Hoe verloopt de prenatale ontwikkeling? - Chapter 2

Hoe verloopt het ontwikkelingsproces voor de geboorte?

In de geschiedenis zijn veel verschillen te zien in hoe gedacht wordt over de prenatale ontwikkeling. Aristoteles verwierp het idee van epigenese, het ontstaan van nieuwe structuren en functies tijdens de ontwikkeling.

Bijvoorbeeld, de Beng in West-Afrika geloven dat elke baby een reïncarnatie is van een voorouder. De geest van de voorouder, de wru, wil nog geen aards leven en behoudt een dubbel bestaan, heen en weer reizend tussen het heden en de wrugbe, de geestenwereld. Als het kind sterft voordat de navelstreng is afgestorven, is er geen begrafenis omdat aangenomen wordt dat het kind dan nog geen persoon is en terug keert naar de geestenwereld.

Hoe werkt het proces van conceptie?

Gameten zijn reproductieve cellen (eicel of zaadcel) die slechts de helft van het genetische materiaal bevatten van alle andere cellen in het lichaam. Gameten worden geproduceerd door meiose, een speciaal type celdeling waarbij de eicel en zaadcel slechts een deel van elk van de 23 chromosoomparen ontvangen. Een eicel en een zaadcel samen vormen dan weer een volledige set van 23 chromosomen.

Conceptie is het samenkomen van een eicel van de moeder en een spermacel van de vader. Tijdens de gemeenschap reizen de spermacellen 6 tot 7 uur via de baarmoeder naar de eicel. Slechts 200 van de 500 miljoen spermacellen overleven deze reis. Dit wordt vergeleken met de theorie van Darwin: survival of the fittest. Er zijn verschillende redenen waarom spermacellen het niet redden tot de eicel. Ten eerste kunnen er problemen zijn met de spermacellen zelf, wat soms is gebaseerd op een genetisch defect. Ook kan het zijn dat spermacellen met elkaar verstrengeld raken tijdens de reis. Tot slot kan het zo zijn dat de spermacellen in de eileider gaan waar geen eicel klaarligt. Eén spermacel bevrucht de eicel. Een bevruchte eicel wordt een zygote genoemd. Door een chemische reactie, die ontstaat wanneer een spermacel de eicel bereikt, wordt er een laagje gevormd om de eicel, waardoor andere spermacellen de eicel niet meer kunnen bereiken of bevruchten. De eerste twee weken is de bevruchte cel een zygote.

Welke ontwikkelingsprocessen zijn er?

Van drie tot acht weken is de bevruchte eicel een embryo, vanaf de 9e week is het een foetus.

Het ontwikkelingsproces van de bevruchte eicel bestaat uit vier processen:

  1. Mitose: celdeling, dit vindt plaats vanaf 12 uur na de bevruchting.
  2. Celmigratie: de verplaatsing van nieuwe gevormde cellen weg van hun originele locatie.
  3. Celdifferentiatie: alle embryo stamcellen kunnen zich ontwikkelen in een willekeurig type cel, deze cellen gaan zich nu specialiseren in structuur en functie.
  4. Apoptose: celdoding, hier worden bijvoorbeeld de vliezen tussen vingers en tenen verwijderd.

Lange tijd is gedacht dat er meer mannelijke dan vrouwelijke embryo's werden verwekt. Mannelijke foetussen zijn meer kwetsbaar voor vroege abortus en hebben vaker een laag geboortegewicht dan vrouwelijke. Uit recent onderzoek blijkt dat de kans op een mannelijk of vrouwelijk embryo gelijk is.

Hoe ziet de vroege ontwikkeling eruit?

Op de vierde dag na conceptie ordenen de cellen zichzelf in een hol balletje met een aantal cellen (binnenste celmassa) aan een zijde. Dit is het punt waarop identieke tweelingen vaak ontstaan, doordat de binnenste celmassa door de helft splitst, ze hebben dus dezelfde genen. Twee-eiige tweelingen daarentegen ontstaan wanneer twee eicellen vrijgelaten worden in de eileiders en beide bevrucht worden.

De binnenste celmassa (ook wel embryoblast genoemd) wordt uiteindelijk gevormd tot een foetus. Deze binnenste celmassa vouwt zichzelf in de tweede week na de bevruchting in drie lagen die een U-vorm aannemen. De eerste laag bevat het zenuwstelsel, nagels, tanden, binnenoor, ogen, en de bovenste huidlaag. De tweede laag bevat spieren, botten, het circulair systeem, onderhuid, en interne organen. De derde laag bevat het spijsverteringssysteem, longen, de urineweg, en de klieren. Daarna ontstaat de neurale tube, die bestaat uit de hersenen en het ruggenmerg. De cellen die niet tot de binnenste celmassa behoren (het trofectoderm), vormen de placenta en de amniatische zak. De placenta vervoert stoffen via de bloedstroom tussen moeder en foetus, beschermt de foetus tegen giftige stoffen en produceert progesteron en oestrogeen. De amniatische zak is een membraan dat gevuld wordt met water dat de foetus beschermt. De bloedvaten die de placenta en het embryo met elkaar verbinden, zijn verzameld in de navelstreng. De ontwikkeling van de foetus is een zogenaamde cephalocaudale ontwikkeling, waarbij de lichaamsdelen die zich dicht bij het hoofd bevinden zich eerder ontwikkelen dan lichaamsdelen die zich verder weg van het hoofd bevinden.

Hoe gedraagt de foetus zich?

Vanaf vijf tot zes weken gaat de foetus zich bewegen. De eerste bewegingen zijn hikken en slikken. Na twaalf weken zijn vrijwel alle bewegingen aanwezig die ook na de geboorte aanwezig zijn. Vanaf 10 weken begint de foetus met ademen. Er komt niet echt lucht in de longen, maar de foetus beweegt de borstkas op en neer, als een soort oefening.

De visuele ervaring van de foetus is minimaal. Toch blijkt dat foetussen tijdens het laatste trimester visueel voorkeur hebben voor gezichten die recht op de buik gericht kijken ten opzichte van gezichten die op de kop staan. De foetus ervaart veel tactiele stimulatie door de eigen bewegingen, waarbij eigen lichaamsdelen elkaar en de baarmoederwand raken. Het vruchtwater heeft verschillende smaken, de foetus kan deze detecteren en heeft ook voorkeur voor verschillende smaken. Het vruchtwater kan ook geuren meebrengen van wat de moeder heeft gegeten, deze geuren worden opgevangen door de foetus. De foetus hoort daarnaast van alles, zoals de hartslag van de moeder, haar ademen, haar slikken en haar stem. In het laatste trimester kan de foetus geluiden uit de omgeving opnemen.

Hoe leert de foetus?

In de laatste drie maanden leert de foetus van ervaringen, nadat het centrale zenuwstelsel voldoende is ontwikkeld om leren te ondersteunen. Habituatie is een simpele vorm van leren waarbij een vermindering in respons ontstaat door herhaalde of blijvende stimulatie. Dishabituatie ontstaat wanneer er een perceptuele verandering in de stimulus ontstaat, waardoor er weer interesse komt. Deze twee vormen van leren komen beide voor in de baarmoeder en herinneringen hieraan blijven na de geboorte bestaan.

Fylogenetische continuïteit is het idee dat, vanwege onze zelfde evolutionaire geschiedenis, mensen veel karakteristieken, gedragingen en ontwikkelingsprocessen delen met andere dieren, voornamelijk zoogdieren. Deze assumptie ligt ten grondslag aan dieronderzoek. Dankzij muizenonderzoek weten we bijvoorbeeld dat alcohol tijdens de zwangerschap de foetale alcoholspectrumstoornis kan veroorzaken. Op deze manier is ook duidelijk geworden dat de geur van vruchtwater bij muizen op de tepels zit, waardoor de baby's de tepels kunnen vinden.

Welke ongelukken kunnen er gebeuren tijdens de prenatale ontwikkeling?

Het is mogelijk dat er iets fout gaat tijdens de zwangerschap, zoals een miskraam. Genetische factoren kunnen ook een rol spelen bij een zwangerschap die niet helemaal goed verloopt.

Omgevingsfactoren spelen een belangrijke rol tijdens de zwangerschap. Teratogenen zijn externe stoffen die schade kunnen aanrichten aan de ongeboren baby tijdens de zwangerschap. Het kan zelfs het geval zijn dat deze schadelijke stoffen de ongeboren baby doden. Het is echter een kwestie van timing. Wanneer deze giftige stoffen in beeld komen tijdens de zogenaamde gevoelige periode, kunnen zij meer schade veroorzaken dan wanneer deze giftige stoffen buiten de gevoelige periode in beeld komen. De gevoelige periode is een periode waarin de ontwikkeling van de baby het meest gevoelig is voor externe factoren. Voor verschillende systemen bestaan verschillende sensitieve periodes. Zo is de sensitieve periode voor de ontwikkeling van het centrale zenuwstelsel voornamelijk tussen de drie en vijf weken. De sensitieve periode voor de ontwikkeling van het gehemelte is tussen de 7 en 8 weken, waarna het zich nog verder ontwikkelt. Naast de timing, is ook de duur van blootstelling en hoeveelheid van giftige stoffen van belang voor de zwangerschap. De meeste teratogenen laten namelijk een dosis-reactierelatie zien. Dit is een relatie waarbij de effecten van blootstelling aan giftige stoffen stijgen met de mate van blootstelling. Ofwel: hoe meer blootstelling aan teratogenen de foetus heeft, hoe ernstiger het effect hiervan op de foetus is. De effecten kunnen ook afhankelijk zijn van individuele verschillen. Daarnaast zijn de effecten soms pas zichtbaar na jaren.

Depressie tijdens de zwangerschap kan leiden tot problemen bij het kind, zoals sociale en cognitieve problemen. Echter, ook medicijnen om depressie te behandelen, vooral SSRI's, kunnen nadelige effecten hebben op de baby, zoals een latere diagnose autisme. Dit maakt het erg lastig. Gedragsinterventies beloven veel goeds om perinatale depressie te behandelen.

Het gebruik van opioïden tegen pijn kunnen de foetus ernstig beschadigen. Foetussen kunnen het neonatale abstinentiesyndroom (NAS) krijgen, waarbij er een vorm van ontwenningsverschijnselen wordt gezien, doordat de foetus verslaafd geraakt is aan de opioïden.

Illegale drugs zijn gevaarlijk voor de prenatale ontwikkeling, doordat ze invloed hebben op het ontwikkelende brein van de foetus. Marihuana is een drug die vaak wordt gebruikt en geassocieerd is met problemen met onder andere aandacht, leren en geheugen op latere leeftijd.

Ook (mee)roken heeft negatieve effecten op de foetus. De foetus krijgt minder zuurstof. Het kind heeft op latere leeftijd meer kans op problemen als een lager IQ, gehoorproblemen, ADHD en kanker.

De consumptie van alcohol tijdens de zwangerschap kan de foetale alcoholspectrumstoornis (FASD) tot gevolg hebben, wat kan leiden tot het foetale alcoholsyndroom (FAS) waarbij de baby gekenmerkt wordt door gezichtsmisvormingen.

Vervuiling van de omgeving kan ook zorgen voor beschadigingen aan de foetus. Zo bevatten de lichamen en het bloed van de meeste Amerikaanse vrouwen een mix van giftige metalen, synthetische hormonen, plastic, pesticiden en herbiciden die teratogenisch kunnen zijn.

Ook kenmerken van de moeder kunnen van invloed zijn op de prenatale ontwikkeling, onder andere zijn dit leeftijd, voedingsstatus, gezondheid en het stressniveau. Echter is postnatale stress een grotere voorspeller van latere uitkomsten voor het kind dan prenatale stress.

Kinderen die geboren worden bij meisjes van 15 jaar of jonger, hebben drie tot vier keer zoveel kans om te sterven in het eerste levensjaar dan kinderen van moeders tussen de 23 jaar en 29 jaar. Als een moeder niet genoeg binnenkrijgt van bepaalde vitamines of voedingsstoffen kan dat ernstige consequenties hebben. Sommige ziektes hebben ook invloed op de foetus. Zo kan HIV overgegeven worden aan het kind. Het Zikavirus is een ander bekend voorbeeld. Dit virus leidt tot microcefalie bij het kind, wat tot verschillende problemen leidt. Als de moeder hoge stresslevels heeft tijdens de zwangerschap, is de kans op gedragsproblemen in de kindertijd groter. Het is lastig te bepalen of dit alleen door de stress komt, aangezien er vaak meerdere factoren betrokken zijn.Yoga en meditatie blijken goed te zijn voor zowel het kind als de moeder.

Het suddan infant death syndrome (SIDS) is de plotselinge, onverwachte dood van een kind jonger dan een jaar dat geen identificeerbare reden heeft. Een hypothese is dat er sprake is van een inadequate reflexieve respons op blokkering van de ademhaling. Daarom wordt aanbevolen om baby's op hun rug te laten slapen en te zorgen voor een stevig matras zonder kussen. Ook zouden ouders niet moeten roken. Kinderen die borstvoeding krijgen of op een speen zuigen, hebben minder kans op SIDS. Daarnaast kan het verstandig zijn om het kind in dezelfde kamer te laten slapen.

Hoe verloopt de geboorte?

De spieren van de baarmoeder trekken samen bij ongeveer 38 weken zwangerschap. Dit worden weeën genoemd. De moeder krijgt vaak pijnbestrijding bij de geboorte. Dit heeft geen invloed op de baby, maar kan wel de duur van de bevalling verlengen en er kunnen meer instrumenten nodig zijn. Tijdens de geboorte doet het spannen van de baarmoeder de baby geen pijn, maar de moeder ervaart dit wel als pijn. Het spannen zorgt voor het verwijderen van de baarmoedervloeistof uit de longen van de baby. Zo kan de baby (als het goed gaat) vlak na de geboorte voor het eerst ademen. Dit doen baby’s door te gaan huilen.

Tussen culturen zijn veel verschillen in gedragingen rondom de geboorte. Alle culturen zorgen voor de overleving en gezondheid van het kind en zijn sociale integratie.

Hoe gedraagt een pasgeboren baby zich?

De staat van arousal houdt het niveau van mentale alertheid of bewustzijn in, zoals hele diepe slaap of juist intense activiteit. Er zijn twee pasgeboren 'staten' die voornamelijk interessant zijn: slapen en huilen. Slaap bestaat uit een REM-slaap en een non-REM-slaap. REM-slaap houdt een actieve slaap in die gekenmerkt wordt door snelle oogbewegingen achter de oogleden. Dit wordt geassocieerd met dromen bij volwassenen. Non-REM-slaap houdt een rustige en diepe slaap in die gekenmerkt wordt door langzame hersengolven, rustige ademhaling, een rustige hartslag en afwezigheid van motorische activiteit en oogbewegingen. Hoe ouder een kind wordt, hoe minder slaap het kind nodig heeft.

Baby’s huilen om verschillende redenen, ziekte, pijn en honger kunnen redenen zijn. Een veel gebruikte kalmeringstechniek is inbakeren, waarbij de baby strak wordt ingepakt in een deken of kleding. Dit zorgt voor continue tactiele stimulatie en warmte. Iets zoets in de mond van de baby stoppen heeft ook een kalmerend effect. Uit onderzoek blijkt dat het niet uitmaakt of er direct wordt gereageerd op het huilen van een kind of dat het huilen genegeerd wordt, in beide gevallen zal het kind in de toekomst minder huilen. Als een baby excessief en ontroostbaar huilt, zonder enige reden, wordt dit koliek genoemd.

Welke negatieve gebeurtenissen kunnen er plaatsvinden bij de geboorte?

In de meeste gevallen komen baby’s gezond en wel op de wereld. Soms is dit niet het geval. Het meest ernstige geval is de dood van een geboren baby in het eerste levensjaar. Dit wordt zuigelingdood genoemd. Door verbeteringen in de gezondheidszorg komt dit echter de laatste jaren steeds minder voor. Een ander negatief gevolg na de geboorte kan een laag gewicht bij de geboorte zijn. Dit laag geboortegewicht (LBW) wordt gekenmerkt door een gewicht van 2,5 kilo of minder. Redenen van een laag geboortegewicht kunnen zijn: een te vroeg geboren baby (zwangerschap van 35 weken of korter in plaats van 38 weken, ook wel prematuur genoemd), of de baby is te klein geboren (small for gestational age). Dit kan gevolgen hebben op langere termijn, zoals op sociaal gebied of in de vorm van leerproblemen. Om deze gevolgen te voorkomen wordt fysiek contact met de pasgeboren baby vaak vermeden, vanwege het risico op infecties. Echter, de meerderheid van baby’s met een laaggeboortegewicht overleeft het goed, zonder dat er problemen ontstaan later in de ontwikkeling. Vandaag de dag is er meer consensus over dit onderwerp in de wetenschap, en zetten we in op interventies die het fysieke contact tussen ouders en de baby maximaliseren. Vaak krijgen baby’s met een laag geboortegewicht massagetherapie.

Een andere negatieve invloed na de geboorte is armoede of een lage SES (socio-economische status). Dit kan leiden tot een minder positieve ontwikkeling van de baby. Volgens het multipele risicomodel heeft de baby meer problemen in de ontwikkeling als er meerdere risicofactoren aanwezig zijn bij de geboorte. Echter, als er sprake is van verschillende risicofactoren, wil dit nog niet zeggen dat er ook altijd een negatieve ontwikkeling ontstaat. Dit wordt de ontwikkelingsveerkracht genoemd. Ofwel: een succesvolle ontwikkeling ondanks het veelvoud aan risico’s dat van invloed is na de geboorte. 

Image

Access: 
Public

Image

Join: WorldSupporter!

Join with a free account for more service, or become a member for full access to exclusives and extra support of WorldSupporter >>

Check: concept of JoHo WorldSupporter

Concept of JoHo WorldSupporter

JoHo WorldSupporter mission and vision:

  • JoHo wants to enable people and organizations to develop and work better together, and thereby contribute to a tolerant and sustainable world. Through physical and online platforms, it supports personal development and promote international cooperation is encouraged.

JoHo concept:

  • As a JoHo donor, member or insured, you provide support to the JoHo objectives. JoHo then supports you with tools, coaching and benefits in the areas of personal development and international activities.
  • JoHo's core services include: study support, competence development, coaching and insurance mediation when departure abroad.

Join JoHo WorldSupporter!

for a modest and sustainable investment in yourself, and a valued contribution to what JoHo stands for

Check: how to help

Image

 

 

Contributions: posts

Help others with additions, improvements and tips, ask a question or check de posts (service for WorldSupporters only)

Image

Image

Share: this page!
Follow: Social Science Supporter (author)
Add: this page to your favorites and profile
Statistics
2710
Submenu & Search

Search only via club, country, goal, study, topic or sector