Pedagogy and education - Theme
- Login of registreer om te kunnen reageren
- 19847 keer gelezen
De laatste jaren is er meer nadruk op het begrijpen van de werkzame elementen, de relevantie en de fit van psychologische behandelingen binnen de praktijk. De werkzame elementen van een behandeling kunnen op veel verschillende manieren onderzocht worden. Zo kan er worden gekeken naar de intensiteit, de focus of de theoretische onderbouwing van verschillende behandelingen. Er bestaat echter nog geen systematische review van de klinische strategieën die horen bij evidence-based behandelingen. Er is veel onderzoek gedaan naar de resultaten van behandelingen, maar er zijn weinig aanbevelingen over het definitieve analyseniveau. Vroeger werden behandelingen als geheel onderzocht en werden er uitspraken gedaan over of de behandeling als geheel effectief was. Tegenwoordig is het analyseniveau vaak het behandelingsprotocol in plaats van de theorie of de werkzame ingrediënten van een behandeling. Het is echter belangrijk om te weten welke specifieke strategieën van behandelingen effectief zijn. Dit zal bijdragen aan kennis over behandelingen en over de onderliggende mechanismen. Deze strategieën worden daarom onderzocht in dit onderzoek.
Het destillatie en matchingmodel (DMM) kan worden gebruikt om strategieën die horen bij evidence-based behandelingen te beschrijven. Ook beschrijft het de consequenties van het gebruik van protocollen als analyseniveau. Binnen dit model wordt er gebruik gemaakt van frequentiepatronen in behandeltechnieken om een distillatietabel op te stellen. Deze tabel organiseert geselecteerde literatuur op basis van een aantal vooraf geselecteerde variabelen (zoals stoornistype, leeftijd, etniciteit). Het model is ontworpen om een overzicht te krijgen van de behandelpraktijken die gunstige resultaten opleveren, begrip te bevorderen van de relaties tussen behandelingen en cliënt- of contextvariabelen, en het genereren van hypotheses over mogelijke voorschriften die toegepast kunnen worden in nieuwe situaties.
Voor dit onderzoek werd een uitgebreide enquête gehouden onder 322 gerandomiseerde onderzoeken naar belangrijke psychische stoornissen bij kinderen en adolescenten. De DMM werd hierbij gebruikt. Dit omvat het gebruik van een uitgebreide set van codes om de behandelingen te categoriseren volgens specifieke therapeutische procedures die worden gebruikt. Zo worden factoren die mogelijk van invloed zijn op de behandelingseffectiviteit, zoals probleemtype, leeftijd, geslacht en etniciteit onderzocht. Er werd verder gebruik gemaakt van gestandaardiseerde vragenlijsten met bewezen betrouwbaarheid om de gegevens te verzamelen. Op basis hiervan kunnen er expliciete beslissingen genomen worden over de afbakening van de literatuur. De resultaten worden gepresenteerd in een distillatietabel die de behandelingen rangschikt op basis van de mate van bewijs uit de onderzoeksgegevens.
De resultaten tonen aan dat behandelingen worden gekenmerkt door een groot aantal praktijkelementen die aanzienlijk variëren afhankelijk van verschillende variabelen van interesse. Het probleemgebied van het kind was de primaire factor waarmee de componentpraktijken van effectieve behandelingen werden georganiseerd, wat enige empirische ondersteuning biedt voor de traditionele "stoornisgestuurde" benadering van andere beoordelingen. Een klinische implicatie van de resulterende praktijkpatronen is dat ze kunnen dienen als gids voor:
De bevindingen suggereren ook dat bij het selecteren van behandelingen special cases een grotere rol zouden moeten spelen in het behandelingsselectie proces. Dit houdt in dat bij het plannen van de behandeling van een 13-jarige met autisme, men niet alleen naar de evidence base van zeven gerandomiseerde onderzoeken moet kijken, maar ook naar een enkele-case studie waarvan de populatievergelijkbaar was en waarvan de behandelpraktijken verschillend waren van de grotere autisme-literatuur. Op dezelfde manier zou men bij het werken met Aziatische gezinnen moeten overwegen om trots op te nemen als factor, gezien de bevinding dat het trainen van ouders om vaker trots uit te spreken naar hun kinderen in studies naar angstbehandelingen met Aziatische kinderen effectief blijkt. Het DMM biedt zo een definitie van de hiërarchische sets vanuit de literatuur waar clinici gebruik van kunnen maken. Dit artikel was de eerste wetenschappelijke poging om de componenten van evidence-based praktijken breed in de literatuur te onderzoeken, en het vertegenwoordigt een nieuwe weg voor het in kaart brengen van een literatuur die in de loop van de tijd steeds complexer zal worden. Het artikel beschrijft een patroon waarbij succesvolle behandelingen die verschillen in samenstelling zichzelf organiseren in clusters die in de eerste plaats overeenkomen met problematische gebieden van het kind. Binnen problematische gebieden bestaan verschillende speciale gevallen, wat suggereert dat sommige kindkenmerken geassocieerd zijn met een uniek patroon van behandeling. Het model heeft over het algemeen een werkende kaart van de literatuur geproduceerd die snel zowel de clinici als onderzoekers wijst op grotere collecties van relevante onderzoeksgroepen en het kleine aantal uitzonderingen dat relevant kan zijn bij de behandelingselectie of het ontwerp. In vergelijking met de huidige traditie om alleen te generaliseren vanuit rationeel gedefinieerde probleemgebieden, toont het DMM duidelijker wanneer de literatuur van toepassing kan zijn op een specifieke subgroep, evenals wanneer die literatuur een uniek patroon van praktijken heeft gedefinieerd.
Join with a free account for more service, or become a member for full access to exclusives and extra support of WorldSupporter >>
JoHo WorldSupporter mission and vision:
JoHo concept:
Volunteering: WorldSupporter moderators and Summary Supporters
Volunteering: Share your summaries or study notes
Student jobs: Part-time work as study assistant in Leiden
Search only via club, country, goal, study, topic or sector
Select any filter and click on Search to see results