Bestuursrecht in de sociale rechtsstaat - Schlossels - 6e druk - BulletPoints

Hoofdstuk 1

Het bestuursrecht kent twee niveaus:

  • Het macroniveau (algemene beslissingen)

  • Het microniveau (concrete beslissingen)

Het bestuursrecht wordt gekenmerkt door:

  • De uitoefening van de door de wetgever toegekende bevoegdheden

  • De mogelijkheid voor de burger om bezwaar te maken tegen bepaald overheidsoptreden

Een democratische rechtsstaat kent de volgende vereisten:

  • De overheid is gebonden aan het recht

  • Het recht is middels democratische middelen tot stand gekomen

  • De overheid mag uitsluitend handelen ter verwerkelijking van het recht, op basis van het recht en in overeenstemming met het recht

De drie dimensies voor het beoordelen van overheidshandelen zijn:

  • De democratische dimensie

  • De dimensie van de liberale rechtsstaat

  • De dimensie van de sociale rechtsstaat

De democratische dimensie kan onderverdeeld worden in:

  • Beslissen door algemeen vertegenwoordigende organen

  • Kiesrecht

  • Politieke verantwoordelijkheid

  • Decentralisatie

  • Inspraak

  • Politieke burgerschapsrechten

  • Openbaarheid

Het beginsel dat burgers inspraak dienen te hebben kent drie elementen:

  • Ten eerste dient er een georganiseerde gelegenheid te zijn voor de bevolking om meningen en gedachten te uiten

  • Ten tweede dient de bevolking in de gelegenheid te worden gebracht om in discussie te treden met bestuurders en ontwerpers

  • Ten derde mag de bevolking verwachten dat de uitkomst van deze discussie binnen redelijke grenzen van invloed zal zijn op de uiteindelijk te nemen beslissing

De drie functies van het bestuursrecht zijn:

  • De instrumentele functie

  • De legitimerende functie

  • De waarborgfunctie

De twee belangrijkste rechtsgebieden zijn:

  • Het publiekrecht; de verhouding tussen overheid en burger

  • Het privaatrecht; de verhouding tussen burgers onderling

Drie belangrijke vragen bij de verhouding tussen het bestuursrecht en andere rechtsgebieden zijn:

  • Is het privaatrecht het gemeenschappelijke recht?

  • In hoeverre mag het bestuur gebruik maken van van bevoegdheden die hem krachtens het privaatrecht toekomen?

  • Hoe dient de verhouding tussen de burgerlijke rechter en de bestuursrechter te zijn bij het beoordelen van het overheidsoptreden?

Hoofdstuk 2

Het bestuursrecht kan onderverdeeld worden in:

  • Het materiële bestuursrecht

  • Het formele bestuursrecht

Het bestuursrecht bestaat uit twee delen:

  • Het algemene deel

  • Het bijzondere deel

Het bijzonder deel van het bestuursrecht bevat de volgende elementen:

  • Wetgeving

  • Organisatie

  • Nadere regelgeving

  • Uitvoering

  • Handhaving

  • Rechtsbescherming

De doelen die beoogd worden met de Algemene wet bestuursrecht zijn:

  • Harmonisatie

  • Systematiek

  • Codificatie

  • Soelaas bieden aan onderwerpen die niet geregeld kunnen zijn in een bijzondere wet

De vier niveaus van harmonisatie zijn:

  • Bepalingen van regelend recht

  • Bepalingen van aanvullend recht

  • Bepalingen van dwingend recht

  • Bepalingen van facultatief recht

Het Europees bestuursrecht ziet op:

  • Het recht dat geldt tussen de instellingen van de Unie, de lidstaten en de Europese burgers

  • Het geheel van rechtsnormen uit het Europese Unierecht die het nationale bestuursrecht inkleuren

  • De beginselen die afgeleid kunnen worden uit het EVRM

De Europese doorwerkingsinstrumenten zijn:

  • De rechtstreekse werking

  • De conforme interpretatie

  • De Frankovich-aansprakelijkheid

Hoofdstuk 3

Het bestuursrecht kan aan de hand van de volgende begrippen worden gestructureerd:

  • Bestuursorgaan en bestuursbevoegdheid

  • Belanghebbende

  • Bestuurshandeling

  • Bestuursrechtelijke rechtsbescherming

Bestuursorganen kunnen worden onderverdeeld in:

  • A-organen

  • B-organen

Onder bestuursbevoegdheden vallen:

  • Beschikkingsbevoegdheden

  • Wetgevende en regelgevende bevoegdheden

  • Feitelijke bevoegdheden

Bij de eis van een wettelijke grondslag kan onderscheid worden gemaakt tussen:

  • Het legaliteitsvereiste

  • Het legaliteitsbeginsel

Er kunnen vier verschillende manieren van bevoegdheidsverkrijging worden onderscheiden:

  • Attributie

  • Delegatie

  • Mandaat

  • Bevoegdheidsverkrijging op basis van een ongeschreven grondslag

Bestuursbevoegdheid bestaat uit verschillende aspecten:

  • Ten eerste is er een normadressaat/normsubject

  • Ten tweede is er een normconditie

  • Ten derde is er een normobject, de toegekende bevoegdheid

  • Tot slot is er de normoperator

Bij de bestuurlijke beslissingsruimte kan onderscheid worden gemaakt tussen:

  • De beoordelingsruimte

  • De normconditie

  • De beleidsvrijheid

  • De normoperator

Het beoordelen van een normconditie bestaat uit drie aspecten:

  • Ten eerste dient de wet te worden uitgelegd, wetsinterpretatie

  • Ten tweede dienen feiten te worden vastgesteld

  • Tot slot dienen feiten te worden gekwalificeerd; subsumptie

Hoofdstuk 4

De vereisten voor een belanghebbende zijn:

  • Het moet gaan om een persoon of entiteit

  • Er moet sprake zijn van een feitelijk belang

  • Er moet sprake zijn van een eigen belang

  • Een objectief bepaalbaar belang

  • Een actueel belang

  • Een rechtstreeks bij een besluit betrokken belang

Rechtspersonen kunnen belanghebbende zijn, indien:

  • Het gaat om een rechtspersoon (in de praktijk met name stichtingen en verenigingen)

  • Welke collectieve belangen behartigt

  • Op basis van een specifieke doelstelling

  • De behartiging van de collectieve belangen moet blijken uit de werkzaamheden

  • De rechtspersoon is gebonden aan de beoogde doelstelling

Het belangvereiste houdt in dat:

  • Je een eigen belang moet hebben, andermans belangen als de jouwe presenteren maakt je in de regel geen belanghebbende

  • Het belang objectief bepaalbaar is

  • Het belang actueel is

  • Het belang persoonlijk is

De internationale en Europese randvoorwaarden zijn:

  • Het recht op toegang tot de nationale rechter

  • Recht op effectieve rechtsbescherming

Hoofdstuk 5

Bestuurshandelingen kunnen onderscheiden worden in:

  • Feitelijke bestuurshandelingen

  • Rechtshandelingen

Rechtshandelingen kunnen onderscheiden worden in:

  • Privaatrechtelijke rechtshandelingen

  • Publiekrechtelijke rechtshandelingen

Een besluit kan omschreven worden als:

  • Een schriftelijke beslissing van een bestuursorgaan

  • Inhoudende een publiekrechtelijke rechtshandeling

Besluiten kunnen onderverdeeld worden in:

  • Zelfstandige besluiten

  • Zuivere schadebesluiten

  • Onzuivere schadebesluiten

  • Zelfstandige terugvorderingsbesluiten

Besluiten van algemene strekking zijn:

  • Het algemeen verbindend voorschrift

  • Beleidsregels

  • Plannen

  • Concretiserende besluiten van algemene strekking

  • Overige besluiten van algemene strekking.

De definitie van een beleidsregel bestaat uit 5 elementen:

  • Ten eerste dient er sprake te zijn van een besluit

  • Ten tweede is een beleidsregel een (algemene) regel niet zijnde een algemeen verbindend voorschrift.

  • Ten derde dient er sprake te zijn van een algemene regel

  • Ten vierde mag de beleidsregel alleen betrekking hebben op de afweging van belangen, de vaststelling van feiten of de uitleg van wettelijke voorschriften bij het gebruik van een bevoegdheid van een bestuursorgaan.

  • Tot slot dient de beleidsregel betrekking te hebben op de bestuursbevoegdheid.

Plannen kunnen onderscheiden worden in:

  • Wettelijke plannen

  • Buitenwettelijke plannen

Er zijn zes soorten oneigenlijke plannen:

  • Informatieve plannen

  • Mengvormen

  • Indicatieve plannen

  • Plannen die beschikkingen inhouden

  • Plannen die algemeen verbindende voorschriften inhouden

  • Plannen die beleidsregels inhouden

Hoofdstuk 6

Bestuursrechtelijke rechtsbescherming omvat:

  • De bestuursrechtspraak

  • De bestuurlijke voorprocedures

  • Rechtsbescherming tegen de overheid door de burgerlijke rechter

Het doel van de rechtsbescherming is:

  • Ten eerste het handhaven van het objectieve recht. ( ‘recours objectif’)

  • Ten tweede de bescherming van de rechten van burgers jegens de overheid tijdens een concreet geschil ( het ‘recours subjectif’).

Rechtsbescherming kan geboden worden door:

  • Bestuursorganen

  • Administratief beroep

  • Onafhankelijke rechters

Drie argumenten voor een afzonderlijke bestuursrechtspraak zijn:

  • Ten eerste het feit dat de toetsing van besluiten een ander procesrecht vereist dan de beoordeling van ( civiele) vorderingen

  • Ten tweede is de continue aanwezigheid van het algemeen belang en de belangen van derden aanwezig in bestuursrechtelijke geschillen

  • Ten derde is er sprake van ongelijkheid tussen overheid en burgers, en moet er sprake zijn van een laagdrempelige toegang tot de rechter

De volgende bijzondere bestuursrechtelijke rechtsgangen kunnen worden onderscheiden:

  • Eerste aanleg en hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep ( CRvB)

  • Eerste en enige aanleg bij de Centrale Raad van Beroep ( CRvB)

  • Eerste aanleg en hoger beroep bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven ( CBb).

  • Eerste en enige aanleg bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven ( CBb).

  • Eerste en enige aanleg bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State ( ABRvS).

  • Fiscale rechtsgang

  • Vreemdelingenrechterlijke rechtsgang(en).

  • Mulderzaken

Hoofdstuk 7

De bronnen van het bestuursrecht zijn:

  • De wet

  • De rechtspraak

  • De algemene beginselen van behoorlijk bestuur

De zogenaamde “goedbestuurbeginselen” kunnen ingedeeld worden in een zestal categorieën:

  • Behoorlijk bestuur

  • Transparant bestuur

  • Participatief bestuur

  • Verantwoordend bestuur

  • Effectief bestuur

  • Bestuur in relatie tot mensenrechten

Rechtsbeginselen kunnen onderverdeeld worden in:

  • Inrichtingseisen

  • Uitgangspunten

De voorbereidingsprocedure bestaat uit:

  • De aanvraag

  • De beslistermijn

  • De bekendmaking

Een beschikking kan ingetrokken worden:

  • Met terugwerkende kracht (ex tunc)

  • In de toekomst (ex nunc)

Hoofdstuk 8

De drie functies van de algemene beginselen van behoorlijk bestuur zijn:

  • Richtsnoer voor bestuurlijk handelen

  • Schending van een der beginselen levert een beroepsgrond op bij administratieve rechtspraak en/of administratief beroep

  • Ze dienen als toetsingsmaatstaf voor rechters en beroepsinstanties

De volgende algemene beginselen van behoorlijk bestuur kunnen worden onderscheiden:

  • Verbod van vooringenomenheid

  • Fair play

  • Specialiteitsbeginsel

  • Verbod van détournement de pouvoir

  • Verbod van détournement de procedure

  • Verbod van willekeur

  • Materieel zorgvuldigheidsbeginsel

  • Gelijkheidsbeginsel

  • Vertrouwensbeginsel,

  • Materieel rechtzekerheidsbeginsel,

  • Formeel rechtszekerheidsbeginsel of duidelijkheidsbeginsel

  • Formeel zorgvuldigheidsbeginsel

  • Motiveringsbeginsel.

Het verbod van willekeur kent twee gradaties:

  • Ten eerste wordt het bestuursorgaan op grond van art. 3:4 lid 1 Awb verplicht tot afweging van rechtstreeks bij het besluit betrokken belangen, voor zover niet uit een wettelijk voorschrift of uit de aard van de uit te oefenen bevoegdheid een beperking voortvloeit

  • Ten tweede kan willekeur ook voortvloeien uit onevenredigheid tussen doel en middel(en)

Er kan een onderscheid worden gemaakt tussen:

  • Punitieve sancties

  • Reparatoire sancties

Het materieel zorgvuldigheidsbeginsel bestaat uit drie aspecten:

  • De lasten die uit een besluit voortvloeien mogen niet zwaarder zijn dan nodig is om het doel te bereiken

  • Lasten mogen niet onevenredig zwaar zijn ten aanzien van de te dienen doelen

  • Lasten die uit een besluit voortvloeien mogen niet slechts op één of enkele belanghebbenden neerkomen

Het vertrouwensbeginsel kan onderverdeeld worden in:

  • Het materiële zekerheidsbeginsel

  • Het formele zekerheidsbeginsel

Het rechtszekerheidsbeginsel kent twee vormen:

  • Materieel

  • Formeel

Het zorgvuldigheidsbeginsel heeft betrekking op drie aspecten:

  • Het horen van de betrokkenen

  • Het vragen van en omgaan met adviezen

  • De deugdelijkheid en de omvang van het voorafgaand ambtelijk onderzoek

Hoofdstuk 10

Privaatrechtelijk overheidshandelen kent de volgende vormen:

  • Eigendomsbevoegdheid van de overheid

  • Het sluiten van overeenkomsten

  • Het instellen van onrechtmatigedaadsacties

Er kan een onderscheid gemaakt worden tussen:

  • Het privaatrecht

  • Het publiekrecht

Er zijn verschillende vormen van rechtsleer:

  • De gemene rechtsleer

  • De tweewegenleer

  • De doorkruisingsleer

Bij het onderscheid tussen publiekrecht en privaatrecht kunnen de volgende onderscheidingen worden gemaakt:

  • Principieel onderscheid

  • Gradueel onderscheid

  • Formele visie

  • Materiële visie

Algemene beginselen van behoorlijk bestuur zijn:

  • Zorgvuldigheidsbeginsel

  • Motiveringsbeginsel

  • Vertrouwensbeginsel

  • Gelijkheidsbeginsel

De functies van algemene beginselen van behoorlijk bestuur zijn:

  • Normering van privaatrechtelijk handelen van de overheid

  • Beoordelen of er sprake is van een rechtmatige uitoefening van eigendomsbevoegdheden

Hoofdstuk 17

Onteigening kan alleen plaatsvinden:

  • Op grond van een wet in formele zin

  • In het algemeen belang

  • Wanneer de benadeelde schadeloos wordt gesteld

Het toe-eigenen van grond door de overheid kan op verschillende manieren geschieden:

  • Door middel van koop

  • Door middel van het vestigen van een voorkeursrecht

  • Onteigening

  • Herkaveling

  • Het opleggen van gedoogplichten

Belastingen kunnen onderverdeeld worden in:

  • Directe belastingen

  • Indirecte belastingen

De functies van het heffen van belasting zijn:

  • Financiële middelen verwerven voor de behartiging van de overheidstaak

  • Instrument om inkomenspolitiek te voeren

  • Het aanmoedigen van investeringen

  • Ongewenst gedrag te ontmoedigen

Juridische dwingende middelen kunnen onderverdeeld worden in:

  • Gebodsbepalingen

  • Verbodsbepalingen

Belangrijke reguleringsinstrumenten zijn:

  • Vrijstellingen

  • Vergunningen

  • Ontheffingen

  • Concessies

Vergunningen kunnen onderverdeeld worden in:

  • Aflopende vergunningen

  • Duurvergunningen

  • Reële vergunningen

  • Fictieve vergunningen

  • Persoonsgebonden vergunningen

  • Zaaksgebonden vergunningen

  • Persoongerichte vergunningen

  • Zaaksgerichte vergunningen

Hoofdstuk 19

Overeenkomsten met de overheid kunnen op verschillende manieren worden onderscheiden:

  • Ten eerste naar object van de overeenkomst

  • Ten tweede naar de vraag of zij een grondslag in een wettelijk voorschrift hebben en of zij alleen tussen de overheden zelf worden gesloten of ook met burgers/bedrijven

  • Mengvormen

Er kunnen een vijftal typen overeenkomsten worden onderscheiden:

  • Een overeenkomst die zowel van vorm als inhoud privaatrechtelijk is

  • Een overeenkomst die van vorm privaatrechtelijk is, maar inhoudelijk publiekrechtelijk

  • Een overeenkomst die publiekrechtelijk van vorm is, maar privaatrechtelijk van inhoud

  • Een overeenkomst waarbij zowel vorm als inhoud publiekrechtelijk zijn

  • Een overheidscontract waarbij de vorm privaatrechtelijk of publiekrechtelijk kan zijn, maar de inhoud gemengd

De bevoegdhedenovereenkomst kent de volgende kenmerken:

  • De overheid die de overeenkomst sluit moet bevoegd zijn om over het onderwerp van de overeenkomst afspraken te maken.

  • De overheid moet beslissingsruimte hebben

  • De bevoegdhedenovereenkomst mag ( procedurele of andere) waarborgen die de publiekrechtelijke regeling garandeert niet op onaanvaardbare wijze doorkruisen

  • De bevoegdhedenovereenkomst mag niet op een andere wijze met het recht strijden

Er kan onderscheid gemaakt worden tussen:

  • Overheidseigendom met een openbare bestemming of functie (publiek domein)

  • Overheidseigendom van zaken die niet zijn bestemd voor de openbare dienst (privaat domein)

Het publiek domein kan onderscheiden worden in:

  • Zaken die bestemd zijn voor gebruik door de overheid ten behoeve van haar bestuurstaak

  • Zaken die als zodanig bestemd zijn voor gebruik door het publiek

  • Algemeen gebruik van publiek domein

  • Bijzonder gebruik van publiek domein

Bijzonder gebruik van publiek domein kan onderverdeeld worden in:

  • Functioneel gebruik

  • Niet-functioneel gebruik

Er zijn verschillende rechtshandelingen:

  • Feitelijke bestuurshandelingen

  • Publiekrechtelijke rechtshandelingen

  • Privaatrechtelijke rechtshandelingen

De verschillen tussen beleidsvoorlichting en overheidsvoorlichting zijn:

  • De inhoud van de informatieverstrekking

  • Of er sprake kan zijn van een appellabel besluit

Hoofdstuk 20

Het proces van handhaving kenmerkt zich door:

  • Normstelling door regels

  • Uitvoering

  • Toezicht op de naleving met eventuele sancties

De Awb is met betrekking tot handhaving in twee fases onder te verdelen:

  • Ten eerste de fase waarin actief wordt onderzocht of een norm is of wordt nageleefd

  • Ten tweede de fase waarin de sanctie wordt opgelegd of daarvan wordt afezien

Sancties kunnen onderverdeeld worden in twee vormen:

  • Ten eerste de herstelsancties

  • Ten tweede de bestraffende of punitieve sancties

Er kan onderscheid gemaakt worden tussen:

  • Bestuur

  • Handhaving

  • Toezichtshandelingen

  • Handhavingsbeslissingen

De functies van handhaving zijn:

  • Het verwezenlijken van overheidsbeleid

  • Toename van de bereidheid om regels na te leven

  • Geloofwaardigheid van de overheid in stand houden

De kenmerken van handhaving zijn:

  • Toezien en naleving van wettelijke voorschriften

  • Het sanctioneren van de handelingen die hiermee in strijd zijn

Onder het sanctierecht vallen:

  • Bestuursdwang

  • Dwangsommen

Hoofdstuk 21

Er kan onderscheid gemaakt worden tussen:

  • Toezicht

  • Opsporing

Toezichthouders zijn op grond van de Awb gehouden aan twee algemene regels:

  • Identificatieplicht (art. 5:12 Awb)

  • Evenredigheidsbeginsel (art. 5:13 Awb)

De toezichtbevoegdheden van de toezichthouders zijn te vinden in:

  • De artikelen 5:15- 5:19 Awb

Rechtsbescherming tegen toezichtshandelingen kan geboden worden door

  • Art. 184 Sr

  • Bestuursrechter

  • Strafrechter

Hoofdstuk 22

De kenmerken van bestuurlijke sancties zijn:

  • Belastende maatregelen die kunnen worden opgelegd

  • Reactie op het niet-naleven van rechtsregels

  • Bevoegdheid tot het opleggen van sancties ligt bij het bestuursorgaan

  • Geen rechterlijke tussenkomst nodig

Bestuurlijke handhaving kan twee vormen hebben:

  • Ten eerste kan zij gericht zijn op het ongedaan maken van een onwettige situatie (reparatoire/herstelsanctie)

  • Ten tweede kan zij gericht zijn op het toedelen van leed als reactie op het overtreden van een norm (punitieve/bestraffende sanctie)

De belangrijkste vormen van bestuurlijke herstelsancties zijn:

  • De last onder bestuursdwang

  • De last onder dwangsom

De belangrijkste vormen van bestraffende sancties zijn:

  • De bestuurlijke boete

  • Berisping

  • Strafontslag

De drie stappen om te beoordelen of een sanctie rechtmatig wordt opgelegd zijn:

  • Possibiliteit

  • Opportuniteit

  • Maatvoering

Bij gedogen kan een onderscheid gemaakt worden tussen:

  • Uitdrukkelijk gedogen

  • Stilzwijgend gedogen

De zes voordelen van het gebruik van een bestuurlijke boete zijn:

  • Vermindering van de werklast van de rechterlijke macht en verlaging van de kosten

  • Effectievere handhaving

  • Doelmatigheid

  • Doeltreffendheid

  • Past goed bij lichtere overtredingen

  • Decriminalisering

De overige bestuurlijke sancties zijn:

  • Intrekking en wijziging van begunstigende beschikkingen

  • De wet bibob

  • Juridische en feitelijke sancties

  • De waarschuwing

  • Sancties in het ambtenarenrecht

Image

Access: 
Public

Image

Join: WorldSupporter!

Join with a free account for more service, or become a member for full access to exclusives and extra support of WorldSupporter >>

Check: concept of JoHo WorldSupporter

Concept of JoHo WorldSupporter

JoHo WorldSupporter mission and vision:

  • JoHo wants to enable people and organizations to develop and work better together, and thereby contribute to a tolerant and sustainable world. Through physical and online platforms, it supports personal development and promote international cooperation is encouraged.

JoHo concept:

  • As a JoHo donor, member or insured, you provide support to the JoHo objectives. JoHo then supports you with tools, coaching and benefits in the areas of personal development and international activities.
  • JoHo's core services include: study support, competence development, coaching and insurance mediation when departure abroad.

Join JoHo WorldSupporter!

for a modest and sustainable investment in yourself, and a valued contribution to what JoHo stands for

Check: how to help

Image

 

 

Contributions: posts

Help others with additions, improvements and tips, ask a question or check de posts (service for WorldSupporters only)

Image

Check: more related and most recent topics and summaries
Check more: study fields and working areas

Image

Share: this page!
Follow: Law Supporter (author)
Add: this page to your favorites and profile
Statistics
1893
Submenu & Search

Search only via club, country, goal, study, topic or sector