De Graaf
Evidence-based werken in de Jeugd-GGZ
Studie ‘State of Art’: onderzoeken van de bekendheid met en gebruik van evidence-based interventies in de jeugd-ggz. Om dit te onderzoeken is er onder beroepskrachten en inhoudelijke managers een vragenlijst afgenomen.
Zijn respondenten bekend met databanken met informatie over kwaliteit van interventies? Ja: Landelijk Kenniscentrum Kinder- en Jeugdpsychiatrie, NJI etc.
Worden evidence-based interventies daadwerkelijk toegepast? Respondenten geven evenveel aan wel als niet gebruik te maken hiervan. Wel: voornamelijk bij diagnostische instrumenten, behandelingen en medicatie. Minder bij signalerings- en screeningsinstrumenten, preventieve interventies en justitiële interventies.
Waarom worden ook niet evidence-based interventies gebruikt? Voor sommige doelgroepen/problemen zijn geen evidence-based interventies beschikbaar (zoals comorbide stoornissen).
Bevorderende en belemmerende factoren voor het toepassen van evidence-based interventies (conclusies interviews):
Bevorderende factoren
- Protocollen hebben een duidelijk doel, biedt houvast.
- Implementatie
- Het werken met evidence-based interventies verhoogt de betrouwbaarheid van het professionele handelen: het zorgt voor doelmatiger en efficiënter interveniëren.
- Past bij de huidige ontwikkelingen richting meer stoornisspecifiek werken.
- Financiering
- Dbc (Diagnose Behandel Combinatie)-financieringssysteem wordt in veel instellingen gebruikt: maakt het boeken van indirecte cliëntgebonden tijd mogelijk, mits dit goed wordt verantwoord.
- Interventies en databanken
- Positieve ontwikkeling dat kennis over evidence-based interventies beschikbaar is.
Belemmerende factoren
- Implementatie
- Er blijft weinig ruimte over voor de professionaliteit van de beroepskracht.
- Evidence-based interventies geven onvoldoende richting over hoe om te gaan met kinderen die meerdere stoornissen hebben of die niet een specifieke stoornis hebben, maar wel een hoog klachtenniveau.
- Voor bepaalde doelgroepen/problematiek is geen evidence-based interventie beschikbaar.
- Evidence-based protocollen en interventies vergen veel inspanning en tijd.
- Financiering
- Verantwoorden kost veel tijd.
- Uitvoeren van complexe evidence-based programma’s kosten meer indirecte tijd dan sommige vormen van andere reguliere hulp.
- Dbc lijkt soms leidend te zijn voor de vorm en organisatie van zorg.
- Interventies en databanken
- Het indienen van interventies bij de databanken gebeurt maar weinig.
- Professionals zijn niet bekend met mogelijkheid eigen interventies in te dienen of het kost teveel tijd om deze te beschrijven.
- Voor velen is het niet duidelijk wat ‘evidence-based’ precies betekent.
- Het ‘volgen’ van databanken kost veel tijd.
- Niet duidelijk of er wel de meest recente informatie op de databank staat.
- Men is bang dat in de toekomst alleen nog maar interventies uit databanken uitgevoerd mogen worden en innovatie hierdoor in gevaar komt.
- Angst dat interventies waarvan effectiviteit nog niet bewezen is, niet meer uitgevoerd mogen worden, terwijl ze misschien wel effectief zijn.
- Kwaliteitsbewaking
- Monitoringssystemen (meten van uitkomsten interventies) verschillen per evidence-based interventie. Eén instelling is daardoor vaak gekoppeld aan meerdere monitorsystemen, terwijl de voorkeur natuurlijk uitgaat naar het gebruiken van één monitoringsysteem.
Geïnterviewden geven aan dat behandelaars bij individuele behandelingen, vaak elementen uit verschillende protocollen gebruiken > ‘behandeling op maat’ > sluit aan bij specifieke problematiek van jongere.
Aanbevelingen
- Implementatie: de aanbeveling is om een systematische implementatiemethode voor innovaties landelijk beschikbaar te stellen voor alle instellingen die jeugd-ggz bieden, bijvoorbeeld in de vorm van een praktische handleiding met daarin een concreet stappenplan.
- Interventiedatabanken: door de verschillende databanken aan elkaar te koppelen kan er een completer en helderder overzicht van beschikbare interventies worden weergegeven. Ook moet er een eenduidige definitie van ‘evidence-based’ komen. Ook wordt er aanbevolen om via subsidieaanvragen geld beschikbaar te stellen zodat praktijkinstellingen hun interventies kunnen laten beschrijven en indienen bij de interventiedatabanken.
- Onderzoek en praktijk: er is meer effectonderzoek nodig naar goed beschreven interventies die in de praktijk worden gebruikt.
- Afstemming en uitwisseling binnen de jeugd-GGZ: instellen van een taskforce: afstemming vinden tussen alle betrokken partijen > kennis uitwisselen en consensus bereiken over definities en prioriteren bij implementatie van evidence-based werken.