Wat is de rol van theorieën in toegepaste sociale psychologie? - Chapter 2
Wat is de rol van theorie in de sociale psychologie?
Sociaal psychologen gebruiken theorieën om sociale problemen te begrijpen en op te lossen. Ook zijn theorieën het startpunt voor het opstellen van interventies. Zonder theorieën zou men gebruik moeten maken van 'gezond verstand', wat vaak niet tot de beste oplossingen leidt. Daarnaast zorgen theorieën ervoor dat er één taal ontstaat die wordt gebruikt om sociale problemen te bespreken.
Welke theorieën zijn er in de sociale psychologie?
Er zijn meerdere theorieën over sociaal denken:
De attributietheorie
Sociaal denken gaat over de manier waarop we denken over ons zelf en onze omgeving. Dit komt voort uit de manieren waarop we sociale informatie verzamelen, organiseren en interpreteren en wordt ook wel sociale cognitie genoemd. De attributietheorie stelt dat mensen proberen gedrag van henzelf en anderen te verklaren. Mensen maken interne attributies (over de persoon) en externe attributies (over de situatie). Een van de eerste uitkomsten van de theorie is de fundamentele attributiefout. Individuen schrijven hun slechte gedrag toe aan externe oorzaken en het slechte gedrag van anderen aan interne oorzaken. Het omgekeerde geldt voor goed gedrag. Attributies helpen ons niet in alle gevallen mensen te begrijpen en situaties te interpreteren, het resulteert soms in bias of disfunctie tussen (groepen) mensen. De theorie kan daarom helpen bij een aantal sociale problemen zoals depressie en huwelijksproblemen. Disfunctionele patronen van sociaal denken kunnen doorbroken worden door middel van interventie. Onderstaande theorieën zijn het meest prominent met betrekking tot sociaal denken.
De cognitieve dissonantie theorie
Een andere theorie heeft betrekking op het onderzoeken van attitudes, de evaluatie van een object. Het veranderen van een attitude brengt vaak geen overeenkomende verandering in gedrag teweeg, dit heet het knowledge-deficit model. De cognitieve dissonantie theorie verklaart dat het psychologisch oncomfortabel is om tegenstrijdige gedragingen en houdingen te hebben. Er zou een relatie zijn tussen houdingen, overtuigingen en gedragingen over het zelf en over de omgeving. Twee elementen kunnen consonant, dissonant of irrelevant zijn. Oplossingen voor dissonantie zijn het gedrag veranderen, de houding veranderen of nieuwe cognities toevoegen om een van de dissonantie-elementen te versterken (dissonante houdingen en gedragingen kunnen dan gehouden worden). Als mensen weinig of geen keus hebben in hun acties kunnen ze door hun attitudes te veranderen toch de hoeveelheid dissonantie verminderen.
De Theory of Planned Behavior (TPB)
De Theory of Planned Behavior (TPB) verklaart de relatie tussen houding en gedrag, dit is een zwakke relatie. De theorie wordt als raamwerk gebruikt bij het onderzoeken van sociale problemen. Psychologische constructen worden gelinkt en de centrale ligging van intenties wordt benadrukt bij het begrijpen van het gedrag. Volgens deze theorie is de beste voorspeller van gedrag de intentie om iets te doen, welke veroorzaakt wordt door drie constructen, namelijk attitudes (evaluatie), subjectieve normen en waargenomen gedragscontrole.
De theorie volgt het compatibiliteitsprincipe, wanneer hetzelfde niveau van meting wordt gebruikt bij het vaststellen van de genoemde constructen (de intentie en het gedrag) dan is het waarschijnlijk dat de gedragsintentie en het gedrag door de uitkomst worden voorspeld. Vragen die we willen stellen moeten net zo specifiek zijn als het te voorspellen gedrag.
Theorieën over sociale invloed
Sociale invloed gaat over de vraag hoe de sociale omgeving onze gedachten, gedrag en gevoelens beïnvloedt. Veel sociaal psychologen gebruiken deze theorie omdat bij het oplossen van sociale problemen bijna altijd mensen moeten worden beïnvloed om gedrag of houding te veranderen. In tegenstelling tot overtuigen is imitatie meer automatisch proces. Het is subtiel en heersend, meestal onopzettelijk maar soms niet opzettelijk als er kleine sociale beloningen zijn.
Conformiteit is meestal een bewust proces (subtiel en niet vermeld), waarbij het gedrag wordt veranderd om consistent te zijn met de reële of ingebeelde sociale verwachtingen. Theorieën hierover zoeken naar omstandigheden waarin mensen hun gedrag aanpassen aan die van de groep. Kelman (1961) suggereert dat dit afhangt van de oriëntatie van die persoon t.o.v. de sociale verwachting (regel, rol of waarde georiënteerd).
Volgzaamheid vindt plaats na een uitgesproken verzoek. Cialdini en Goldstein (2004) suggereren dat mensen gevolg geven aan een verzoek wanneer volgzaamheid resulteert in het waarmaken van doelen van het individu. Drie mogelijke doelen zijn:
- Het ontwikkelen of behouden van sociale relaties (band).
- Het verbeteren of behouden van zelfbegrip.
- Het verminderen van dubbelzinnigheid en zo het verkrijgen van een accuraat gevoel van de realiteit (accuraatheid). Informatie over de juiste gedragslijn kan afgeleid worden van andere mensen in een situatie (sociale normen), een waargenomen autoriteit of de stemming.
Gehoorzaamheid is gedragsverandering naar aanleiding van een expliciete vraag. Milgram’s gehoorzaamheidsonderzoeken laten zien dat een gewoon persoon beïnvloed kan worden om een andere persoon pijn te doen, mits de juiste omstandigheden aanwezig zijn. De nadruk ligt op rechtmatigheid bij dit soort theorieën. Eerder onderzoek naar conformiteit, volgzaamheid en gehoorzaamheid waren dramatisch en vervolgonderzoek verfijnde de onderliggende principes van invloed. Daarnaast koppelde vervolgonderzoek de principes aan elkaar in grote theoretische modellen, zoals het Elaboration Likelihood Model (ELM). Dit model geeft inzicht in de manieren waarop individuen op overtuigende boodschappen reageren en is daardoor een belangrijke fundering voor interventie.
Twee verschillende routes voor overtuiging zijn de centrale route (kijkt naar inhoud van de boodschap) en de perifere route (oppervlakkig, kijkt of de boodschap ‘leuk’ is). Ze verschillen in de mate van cognitieve verwerking van de argumenten. Daarin zijn twee routes te onderscheiden:
- Perifere route: weinig verwerking, de route is zwak, tijdelijk, makkelijk te veranderen en komt voor bij mensen die niet aandachtig/geïnteresseerd zijn.
- Centrale route: uitgebreide verwerking, route is sterk, langdurend, resistent voor tegenargumenten en komt voor bij mensen die aandachtig en geïnteresseerd zijn.
Theorieën over sociale relaties
Veel theorieën over sociale relaties maken een onderscheid tussen 'ingroup' en 'outgroup'. Dit houdt in dat mensen vaak positieve gedachten hebben over zichzelf (en mensen in hun groep) en vaak negatieve gedachten over anderen (mensen in de outgroup). Dit leidt dus tot vooroordelen, vooral wanneer mensen onzeker zijn. Dit kan leiden tot stereotypering. Deze biases en stereotypes zijn over het algemeen automatisch en kunnen niet vermeden worden, ook al is men zich er bewust van dat het incorrect is. De eerste fase is beschikbaarheid van informatie over de groep waar die persoon bij hoort, de tweede fase is het wel of niet toepassen van deze informatie. Op deze manier kunnen we, als we willen, niet automatisch het stereotype beeld toepassen. Stereotypes kunnen leiden tot vooroordelen (ongerechtvaardigde negatieve houdingen t.o.v. een persoon op basis van zijn/haar groep). Deze link kan begrepen worden door motivatie. Intrinsiek gemotiveerde personen geloven dat het belangrijk is onbevooroordeeld te zijn. Een extrinsiek gemotiveerd persoon kan vooroordelen vermijden omdat ze niet door anderen bevooroordeeld willen worden. Motivatie kan intrinsiek of extrinsiek zijn, maar niet beiden tegelijk.
Het gedrag dat volgt op negatieve stereotypes (cognitief) en bevooroordelingen (affectief) is discriminatie (gedrag), het ongelijk behandelen van een ander gebaseerd op het horen bij een bepaalde groep. De theory of identity maintenance verklaart dat gediscrimineerde groepen een positieve collectieve identiteit verschaffen die de eigenwaarde en het zelfvertrouwen beschermt door middel van de trots van de ingroup (eigen unieke identiteit).
De contact hypothese onderzoekt hoe mensen beter met elkaar om kunnen gaan. De uitkomsten helpen de voorbodes van conflicten te herkennen en benadrukt een strategie van verzoening. Het bij elkaar brengen van groepen helpt niet.
Vier vormen moeten aanwezig zijn om vooroordelen te verminderen:
- Groepen hebben gelijke status.
- Groepen hebben een gemeenschappelijk doel.
- Er is een intergroep samenwerking.
- Er is institutionele support.
Een theorie die voorspelt welke strategiekeuze een persoon of groep zal maken wanneer er een conflict van interesse is, is het Dual Concern Model. Iedere partij heeft in elke conflict situatie twee belangen, belang voor zichzelf en belang voor anderen. De waarde van dit belang kan hoog of laag zijn. Laag-hoog leidt tot afstaan, laag-laag tot niks doen, hoog-laag tot strijden en hoog-hoog tot probleem oplossen.
Als je de manier waarop een persoon of groep oordeelt of denkt kan veranderen, kan je de strategie die zij kiezen ook veranderen.
Prosociaal gedrag (het helpen van anderen)
Prosociaal gedrag wordt vaak verdeeld in twee categorieën:
- Prosociaal gedrag dat als doel heeft om relaties te herstellen.
- Prosociaal gedrag dat als doel heeft om relaties te versterken.
In onderzoek is er meer aandacht voor relatie versterkend gedrag zoals helpen (verminderen van andermans last) en altruïsme (motivatie om iets te doen in het voordeel van een ander en geen persoonlijke voordelen ervoor terug willen). Een decision-making model van prosociaal gedrag, wat later de Social Impact Theory werd, verklaart helpend gedrag. Een eerste principe is de verspreiding van verantwoordelijkheid (als de groepsgrootte toeneemt, wordt de waarschijnlijkheid dat een individu actie onderneemt kleiner). Een tweede is pluralistisch onwetendheid (het kijken van mensen naar anderen als een bron van informatie om een situatie te interpreteren).
Dit zie je ook terug bij drinkgedrag onder studenten. Er wordt overschat hoeveel medestudenten drinken. Normatieve feedback zou een effectief middel zijn om het aantal binge-drinkers te verlagen.
Theorieën zijn er in verschillende vormen en groottes. Er is een ruw classificatiesysteem voor sociale psychologische theorieën die gebaseerd is op de definitie van sociale psychologie.
Sociale invloed gaat over de vraag hoe de sociale omgeving onze gedachten, ons gedrag en onze gevoelens beïnvloedt. Veel sociaal psychologen gebruiken deze theorie omdat bij het oplossen van sociale problemen bijna altijd mensen moeten worden beïnvloed om gedrag en houding te veranderen. In tegenstelling tot overtuigen is imitatie een meer automatische vorm. Het is subtiel en heersend, meestal onopzettelijk, soms niet opzettelijk als er kleine sociale beloningen zijn.
Wat zijn belangrijke overwegingen voor het toepassen van theorieën?
Bij het gebruiken van theorieën in toegepast werk is het belangrijk een aantal overwegingen in het achterhoofd te houden, ondanks de voordelen.
Ten eerste zijn niet alle sociale problemen identiek. Sommige problemen zijn specifiek en relatief simpel en andere problemen zijn multiply determined (vele variabelen veranderen om probleem op te lossen).
Ten tweede is het soms nodig verschillende theorieën te combineren waardoor het moeilijk is aan de grenscondities te voldoen van elke theorie (wanneer gebruiken). Uitkomsten zijn dan minder voorspelbaar.
Ten derde zijn predictie en verklaring niet gelijk bereikbaar. Het is moeilijk om voorspellingen te maken, verschillende uitkomsten kunnen voorspeld worden maar het hangt af van het theoretisch perspectief. Vele theorieën zijn ontwikkeld op basis van observaties en ze zijn subjectief. Sociaal psychologen maken voorspellingen op basis van uitkomsten van interventies, het ontwerpen van een interventie vereist voorspellingen. Duidelijke theorieën zijn beter in het verklaren van gedrag dan in het voorspellen van gedrag (met name in toegepaste setting).
Ten vierde is de complexiteit van het probleem en de complexiteit van de theorie. Het is waarschijnlijker dat complexe theorieën de uitkomsten van het laboratorium voorspellen. Daarnaast zijn ze moeilijk te gebruiken in de echte wereld omdat ze vele delen bevatten. Als theorieën breder en groter worden bereiken ze een punt waarop ze bijna in alle situaties geschikt zijn. Een interventie baseren op een brede theorie is lastig omdat er zoveel constructen en principes zijn en het moeilijk is elk deel van de theorie aan de orde te stellen.
Tenslotte is het herkennen van grenscondities in de echte wereld uitdagend en vereist het enige uitbreiding. Het gebruik van een theorie in toegepast werk is het koppelen van principes en constructen van de theorie aan de situatie in de echte wereld (maken van een interventie). Soms is het niet duidelijk of het gedrag dat het probleem veroorzaakt overeenkomt met de constructen. Of is het lastig een theorie geschikt te maken voor een echte situatie als de theorieën een statische staat beschrijven terwijl de situatie dynamisch is. Bij het koppelen van een theorie aan een interventie is uitbreiding vereist bij het matchen van de theorie aan het probleem. En dit vereist weer een sprong: wat bekend is in het laboratorium wordt gebruikt om een interventie te ontwikkelen.
Wat is het kwadrantenmodel van wetenschappelijk onderzoek?
Toegepaste sociaal psychologen gaan heen en weer tussen hun interesse in theoretische vooruitgang en het oplossen van problemen uit de echte wereld, het is niet puur fundamenteel of toegepast. Toegepast sociaal psychologisch werk wordt geïnspireerd door gebruik.
Bij elke lijn van onderzoek staan twee dimensies centraal:
- Onderzoek naar fundamenteel begrijpen.
- Overweging van gebruik.
Hiervan is een 2x2 design gemaakt.
Puur fundamenteel onderzoek heeft als doel het ontwikkelen van kennis, zonder de toepassing te overwegen. Een voorbeeld is een onderzoek naar de structuur van een atoom van Bohr. Bij sociale psychologie is dat onderzoek naar sociale cognitie, sociale neurowetenschap en onderzoek naar persoonlijkheid.
Puur toegepast onderzoek heeft als doel het oplossen van problemen. Een voorbeeld is het werk van Edison. Voor sociale psychologie zijn er ook verschillende voorbeelden te noemen zoals adverteren en marketing, militaironderzoeken, onderzoek naar geweldpreventieprogramma’s voor adolescenten en enkele toepassingen voor gezondheids- en omgevingsproblemen. Overheidsinstellingen, privé organisaties en activistenorganisaties voeren toegepaste projecten uit zoals hierboven beschreven (academische onderzoekers niet). Deze toegepaste projecten dragen niet echt bij aan de theoretische kennis.
Echter gebruikgeïnspireerdonderzoek wordt wel uitgevoerd door toegepaste sociaal psychologen. Een specifieke gebeurtenis of probleem inspireert het onderzoeksproces en het werk leidt tot belangrijke theoretische ontwikkelingen. Voorbeeld: werk van Louis Pasteur en een voorbeeld. Voor sociale psychologie is dat bijvoorbeeld de theorie van prosociaal gedrag, decision-making model en theorieën en principes om alcoholconsumptie onder studenten te verminderen.
Join with a free account for more service, or become a member for full access to exclusives and extra support of WorldSupporter >>
Concept of JoHo WorldSupporter
JoHo WorldSupporter mission and vision:
- JoHo wants to enable people and organizations to develop and work better together, and thereby contribute to a tolerant and sustainable world. Through physical and online platforms, it supports personal development and promote international cooperation is encouraged.
JoHo concept:
- As a JoHo donor, member or insured, you provide support to the JoHo objectives. JoHo then supports you with tools, coaching and benefits in the areas of personal development and international activities.
- JoHo's core services include: study support, competence development, coaching and insurance mediation when departure abroad.
Join JoHo WorldSupporter!
for a modest and sustainable investment in yourself, and a valued contribution to what JoHo stands for
Work for JoHo WorldSupporter?
Volunteering: WorldSupporter moderators and Summary Supporters
Volunteering: Share your summaries or study notes
Student jobs: Part-time work as study assistant in Leiden
- Insurance for emigrants, expats and living abroad: international insurance for expats and emigrants
- Insurance for activities abroad: Backpacking Travel abroad Intern abroad Study abroad Volunteer abroad Work abroad
- Insurance: ACS Globe Traveller Caremed Insurances Expatriate Travel Insurance IMG’s GlobeHopper World Nomads Insurance SafetyWing Insurance JoHo Special ISIS verzekering NL/BE Working Nomad verzekering NL/BE More about Insurance for abroad
Search only via club, country, goal, study, topic or sector
Select any filter and click on Search to see results








