Psychology Leiden: summaries and study notes - Theme
Join WorldSupporter!

Join with a free account for more service, or become a member for full access to exclusives and extra support of WorldSupporter >>

Check: concept of JoHo WorldSupporter

Concept of JoHo WorldSupporter

JoHo WorldSupporter mission and vision:

  • JoHo wants to enable people and organizations to develop and work better together, and thereby contribute to a tolerant tolerant and sustainable world. Through physical and online platforms, it support personal development and promote international cooperation is encouraged.

JoHo concept:

  • As a JoHo donor, member or insured, you provide support to the JoHo objectives. JoHo then supports you with tools, coaching and benefits in the areas of personal development and international activities.
  • JoHo's core services include: study support, competence development, coaching and insurance mediation when departure abroad.

Join JoHo WorldSupporter!

for a modest and sustainable investment in yourself, and a valued contribution to what JoHo stands for

Image

 

 

Contributions: posts

Help other WorldSupporters with additions, improvements and tips

Add new contribution

CAPTCHA
This question is for testing whether or not you are a human visitor and to prevent automated spam submissions.
Image CAPTCHA
Enter the characters shown in the image.

Image

Check more: related and most recent topics and summaries

Image

Follow the author: Psychology Supporter
Share this page!
Statistics
2001
Submenu & Search

Search only via club, country, goal, study, topic or sector