Signaleringslijsten psychische problematiek bij jeugdigen (2006) - Valenkamp et.al. - Artikel

In dit artikel worden een aantal signaleringslijsten besproken. Deze lijsten zijn erg beknopt (zijn door adolescenten/ouders/leerkrachten binnen 20 minuten in te vullen) en gaan over psychische problemen bij jeugdigen. Ze zijn bedoeld voor snelle selectie van deze jeugdigen, zodat ze in aanmerking komen voor psychodiagnostisch onderzoek, preventie- en behandelprogramma’s of wetenschappelijk onderzoek. De zesmaandsprevalentie van een DSM-III-R stoornis in Nederland was bij beoordeling door ouders en adolescent respectievelijk 21.8% en 21.5%. Bij een groot deel van de kinderen is sprake van chronische psychopathologie. Voor de evaluatie van deze stoornissen kan gebruik worden gemaakt van een aantal vragenlijsten. Gestandaardiseerde vragenlijsten maken het mogelijk met weinig inspanningen een onderscheid te maken tussen personen die wel en niet tot de doelgroep van preventieprogramma’s of wetenschappelijk onderzoek behoren. Dit is goedkoop en dus erg gewenst voor snelle diagnose. Er worden dus een aantal Nederlandse en internationale vragenlijsten besproken die binnen 20 minuten in te vullen zijn. Het zijn niet alleen instrumenten die stoornissen ‘opsporen’, maar ook klachten in beeld brengen. De klachten worden in beeld gebracht, omdat daar soms ook behandeling voor nodig is.

Ontwerpen van signaleringslijsten

Er zijn twee manieren voor het ontwerpen van diagnostische instrumenten die psychische probleemgebieden signaleren.

De psychometrische onderzoeksbenadering

De kenmerken van een grote groep mensen worden systematische geanalyseerd d.m.v. factoranalyse. Daarna wordt de samenhang tussen deze kenmerken bepaald. Wanneer kenmerken samenhangen worden ze een empirische syndroom genoemd. De Child Behavior CheckList (CBCL) is één van de meest bekende vragenlijsten die op deze manier is ontworpen

De consensusbenadering

Bij deze benadering wordt geprobeerd op basis van overeenstemming tussen clinici te

komen tot algemeen geaccepteerde categorieën van psychische stoornissen. Deze benadering komt ook terug in de bekende classificatiesystemen, zoals de ICD-10 en de DSM-IV.

Mensen zijn zich ervan bewust geworden dat een combinatie van de psychometrische onderzoeksbenadering en de consensusbenadering waardevolle en elkaar aanvullende informatie verschaft.

Betrouwbaarheid en validiteit

De nauwkeurigheid van een instrument wordt bepaald door de betrouwbaarheid en validiteit. Betrouwbaarheid wordt over het algemeen omschreven als de herhaalbaarheid van de meting en interne consistentie van de onderlinge items. Validiteit wordt omschreven als de mate waarin het instrument het construct meet wat het beoogt te meten.

Een opvallende eigenschap van signaleringsinstrumenten is de predictieve validiteit: wat is bij positieve testuitslag de kans dat een persoon in een bepaalde populatie daadwerkelijk aan de aandoening lijdt? Sensitiviteit en specifiteit zijn ook een onderdeel van de predictieve validiteit. Sensitiviteit is of het instrument ook echt mensen met een psychische stoornis eruit filtert. En specifiteit van een instrument laat zien dat gezonden mensen die door het instrument gemeten worden een normale score hebben.

In de Receiver Operating Characteristic (ROC)-curve wordt de sensitiviteit van de test op de y-as uitgezet tegen de specificiteit op de x-as. De oppervlakte onder de curve (AUC; area under the curve) representeert de kans waarmee een individu juist wordt geclassificeerd.

Meestal daalt de sensitiviteit als de specificiteit stijgt en vice versa.

Korte gestandaardiseerde signaleringslijsten in Nederland ontwikkeld

We beperken ons tot een overzicht van korte, gestandaardiseerde en generieke signaleringsvragenlijsten die niet door zorgprofessionals zijn in te vullen, maar die direct informatie verzamelen bij ouders, adolescenten en/of leerkrachten.

  • De DSM-IV Vragenlijst vraagt bij ouders, leerkrachten en adolescenten de aanwezigheid van de criteria van diverse DSM-IV-stoornissen na. De lijst is bedoeld voor zes- tot en met achttienjarigen. Hij is ontwikkeld volgens de consensusbenadering. Vervolgens zijn met factoranalyse de schalen samengesteld. De sensitiviteit van psychische problematiek is 87% met een specificiteit van 85%. De sensitiviteit voor een angststoornis is 80% en de specificiteit is 77%
  • Klachtenlijst voor Adolescenten inventariseert de gedrags- en relationele moeilijkheden van adolescenten (12-18 jaar). Het instrument bestaat uit 60 items en 9 schalen. Er is een versie voor ouders, leerkrachten of begeleiders en voor de adolescent zelf. De KLAD is gebaseerd op de DSM-IV.
  • De Korte Indicatieve Vragenlijst voor Psychosociale problematiek meet psychosociale problemen bij twaalf- tot en met achttienjarigen en wordt ingevuld door de adolescenten zelf. Het instrument brengt het zelfbeeld in kaart en beslaat voornamelijk internaliserende problematiek. De sensitiviteit van de totale probleemscore van de KIVPA bij een afkappunt van zes in de algemene populatie is 82% en de specificiteit 85%.
  • Voor zeven- tot twaalfjarigen is de vragenlijst voor Psychosociale problematiekin de Bovenbouw van het Basisonderwijs (PSYBOBA) ontwikkeld. Voor de ontwikkeling van de PSYBOBA is gebruik gemaakt van bestaande vragenlijsten. De vragenlijst heeft een sensitiviteit van 73%-86% en een specificiteit van 88%-91%.

Vertaalde en genormeerde vragenlijsten voor Nederland

  • De Achenbach System of Empirically Based Assessment lijsten (ASEBA). Voor ouders of verzorgers van twee tot en met achttienjarigen is er de Child Behavior Checklist (CBCL) en voor de leerkrachten de Teacher’s Report Form (TRF). De Youth Self-Report (YSR) is de zelfbeoordelingsversie voor adolescenten van elf tot en met achttien jaar. De ASEBA-lijsten brengen de sociale adaptatie en emotionele en gedragsproblemen in kaart. Er kan een score worden berekend op de internaliserende en externaliserende probleemschaal en er kan een totale score berekend worden. De AUC voor de Nederlandse versie van de CBCLvarieert tussen de 86% en 88% en voor de YSR tussen de 67 en 74%. Naast de oorspronkelijke probleemschalen kennen de ASEBA-lijsten nu DSM-IV georiënteerde schalen die met de oorspronkelijke CBCL-items kunnen worden gescoord.
  • De Direct Observation Form komt van de ASEBA familie. Met dit formulier is het mogelijk om de rapportage van de respondent aan te vullen of te vergelijken met observaties in de klas. Het Semistructured Clinical Interview for Children and Adolescents is een semigestructureerd interview dat door een clinicus is af te nemen. Afname duurt 60 tot 90 minuten. De Test Observation Form is ontwikkeld om observaties van twee- tot achttienjarigen tijdens testsituaties door clinici te registreren.
  • Het Machine Aided Diagnosis-systeem is een computerprogramma dat gegevens uit de ASEBA-lijsten omrekent tot mogelijke DSM-IV-classificaties. Hiervoor zijn aan de ASEBA-lijsten enkele items toegevoegd. Tevens is er een checklist die door de diagnosticus is in te vullen. Het heeft een sensitiviteit van 82% en een specificiteit van 78%.
  • De Strengths and Difficulties Questionnaire bouwt voort op de Rutter-schalen die binnen de consensustraditie zijn ontwikkeld. De Rutter-schalen zijn aangepast en er zijn items aan toegevoegd. Er is een versie voor ouders en leerkrachten van vier- tot en met zestienjarigen en een zelfbeoordelingsversie voor adolescenten van elf tot en met zestien jaar. De SDQ heeft vijf probleemschalen en een totale probleemscore, die een algemene voorspelling van de aanwezigheid van psychischeproblematiek geeft. De uitgebreide versie van de SDQ heeft naast de 25 items een kort ‘impact supplement’, waarmee een inschatting wordt gemaakt van de ernst, duur en de gevolgen van de problematiek voor het functioneren van de jeugdige en sociale omgeving.

Vertaalde, maar nog niet genormeerde vragenlijsten voor Nederland

  • De Child Symptom Inventories brengen een grote verscheidenheid aan DSM-IV stoornissen in kaart. Er zijn leeftijdsgerelateerde versies voor ouders, leerkrachten en adolescenten.
  • Conners’ Rating Scale-Revised. De lange versie brengt internaliserende en externaliserende problemen in kaart. De korte versie alleen externaliserende problemen. Het instrument is in staat een onderscheid te maken tussen klinische en normale groepen.
  • De DISC Predictive Scales (DPS-4) heeft twaalf probleemschalen die zijn opgebouwduit de stamvragen van de Diagnostic Interview Schedule for Children. Naast de 42 vragen heeft de DPS-4 32 vragen om de problematiek verder uit te vragen. Er is een ouderversie voor kinderen en adolescenten van zes tot en met achttien jaar en een zelfbeoordelingsversie voor acht- tot en met achttienjarigen.
  • De Pediatric Symptom Checklist (PSC) is ontwikkeld om kinderen en adolescenten met psychosociale problemen te signaleren. De PSC heeft alleen een totale probleemschaal. Er is een ouderversie voor ouders van twee- tot en met zestienjarigen. Voor de elf- tot en met zestienjarigen is er een zelfbeoordelingsvragenlijst. Er wordt gewerkt aan een leerkrachtversie. De vragenlijst heet een sensitiviteit van 72%-78% en een specificiteit van 79%-91%.
  • De SymptomChecklist-90 Revised (SCL-90-R) is een zelfbeoordelingsvragenlijst voor personen vanaf twaalf jaar. De vragenlijst hoort bij de psychometrische en de consensusbenadering. De Nederlandse versie heeft acht probleemschalen die door factoranalyse tot stand zijn gekomen. Bovendien kent de Nederlandse versie een algemene maat voor psychisch disfunctioneren.
  • De Amerikaanse SCL-90 kent ook de Brief Symptom Inventory (BSI). Deze meet met 53 items dezelfde dimensies als de langere SCL-90. Afname neemt minder dan 15 minuten in beslag. Van de BSI zijn kortere versies (tot 28 items) in onderzoek. Aanvullend op de SCL-90 bestaan enkele observatieschalen voor clinici, maar deze zijn nog niet in Nederland beschikbaar.

Zes signaleringslijsten die nog niet vertaald zijn naar het Nederlands

  • Het Behavioral Assessment System for Children (BASC) brengt psychopathologie, zelfperceptie en persoonlijkheidsaspecten voor tweeënhalf tot achttienjarigen in kaart. Naast een ouder- en leerkrachtversie is er voor acht- tot achttienjarigen een zelfbeoordelingslijst. Er is tevens een observatiesysteem, waarmee een clinicus het gedrag van het kind of de adolescent in de klas kan scoren.
  • De Devereux Scales of Mental Disorders (DSMD) brengen zes specifieke probleemgebieden in kaart, welke zijn terug te brengen tot de schalen internaliseren, externaliseren en kritieke pathologie. Er zijn verschillende leeftijdsgerelateerde versies voor ouders en leerkrachten.
  • De Eyberg Child Behavior Inventory voor ouders en de Sutter-Eyberg Student Behavior Inventory-Revised voor leerkrachten (ECBI/SESBI-R) signaleren externaliserend gedrag bij kinderen en adolescenten op de leeftijd van twee tot en met zestien jaar. Het gaat hier om gedragsstoornissen, agressie en aandachtsproblemen. Ook kan er een totale ernstscore en totale probleemscore worden verkregen.
  • Een instrument om DSM-III-R-stoornissen te signaleren, de Ontario Child Health Study Scales (OCHS-R scales). De ASEBA-lijsten verschaften de belangrijkste pool van items, die volgens de consensustraditie werden gekozen om de DSM-III-R-syndromen te representeren. Waar nodig zijn nieuwe items toegevoegd. De lijst is bedoeld voor ouders en leerkrachten van vier- tot zestienjarigen en daarnaast is er een zelfrapportage versie voor twaalf- tot zestienjarigen. Afname van deze versies duurt ongeveer vijftien minuten.
  • De Revised Behavior Problem Checklist (RPBC) is bedoeld om psychopathologie te signaleren bij vijf- tot en met achttienjarigen. De RPBC heeft zes probleemschalen. Er is een ouder- en leerkrachtversie.
  • Bij de Revised Rutter Scales worden psychische problematiek en prosociaal gedrag van drie- tot en met zestienjarigen nagevraagd. Er zijn ouder- en leerkrachtversies voor verschillende leeftijdscategorieën. De Revised Rutter Scales bestaan uit vier probleemschalen en een totale probleemschaal.

Conclusie

De ASEBA vragenlijsten worden in de GGZ-instellingen vaak gebruikt. De SDQ wordt steeds populairder, vooral omdat deze erg kort is en

 

Image

Access: 
Public

Image

Join WorldSupporter!

Join with a free account for more service, or become a member for full access to exclusives and extra support of WorldSupporter >>

Check: concept of JoHo WorldSupporter

Concept of JoHo WorldSupporter

JoHo WorldSupporter mission and vision:

  • JoHo wants to enable people and organizations to develop and work better together, and thereby contribute to a tolerant and sustainable world. Through physical and online platforms, it supports personal development and promote international cooperation is encouraged.

JoHo concept:

  • As a JoHo donor, member or insured, you provide support to the JoHo objectives. JoHo then supports you with tools, coaching and benefits in the areas of personal development and international activities.
  • JoHo's core services include: study support, competence development, coaching and insurance mediation when departure abroad.

Join JoHo WorldSupporter!

for a modest and sustainable investment in yourself, and a valued contribution to what JoHo stands for

Image

 

 

Contributions: posts

Help other WorldSupporters with additions, improvements and tips

Image

Image

Follow the author: Vintage Supporter
Share this page!
Statistics
1201 1
Submenu & Search

Search only via club, country, goal, study, topic or sector