Hoorcollege
Verdragenrecht bestaat uit het geheel van rechtsregels die de totstandkoming, toepassing, interpretatie, wijziging, opschorting en beëindiging van verdragen regelen.
Waarom belangrijk:
De gevolgen van de schending van een verdrag heeft invloed op staatsaansprakelijkheid en tegenmatregelen
Grotendeel codificatie van gewoonterecht
Art. 19-23 WVV inzake voorbehouden = geen gewoonterecht
Veel andere artikel van WVV zijn wel gewoonterecht
Wat is een verdrag:
Art. 2.1 WWV: Een verdrag is een internationale overeenkomst tussen twee staten in geschreven vorm dat wordt geregeld door het internationale recht
Veel flexibiliteit en vrijheid voor de vorm, als het maar geschreven is en tussen twee staten is
Weens Verdragenverdrag (WVV) 1969:
Uitsluitend van toepassing op schriftelijke verdragen die zijn gesloten tussen staten (art. 1 WVV)
116 staten partij, NL in 1985
Staten die het verdrag niet hebben geratificeerd zijn wel gebonden aan de overeenkomstige regel van gewoonterecht. Dat zijn dus alle artikelen, want voornamelijk gewoonterecht behalve art. 19-23 WVV. Deze zijn geen gewoonterecht. Deze gaan over voorbehouden.
WVV inzake het verdragenrecht tussen staten en internationale organisaties (1986) en dus niet zoals van oorsprong tussen alleen staten, nog niet in werking getreden, maar belangrijkste regel worden toegepast
WVV wel subsidiair van aard:
- Alleen van toepassing als het verdrag ten aanzien waarvan een verdragsrechtelijke rechtsvraag rijst, zelf geen regels inzake die vraag bevat (als het verdrag zelf niks zegt over bijvoorbeeld niet-naleving en hoe dit moet worden opgelost of tijdsverloop dan pas naar het WVV)
- Denk dus aan de interpretatie van verdragen, opschorting, tijdsverloop, geschillenbeslechting, etc.
Geen retroactieve werking:
- Verdragen gesloten voor inwerkingtreding --> daarop is WVV niet van toepassing. Dus pas na toetreding van WVV geldt dit voor die verdragen. Voor toetreding geldt dus alleen het gewoonterecht op die verdragen
Het verdragenrecht geldt op elk soort verdrag (traités-contracts, traités-lois of traités-constitutions)
Twee types schriftelijke overeenkomsten:
Overeenkomsten in verdragsvorm (officiële procedure)
Verdrag in vereenvoudigde vorm (briefwisseling)
Qatar vs. Bahrein-zaak dit ging over een geschil over de Hawar-eilanden. Onder wiens gezag viel dit en tot wie de zee toebehoorde. Belangrijk of verslagen van vergaderingen tussen ministers van buitenlandse zaken ook als verdrag kan worden gezien. Qatar betrok Saudi-Arabië om als mediator te functioneren. Qatar overtuigd dat door wat ze hadden afgesproken tijdens de vergaderingen met Bahrein dat het IGH rechtsmacht zou hebben. Bij de briefwisseling zaten verslagen die ondertekend waren door ministers van buitenlandse zaken. Het IGH zei dat dit inderdaad gezien kan worden als internationaal verdrag, omdat in de verslagen duidelijk naar voren kwam dat wanneer er geschillen waren de partijen hadden afgesproken dit aan het IGH voor zouden leggen. Twee factoren die hierbij speelde:
- Actual terms – werkelijke voorwaarden
- Particular circumstances – bijzonder omstandigheden inzake die zaak (para 23)
De vorm van het verdrag is dus erg flexibel, maar de intenties moeten te goeder trouw zijn.
Structuur:
Preambule (tekst voorafgaand aan verdrag) --> reden sluiten van het verdrag en doel
Geen zelfstandige rechten of verplichtingen, maar kan nuttig zijn
Materiële bepalingen, genummerd in artikelen
Gedetailleerde afspraken soms in bijlagen van verdrag (annexen), integraal onderdeel van het verdrag
Formele bepalingen (procedurele aard van het verdrag) --> betreffen het verdrag als regelgevend instrument zelf
Bijvoorbeeld geschillenbeslechting, hoe kan iets wijzigen, etc. Hier kijk je dit eerst naar voordat je terugvalt op WVV
Nationale regels van verdragenrecht:
In NL: Grondwet art. 91-95, Statuut van het Koninkrijk art. 24-28, Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen
In NL is publicatie in Staatsblad voorwaarde van de toepassing van verdragsbepalingen (art. 93 GW)
Ondertekening --> goedkeuring parlement --> Tractatenblad en dus geratificeerd en eraan gebonden en kunnen burgers zich op de ieder verbindende bepaling beroepen
Consent to be bound:
Inwerkingtreding verdragen:
Ondertekening (dat je te kennen geeft dat je partij wilt zijn)
Bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring (door parlement worden goedgekeurd en in Tractatenblad komen)
Ondertekening:
Door vertegenwoordigers van de staat die bevoegdheid hebben (treaty-making power en beheerst door nationale recht)
Als iemand volmacht kan overleggen waaruit bevoegdheid blijft. Iemand die normaal gesproken geen treaty-power heeft kan voor dat speciale verdrag het wel verkrijgen om het verdrag te sluiten (art. 7 lid 1 WVV)
Sommige mensen altijd treaty-making powers: staatshoofden, regeringsleiders en ministers van buitenlandse zaken en dus nooit volmacht nodig
Bekrachtiging en toetreding (art. 14 WVV):
Bekrachtiging (ratificatie) --> internationale handeling waarmee een staat kenbaar maakt aan het verdrag verbonden te willen zijn (bv akte van bekrachtiging)
Toetreding --> voor staten die niet hebben deelgenomen aan onderhandelingen, of niet hebben getekend binnen de termijn
In NL --> voorafgaande goedkeuring door Staten-Generaal (art. 91 lid 1 GW)
Goedkeuring kan stilzwijgend of uitdrukkelijk
Verdragen die afwijken van de Grondwet: tweederde meerderheid van stemmen uitgebracht in 1e en 2e kamer (art. 91 lid 3 GW)
Ondertekening zonder bekrachtiging:
Inwerkingtreding:
Of als alle staten het verdrag hebben bekrachtigd. Dit verschilt per verdrag (art. 18 sub b WVV)
Bijvoorbeeld Akkoord van Parijs: trad pas in werking toen 55 staten die verantwoordelijk zijn voor 55 procent van wereldwijde uitspoot van broeikasgassen partij werden
Nietig vs. Vernietigbaar:
Vernietigbaar als...:
Redenen vernietigbaarheid art. 46-50 WVV:
- Dwaling
- Bedrog
- Corruptie
- Overschrijding nationale bevoegdheden (bv persoon met treaty-making powers instemming geeft voor verdrag in strijd met nationale recht. Art. 46 WVV: staat mag overschrijding van nationale bevoegdheden inroepen, maar uitsluitend als die strijdigheid onmiskenbaar was en het een regel van fundamenteel belang van het nationale recht van die staat betrof
Als succesvol --> instemming van de staat ongeldig en niet gebonden aan verdrag
Nietig als...:
Als verdrag onder dwang (art. 51 WVV) gesloten is
Als verdrag onder bedreiging (art. 52 WVV) gesloten is
Als verdrag in strijd is met jus cogens (art. 53 WVV)
Het is dan een ongeldig verdrag (art. 69 WVV)
Voorbehouden & interpretatieve verklaringen:
Staat die verdragspartij is kan de rechtsgevolgen van bepaalde verplichtingen uitsluiten of wijzigen (art. 19 WVV), indien niet in strijd met doel of strekking
Vooral bij verdragen die bij meerderheid worden aangenomen
Maar mogelijkheid is hiertoe begrensd:
- Sommige verdragen verbieden voorbehouden, bv VN-Zeeverdrag, Parijs Akkoorden (art. 27)
Eenzijdige verklaringen waar staat zijn oordeel geeft --> geen verandering rechtsgevolgen
Voorbehouden (art. 19 WVV):
Een staat mag een voorbehoud maken, tenzij:
- het mag niet in het verdrag zelf
- of wanneer alleen bepaalde behoud zijn toegestaan
- of als het niet onder sub a of b valt, mag het voorbehoud nooit in strijd zijn met doel of strekking van het verdrag
Als je als staat bent toegetreden tot een verdrag dan moet je de verplichtingen nakomen --> pacta sunt servanda:
Art. 26 WVV --> een inwerking getreden verdrag verbindt partijen en moet door deze te goeder trouw ten uitvoer worden gelegd
Art. 27 --> een partij mag zich niet beroepen op de bepalingen van zijn nationale recht om het niet ten uitvoer leggen van een verdrag te rechtvaardigen
Dit zijn dus regels van gewoonterecht
Als er een conflict is tussen verdragen:
Sommige verdragen kunnen bepalen dat nieuwere verdragen over hetzelfde onderwerp alleen toegestaan met eerdere verdrag
Soms kan regel uitdrukkelijk worden bepaald door verdragsbepalingen
Bv latere regel voor nieuwere regel
Interpretatie van verdragen;
Dit is ook geregeld in WVV
Art. 31 --> algemene regels van interpretatie
Art. 32 --> aanvullende regels interpretatie
Algemene regels van interpretatie (art. 31 WVV):
Aanvullende regels van interpretatie (art. 32 WVV):
Wijziging:
Subsidiaire regels art. 40 en 41, op basis van 39
Eerst weer eerst kijken of in het verdrag zelf regels hierover staan en anders naar subsidiaire regels van WVV
Heel moeilijk in praktijk (want weer onderhandelen wat ook weer lang duurt)
Opschorting, opzeggen, beëindiging:
Instemming rechtscheppende verdragen zal moeilijk te krijgen zijn
Opschorting wenselijker (art. 58 WVV)
Kan op basis van: materiële schending art. 60 WVV
Wel een geldige regel hebben, niet zomaar
Clausula rebis sic stantibus (art. 62 WVV):
Je kan uit een verdrag stappen als er een wezenlijke veranderingen van omstandigheden zijn geweest
Bijvoorbeeld wanneer twee landen een bergtunnel hebben gebouwd, maar er slaat een meteoriet in. Dan is dit verdrag is niet nodig, want de omstandigheden zijn zo radicaal veranderd omdat er geen berg meer staat.
Dit is dus erg radicaal