Peterbroeck (Case C-312/93) - Arrest

Peterbroeck (HvJ 14-12-1995, Zaak C-312/93)

Feiten

I.c. was er sprake van een geding tussen de vennootschap Peterbroeck en de Belgische Staat. Peterbroeck trad op voor eigen rekening en voor rekening van de Nederlandse vennootschap CBT. Peterbroeck meende dat de Belgische Staat onterecht een belasting voor niet-inwoners had geheven op de inkomsten die CBT van Peterbroeck ontving. Volgens Peterbroeck moest die belasting geheven worden tegen het tarief voor in België gevestigde vennootschappen. Peterbroeck diende daarom een bezwaarschrift in bij de Belasting en voerde aan dat in Nederland gevestigde vennootschappen in België niet zwaarder mogen worden belast dan Belgische vennootschappen die zich in dezelfde situatie bevinden.

Omdat het bezwaar werd afgewezen stelde Peterbroeck een voorziening in bij het Brusselse Hof van Beroep. Peterbroeck voerde toen voor het eerst aan dat het toepassen van een hogere aanslagvoet dan die voor een Belgische vennootschap zou hebben gegolden, strijdig zou zijn met de vrijheid van vestiging (artikel 49 VWEU). De Belgische Staat voerde aan dat het hier om een nieuw bezwaar ging. Dit nieuwe bezwaar werd onontvankelijk verklaard omdat het niet binnen het geldende bezwaartermijn was ingediend. Nieuwe bezwaren mochten alleen binnen 60 dagen geschieden.

De zaak wordt voorgelegd aan het Hof van beroep. Hierbij gaat het dan over de Belgische regel dat een termijn van 60 dagen voorschrijft voor het aanvoeren van nieuwe bezwaren voor het Hof van beroep tegen een beslissing van de directeur der belastingen. Moet die regel opzij worden geschoven? Met andere woorden maakt deze procesregel van nationaal recht de bescherming van door de communautaire rechtsorde verleende rechten niet praktisch onmogelijk? De zaak wordt aan het Hof van Justitie voorgelegd.

Hof van Justitie

Het Hof meent dat het genoemde bezwaartermijn onverenigbaar is met het unierecht wegens de bijzondere kenmerken van de betrokken procedure. Dit heeft een drietal redenen:

  • De belastingadministratie die over het bezwaar moest oordelen is geen rechterlijke instantie. Het Hof van beroep was dus de eerste rechterlijke instantie die een prejudiciële vraag kon stellen.

  • De periode waarin de verzoeker nieuwe bezwaren kon opwerpen al was verstreken toen de zitting voor het Hof van beroep plaatsvond, waardoor dit Hof die beoordeling niet meer ambtshalve kon verrichten.

  • Er was geen andere nationale rechterlijke instantie tijdens een verdere procedure die ambtshalve de verenigbaarheid van een nationale handeling met het unierecht kon beoordelen.

Volgens het Hof verzet het gemeenschapsrecht zich tegen de toepassing van een nationale procesregel die de in het kader van zijn bevoegdheid geadieerde nationale rechter verbiedt ambtshalve de verenigbaarheid te onderzoeken van een handeling van nationaal recht met een gemeenschapsbepaling, wanneer niet binnen een bepaalde termijn door de justitiabele een beroep op laatstbedoelde bepaling is gedaan.

Kern

I.c. gaat het om de procedurele rule of reason. De nationale rechterlijke instanties moeten de rechtsbescherming verzekeren die uit de rechtstreekse werking van het gemeenschapsrecht voortvloeien. Bij gebrek aan Unierechtelijke regels, is het een nationale aangelegenheid om de procesregels te geven voor beroepen die ertoe strekken de rechten te beschermen die de justitiabelen aan het Unierecht ontlenen. Zij mogen niet ongunstiger zijn dan die welke voor soortgelijke nationale beroepen gelden. Daarnaast mag de uitoefening van de door het Unierecht verleende rechten in de praktijk niet onmogelijk of uiterst moeilijk worden gemaakt. De rechter moet ambtshalve de rechtsgronden aanvullen.

 

Image

Access: 
Public

Image

Check more: click and go to more related summaries or chapters

Samenvattingen: de beste jurisprudentie en arresten voor Europees recht en recht van de Europese Unie samengevat

Join WorldSupporter!

Join with a free account for more service, or become a member for full access to exclusives and extra support of WorldSupporter >>

Check: concept of JoHo WorldSupporter

Concept of JoHo WorldSupporter

JoHo WorldSupporter mission and vision:

  • JoHo wants to enable people and organizations to develop and work better together, and thereby contribute to a tolerant tolerant and sustainable world. Through physical and online platforms, it support personal development and promote international cooperation is encouraged.

JoHo concept:

  • As a JoHo donor, member or insured, you provide support to the JoHo objectives. JoHo then supports you with tools, coaching and benefits in the areas of personal development and international activities.
  • JoHo's core services include: study support, competence development, coaching and insurance mediation when departure abroad.

Join JoHo WorldSupporter!

for a modest and sustainable investment in yourself, and a valued contribution to what JoHo stands for

Check more: content is related to
Arresten en jurisprudentie: uittreksels en studiehulp - Thema

Image

 

 

Contributions: posts

Help other WorldSupporters with additions, improvements and tips

Add new contribution

CAPTCHA
This question is for testing whether or not you are a human visitor and to prevent automated spam submissions.
Image CAPTCHA
Enter the characters shown in the image.

Image

Check more: related and most recent topics and summaries

Image

Follow the author: Law Supporter
Share this page!
Statistics
3227
Submenu & Search

Search only via club, country, goal, study, topic or sector