Hoe verloopt het proces van ouders worden? - Chapter 6
- Hoe besluiten koppels of ze een kind willen?
- Hoe verloopt een zwangerschap en welke problemen doen zich voor?
- Hoe gaan de bevalling en de geboorte?
- Wat is een vroeggeboorte en hoe ontstaat deze?
- Hoe ziet de overgang naar het ouderschap eruit?
- Hoe werkt het opvoeden van de pasgeborene?
- Hoe groot is het kindersterfte probleem en kunnen we hier iets aan doen?
- Welke ethische kwesties doen zich voor bij het krijgen van kinderen?
Hoe besluiten koppels of ze een kind willen?
Niet alle koppels willen kinderen. Hiervoor kunnen verschillende redenen zijn: ze vinden het een te drastische verandering, een te grote verantwoordelijkheid, te duur, of ze denken dat het negatieve effecten heeft op hun (mentale) gezondheid. Andere koppels willen daarentegen wel kinderen, omdat ze graag een grote familie willen, het leuk vinden of omdat het voor hen voelt als een persoonlijke prestatie.
Het krijgen van kinderen heeft allerlei voor- en nadelen. Op basis van hoe mensen hier tegenaan kijken kunnen vier groepen worden geïdentificeerd:
- Pro-kinderen (30%): deze koppels noemen veel voordelen en weinig nadelen.
- Anti-kinderen (30%): deze koppels noemen weinig voordelen en veel nadelen.
- Ambivalent (20%): deze koppels noemen even veel voor- als nadelen.
- Onverschillig (20%): deze koppels noemen weinig voor- en nadelen.
Hoe verloopt een zwangerschap en welke problemen doen zich voor?
Het plannen van een zwangerschap heeft veel voordelen. Het grootste gevaar bij een ongeplande zwangerschap is dat de vrouw zich er niet direct van bewust is dat ze zwanger is, waardoor ze blootgesteld kan worden aan beschadigende stoffen. Deze stoffen worden teratogenen genoemd. Voorbeelden zijn drugs of infecties. De effecten hiervan zijn afhankelijk van verschillende factoren, waaronder het type, de dosis, het moment en de duur van blootstelling aan de stof. Ook de genetische vatbaarheid van het kind heeft invloed op het effect van teratogenen.
Een van de bekendste teratogenen is alcohol. Als een moeder tijdens haar zwangerschap alcohol drinkt, loopt het kind een risico op het ontwikkelen van een foetale alcohol spectrum stoornis (FASS). Eén van de meest ernstige foetale alcohol spectrum stoornissen is foetaal alcoholsyndroom (FAS). FAS wordt gekenmerkt door abnormale gezichtskenmerken, groeiproblemen en problemen met het centrale zenuwstelsel. Kinderen met FAS hebben vaak problemen op het gebied van leren, het geheugen, concentratie, communicatie, zicht en gehoor. Het is moeilijk te zeggen hoeveel alcohol er nodig is voor het veroorzaken van een FASS.
Verder kan roken tijdens de zwangerschap een teratogenisch effect hebben. Roken vermindert de hoeveelheid zuurstof die naar de placenta gaat en stelt de foetus bloot aan nicotine en koolmonoxide. Dit verdubbelt de kans op een laag geboortegewicht of een vroegtijdige geboorte en vergroot het risico op zwangerschapscomplicaties, waaronder doodgeboorte.
Hoewel negatieve emoties van de moeder technisch gezien geen teratogenen zijn kunnen ze wel beschadigend zijn. Deze negatieve emoties kunnen bijvoorbeeld voortkomen uit de lichamelijke veranderingen die een vrouw doormaakt tijdens de zwangerschap. Er is bewijs dat gevoelens over de zwangerschap op de lange termijn gevolgen kan hebben voor zowel moeder als kind.
Wat zijn de gevolgen van onvruchtbaarheid en is er een behandeling voor?
Ongeveer 20% van de koppels heeft vruchtbaarheidsproblemen. Mensen vergroten het risico op onvruchtbaarheid onopzettelijk doordat ze het krijgen van kinderen uitstellen. Zowel vrouwen als mannen hebben op latere leeftijd een hoger risico op vruchtbaarheidsproblemen. Bovendien vergroot dit het risico op geboortedefecten bij kinderen. Een voorbeeld hiervan is het positieve verband tussen leeftijd van de moeder en kinderen met het syndroom van Down. De kans op het krijgen van een kind met het syndroom van Down neemt na 40-jarige leeftijd aanzienlijk toe. De kans dat ouders een kind met autisme krijgen is op oudere leeftijd ook groter.
Er zijn meerdere medische technieken om bij vruchtbaarheidsproblemen te helpen, welke assisted reproductive technology (ART) genoemd worden.
- Intra-uteriene inseminatie: bevroren sperma wordt direct in de baarmoeder geplaatst.
- In vitrofertilisatie: een eicel en sperma worden in een petrischaaltje gecombineerd. De bevruchte eicel (zygote) wordt vervolgens in de baarmoeder geplaatst. Vaak worden er meerdere eicellen teruggeplaatst om de kans op succes te verhogen.
- Gamete intrafallopian transfer: in de eileiders worden eicellen en spermacellen ingebracht. Vervolgens is er sprake van bevruchting en reizen de zygoten naar de baarmoeder.
- Zygote intrafallopian transfer: een eicel en spermacel worden in een petrischaaltje gecombineerd. De bevruchte eicel (zygote) wordt vervolgens in de eileiders geplaatst.
- Intracytoplasmic sperm injection: één gezonde spermacel wordt in een eicel geïnjecteerd. De bevruchte zygote wordt in de baarmoeder geplaatst. Dit werkt dus net als in vitrofertilisatie maar de kans dat het lukt is gewoon minder groot.
- Third Party Assisted ART: waarbij een derde persoon sperma, een eicel of zelfs een embryo 'doneert' aan het koppel. Een voorbeeld hiervan is draagmoederschap, waarbij een vrouw eicellen doneert, de hele zwangerschap doorloopt, of beiden.
Als uit een eerdere zwangerschap is gebleken dat er sprake is van een genetisch probleem, wordt pre-implantatie genetische diagnostiek toegepast om de potentiële genetische of chromosomale defecten te identificeren. Door middel van in vitrofertilisatie worden eicellen bevrucht, waarna elke bevruchte eicel op bepaalde genetische ziekten wordt getest. Een aantal van deze zygoten zonder de ziekte worden vervolgens in de baarmoeder geplaatst.
Welke genetische defecten kunnen kinderen hebben?
Genetische defecten zijn abnormaliteiten in de genen of chromosomen. Mensen hebben normaal gesproken 22 autosomale chromosoomparen. Ook hebben ze één paar geslachtschromosomen: vrouwen hebben twee X chromosomen en mannen hebben één X chromosoom en één Y chromosoom. Ouders geven allebei één chromosoom van elk paar aan het kind, waardoor het kind dus de helft van het genetische materiaal van elke ouder ontvangt. Tijdens dit proces kunnen echter defecten ontstaan. Problemen kunnen het gevolg zijn van abnormaliteiten in het aantal of de structuur van chromosomen. Voorbeelden hiervan zijn:
- Syndroom van Down: hierbij is sprake van een extra 21e chromosoom, wat leidt tot bepaalde gezichtskenmerken, een verstandelijke beperking en diverse gezondheidsproblemen.
- Klinefelter syndroom: een man heeft een extra X chromosoom (hij krijgt dus XXY), wat verschillende fysieke en reproductieve problemen tot gevolg heeft.
- Syndroom van Turner: een vrouw heeft maar één X chromosoom, wat leidt tot verschillende fysieke problemen.
- Cri du chat syndroom: hierbij mist een deel van het vijfde chromosoom. Dit leidt er onder andere toe dat baby’s hoog huilen.
20.000 tot 25.000 van de genen bevinden zich op chromosomen. Genen zijn de blauwdruk van onze ontwikkeling. De term ‘genoom’ verwijst naar het complete aantal genen in een individu. Er zijn verschillende soorten erfelijkheid:
- Dominante erfelijkheid: het kind erft de genetische ziekte, als één van beide ouders het defect gen aan het kind overdraagt.
- Recessieve erfelijkheid: het kind erft de genetische ziekte alleen als beide ouders hetzelfde abnormale gen aan het kind overdragen.
- X-gekoppelde erfelijkheid: jongens kunnen door de X chromosoom van hun moeder een genetische abnormaliteit erven.
- Multifactoriële erfelijkheid: het kind erft een genetische ziekte door een combinatie van meer dan één abnormaal gen, of door een combinatie van genetische en omgevingsfactoren.
Sommige stoornissen of potentiële geboortedefecten kunnen door middel van een vruchtwaterpunctie, een vlokkentest of een echo tijdens de zwangerschap worden geïdentificeerd. Hoewel sommige defecten door een prenatale operatie verholpen kunnen worden is er voor de meeste stoornissen vóór de geboorte geen behandeling mogelijk. Wel kunnen ouders zorgen dat de kans dat het kind een genetisch defect erft zo klein mogelijk is. Moeders kunnen dit doen door te zorgen dat er geen teratogenen in hun lichaam zitten een tijd voor de voor de zwangerschap. Vaders kunnen hun spermakwaliteit verhogen door te sporten, goed te eten en door hun stress te verminderen.
Wat zijn miskramen en buitenbaarmoederlijke zwangerschappen?
Een miskraam is het verlies van een zwangerschap tot twintig weken vóór de geboorte (na twintig weken wordt dit een doodgeboorte genoemd). Een miskraam kan door vele factoren worden veroorzaakt en komen vaak voor. Bij een buitenbaarmoederlijke zwangerschap bevindt de bevruchte eicel zich buiten de baarmoeder, vaak in de eileider. In dit geval moet het embryo verwijderd worden om de gezondheid van de moeder te beschermen.
Hoe gaan de bevalling en de geboorte?
De gemiddelde bevalling duurt twaalf tot veertien uur voor de eerste baby, maar is vaak korter bij daaropvolgende kinderen en vindt plaats na ongeveer veertig weken zwangerschap. Een vaginale geboorte bestaat uit drie stadia:
- Ontsluitingsfase: deze fase duurt vanaf de weeën tot de volledige ontsluiting van de baarmoederhals (ongeveer tien centimeter).
- Uitdrijvingsfase: deze fase omvat het persen en de geboorte van het kind. Dit stadium kan een aantal minuten tot een aantal uur duren.
- Nageboorte: deze fase omvat het uitstoten van de placenta. Dit kan tien tot zestig minuten duren.
Er zijn een aantal relaxatietechnieken die de pijn tijdens de bevalling verminderen. De twee meest voorkomende technieken zijn Bradley en Lamaze. Bij beide benaderingen leren moeders hoe ze met de pijn om kunnen gaan. De Bradley methode probeert het gebruik van pijnmedicatie te voorkomen totdat het strikt noodzakelijk is, terwijl de Lamaze benadering neutraal staat tegenover deze kwestie. Bij de Bradley methode is de vader bovendien een soort ‘geboortecoach’, die zich tijdens de zwangerschap richt op goede voeding en sporten. Verder kan er ook pijnmedicatie genomen worden. Pijnstillers worden vaak geïnjecteerd om pijn te verminderen zonder dat iemand het bewustzijn of spiercontrole verliest. Verdoving zoals bijvoorbeeld de ruggenprik worden via een injectie gegeven en zorgen ervoor dat een vrouw in bepaalde gebieden tijdelijk geen pijn voelt. De heftigste vorm hiervan is een algemene verdoving, die ervoor zorgt dat zowel de moeder als de baby het bewustzijn verliest. Dit is risicovol.
Het grootste risico voor een kind tijdens de bevalling is een zuurstoftekort (hypoxie) of zelfs een totaal gebrek aan zuurstof (anoxie). Afhankelijk van de mate en duur van het zuurstoftekort of –gebrek kan hersenletsel of sterfte het gevolg zijn. Hypoxie of anoxie ontstaat vaak als de navelstreng om de nek van de baby gewikkeld is. Hierdoor kan een keizersnede noodzakelijk zijn.
Een keizersnede kan om verschillende redenen worden aanbevolen, bijvoorbeeld als de baby in een stuit ligt. Tegenwoordig wordt echter in toenemende mate voor een keizersnede gekozen om pijn tijdens de bevalling te vermijden. Een keizersnede is duurder dan een vaginale geboorte, heeft meer risico’s voor de moeder en vereist meer genezingstijd. Bovendien blijkt uit onderzoek dat een keizersnede niet beter is voor baby’s. Tijdens een vaginale geboorte worden er bij de baby hormonen vrijgelaten, die onder andere bevorderlijk zijn voor het functioneren van de longen en die de moeder op borstvoeding voorbereiden.
Wat is een vroeggeboorte en hoe ontstaat deze?
Er is sprake van een vroeggeboorte als de baby eerder dan 37 weken na de bevruchting wordt geboren. Vroeggeboorte is gerelateerd aan meerdere gezondheidsproblemen, waaronder een verhoogd risico om te overlijden, ADHD, schoolproblemen en cerebrale parese. Hoe eerder de geboorte, hoe groter het risico. Voorbeelden van risicofactoren voor een vroegtijdige geboorte zijn een tienerzwangerschap, roken, een eerdere vroeggeboorte, een geboorte van een meerling en een hoog niveau van stress. Het aantal geboortes van meerlingen is sinds 1994 enorm gestegen. Dit is grotendeels het gevolg van een toename in vruchtbaarheidsbehandelingen.
Hoe ziet de overgang naar het ouderschap eruit?
Na de geboorte verandert de focus en structuur van de routine van ouders en wordt het leefpatroon op de baby gericht. Dit geldt ook voor het leefpatroon van broertjes en zusjes, die minder aandacht krijgen als gevolg van de komst van een baby. Als beide ouders werken, is het voor beiden moeilijk om een balans te vinden tussen werk en thuis. Ook gaat het ouderschap gepaard met veranderingen voor de persoonlijke identiteit. Plotseling hebben man en vrouw een nieuwe rol: vader en moeder. Beide ouders ervaren vanaf de geboorte van het kind tot zes maanden na de geboorte een afname in hun identiteit als partner. Als gevolg van de afname in tijd en energie die aan de partner wordt besteed, ervaren nieuwe ouders vaak een afname in tevredenheid met het huwelijk. Dit kan het gevolg zijn van verschillende factoren, waaronder vermoeidheid, stress en verminderde intimiteit tussen ouders.
Ook kan de afname in huwelijkstevredenheid veroorzaakt worden door een laag niveau van vaderlijke betrokkenheid bij de zorg voor het kind. Vaderlijke motivatie kan door verschillende factoren worden beïnvloed, waaronder de sekse van het kind, of ze een biologische relatie hebben met het kind, de mate waarin hun eigen vader betrokken was bij de opvoeding, of het vaderschap bij hun identiteit hoort en hun overtuigingen. Ook moeders kunnen een rol spelen bij vaderlijke betrokkenheid. Sommige moeders leren hun partner graag vaardigheden aan, terwijl andere moeders juist niet willen dat hun partner betrokken is bij de zorg voor het kind. Deze ‘poortwachter’ (‘gatekeeper’) moeders hebben vaak traditionele ideeën over gezinsrollen en beschouwen de opvoeding als iets wat door de moeder gedaan moet worden.
Hoe werkt het opvoeden van de pasgeborene?
Nieuwe ouders moeten geleidelijk de vaardigheden leren die nodig zijn voor het verzorgen en opvoeden van een kind. Na de geboorte is het vormen van een band tussen enerzijds moeder en vader en anderzijds het kind van groot belang. De ontwikkeling van deze hechte relatie wordt bevorderd door ouderlijke sensitiviteit en voor moeders door middel van borstvoeding en goed co-ouderschap, maar kan worden geremd door een postpartum depressie.
Wat is ouderlijke sensitiviteit?
Sensitiviteit of responsiviteit, verwijst naar het effectief uitvoeren van opvoedtaken. John Bowlby en Mary Ainsworth keken hier ook naar in hun hechtingstheorie. Volgens hen waren de drie indicatoren van sensitiviteit: hoe snel de ouder reageert, de betrouwbaarheid van de reactie en de mate waarin de ouder in staat is het kind te troosten. Een sensitieve ouder is oplettend, empathisch, interpreteert de signalen van het kind goed en is emotioneel beschikbaar.
Waarom geven moeders wel of juist geen borstvoeding?
Een moeder moet beslissen of ze haar kind al dan niet borstvoeding gaat geven. Het geven van borstvoeding heeft een aantal voordelen. Zo bevordert het de ontwikkeling van een moeder-kind relatie, biedt het bescherming tegen infecties en verkleint het de kans op diabetes, overgewicht en astma. Ook moeders profiteren van het geven van borstvoeding omdat het niks kost, helpt bij het verliezen van gewicht en de kans op bepaalde soorten kanker verkleint. Daarnaast komen er als de moeder haar kind borstvoeding geeft hormonen vrij zoals oxytocine en prolactine die ervoor zorgen dat de moeder ontspant en verzorgender is richting haar kind. Toch zijn er meerdere redenen waarom sommige moeders ervoor kiezen hun kind geen borstvoeding te geven. Sommige moeders maken onvoldoende melk aan, ervaren pijn aan de borsten of tepels, schamen zich als ze melk lekken of ervaren borstontsteking (mastitis). Andere moeders vinden het onplezierig, moeilijk, tijdrovend of onhandig. Het geven van borstvoeding komt minder vaak voor onder adolescente moeders, lager opgeleide moeders, moeders met een lager inkomen, Afrikaans-Amerikaanse moeders en moeders die ongepland zwanger werden.
Wat is co-ouderschap?
Co-ouderschap is een concept wat de dynamische interactie in een familie erkent en refereert naar in hoeverre mensen samenwerken in hun rol als ouders. Hier vallen de ander steunen, meningsverschillen over de opvoeding oplossen en taken verdelen bijvoorbeeld onder. Deze co-ouderschapsvaardigheden ontwikkelen zich gedurende de transitie naar ouderschap. Het co-ouderschap is vaak goed op het moment dat de ouders samen een goed huwelijk hebben en is dus sterk verboden met hoe gelukkig een ouder is met de partner.
Wat is een postpartum depressie?
Een postpartum depressie duurt minimaal twee weken en wordt gekenmerkt door symptomen zoals verdriet, slapeloosheid, een gebrek aan interesse, schuldgevoelens, een gebrek aan energie, veranderingen in eetlust, rusteloosheid, stemmingswisselingen en (in extreme gevallen) suïcidale gedachten. Moeders die ongepland een baby hebben gekregen hebben een grotere kans op het ontwikkelen van een postpartum depressie. Het syndroom kan gevaarlijk zijn voor de baby, onder andere omdat de moeder soms niet in staat is borstvoeding te geven of haar baby adequaat te verzorgen. In zeldzame gevallen ervaren moeders een postpartum psychose, waarbij ze niet in staat zijn onderscheid te maken tussen wat echt en niet echt is. In dit geval kan de moeder last hebben van waanbeelden, hallucinaties, slaapproblemen en obsessieve gedachten over de baby. Deze moeders lopen het risico om zichzelf of hun baby te doden. Zowel een postpartum depressie als een postpartum psychose kan worden behandeld. De twee meest voorkomende behandelmethoden zijn therapie (cognitieve gedragstherapie of interpersoonlijke therapie) of het nemen van medicijnen (antidepressiva).
Hoe groot is het kindersterfte probleem en kunnen we hier iets aan doen?
Kindersterftecijfers zijn de afgelopen jaren drastisch afgenomen als gevolg van verbeterde medische en gezondheidszorg. Wel zijn er grote verschillen. Zo is het kindersterftecijfer onder Afrikaans-Amerikaanse vrouwen meer dan het dubbele van het kindersterftecijfer onder Europees-Amerikaanse vrouwen. Dit reflecteert waarschijnlijk armoede en daaraan gerelateerde problemen, zoals een gebrek aan prenatale zorg en een slechte gezondheid. Ook is er bewijs dat de sekse van het kind en of het kind al dan niet gepland was risicofactoren zijn.
Kindersterfte wordt als een traumatische gebeurtenis gezien waarbij er vaak rouw en symptomen van posttraumatische stress worden ervaren. De ouders laten fysieke, emotionele en sociale reacties zien zoals depressie, angst, gewichtsverlies en isolatie. Wat deze symptomen mogelijk iets minder maakt is het hebben van een netwerk van vrienden en familie maar ook medisch personeel wat hen steun biedt.
Hoewel de oorzaken van kindersterfte bekend zijn (onder andere armoede, een gebrek aan onderwijs en een gebrek aan prenatale zorg), is het moeilijk om de oplossingen uit te voeren. In ieder geval hebben zwangere vrouwen prenatale zorg nodig, inclusief:
- Screening en behandeling van medische condities, zoals diabetes, HIV en overgewicht.
- Hulp bij chronische gezondheidscondities, waaronder inzicht in de medicatie die mogelijk een teratogenisch effect op de baby hebben.
- Identificatie van gedragsmatige risicofactoren, zoals roken en alcohol.
- Het voorschrijven van prenatale vitaminen met foliumzuur, om defecten aan de neurale buis en andere problemen te voorkomen.
Afrikaans-Amerikaanse vrouwen ontvangen twee keer zo vaak late of geen prenatale zorg dan blanke vrouwen. Ook tienermoeders, ongetrouwde moeders en laagopgeleide moeder hebben een hoger risico op het ontvangen van lage of geen prenatale zorg.
Welke ethische kwesties doen zich voor bij het krijgen van kinderen?
Veranderingen in de medische technologie geven onvruchtbare koppels de kans om biologische kinderen te krijgen. Deze technologie leidt echter tot een aantal ethische en morele vragen. Hieronder zullen een aantal van deze kwesties worden besproken.
Genetisch testen: zouden mensen inzicht moeten hebben in hun genetische profiel?
Koppels kunnen hun gecombineerde genetische profielen gebruiken om te voorspellen welke ziektes hun kind mogelijk krijgt en stappen ondernemen om zich op bepaalde uitkomsten voor te bereiden of deze te vermijden. Deze genetische informatie heeft echter bepaalde risico’s. Zo kan het je privacy schenden. Wat als de verzekeringsmaatschappij of je werkgever er bijvoorbeeld achter komt dat je een genetische ziekte hebt? In de Verenigde Staten is in 2008 de Genetic Information Nondiscrimination Act (GINA) aangenomen, waardoor Amerikanen van genetische informatie kunnen profiteren, zonder bang te zijn dat dit tegen hen gebruikt kan worden.
Designer baby’s: mogen ouders kiezen welke kenmerken hun kind heeft?
Spermabanken laten toekomstige ouders karakteristieken kiezen die zij in hun kind terug zouden willen zien. Volgens een artikel in de New York Times wordt er in drie procent van de gevallen een kind met een genetisch defect geselecteerd. Dove mensen doen dit bijvoorbeeld omdat ze een kind willen die hun beperking deelt.
Klonen: mogen ouders zichzelf of iemand anders klonen?
De kloontechnologie verbetert in toenemende mate. Velen geloven dat het niet lang meer zal duren voordat het mogelijk is om een mens te klonen. De vraag is wanneer het ethisch verantwoord is om dit te doen.
Prenatale screening: zou iedereen toegang moeten hebben tot vruchtbaarheidsdiensten, zelfs als zij mogelijk niet in staat zijn hun kind adequaat op te voeden?
De Ethische Commissie van de ‘American Society for Reproductive Medicine’ heeft aanbevolen dat vruchtbaarheidsprogramma’s procedures ontwikkelen om te beoordelen of mensen in staat zijn een kind op te voeden. Volgens de samenleving zou niemand gediscrimineerd moeten worden en zou iedereen dus kinderen mogen krijgen. De vraag is echter waar je de grens moet trekken. Wat als bijvoorbeeld een pedofiel een kind wil krijgen?
Leeftijdsdiscriminatie: mag men op iedere leeftijd kinderen krijgen?
Door middel van medische procedures kunnen vrouwen op 60-jarige leeftijd nog kinderen krijgen. De vraag is wanneer iemand te oud is om een kind te krijgen. Zo moet rekening worden gehouden met het feit dat deze kinderen ouders zullen hebben met ernstige fysieke beperkingen. Bovendien overlijden deze ouders waarschijnlijk al voordat het kind volwassen is. Of is het moreel gezien slechter om mensen een leeftijdsgrens op te leggen voor het krijgen van kinderen?
Join with a free account for more service, or become a member for full access to exclusives and extra support of WorldSupporter >>
Concept of JoHo WorldSupporter
JoHo WorldSupporter mission and vision:
- JoHo wants to enable people and organizations to develop and work better together, and thereby contribute to a tolerant and sustainable world. Through physical and online platforms, it supports personal development and promote international cooperation is encouraged.
JoHo concept:
- As a JoHo donor, member or insured, you provide support to the JoHo objectives. JoHo then supports you with tools, coaching and benefits in the areas of personal development and international activities.
- JoHo's core services include: study support, competence development, coaching and insurance mediation when departure abroad.
Join JoHo WorldSupporter!
for a modest and sustainable investment in yourself, and a valued contribution to what JoHo stands for
Work for JoHo WorldSupporter?
Volunteering: WorldSupporter moderators and Summary Supporters
Volunteering: Share your summaries or study notes
Student jobs: Part-time work as study assistant in Leiden
- Insurance for emigrants, expats and living abroad: international insurance for expats and emigrants
- Insurance for activities abroad: Backpacking Travel abroad Intern abroad Study abroad Volunteer abroad Work abroad
- Insurance: ACS Globe Traveller Caremed Insurances Expatriate Travel Insurance IMG’s GlobeHopper World Nomads Insurance SafetyWing Insurance JoHo Special ISIS verzekering NL/BE Working Nomad verzekering NL/BE More about Insurance for abroad
Search only via club, country, goal, study, topic or sector
Select any filter and click on Search to see results








