Welk effect heeft opvoeding tijdens de kleutertijd? - Chapter 8
Hoe gaat het opvoeden van een kleuter?
De kleutertijd loopt van drie tot vijf jaar. Gedurende deze fase zijn ouders vooral bezig met de sociale en emotionele ontwikkeling van het kind, hoe ze hen het beste kunnen disciplineren en goede sociale gedragingen kunnen stimuleren. Voor een deel wordt het opvoeden makkelijker op deze leeftijd want het kind is zindelijk, spreekt 2500 woorden, verstaat 4000 woorden, heeft een betere emotieregulatie, slaapt de nacht door en kunnen nu uitleggen wat ze willen en voelen. Belangrijk in deze fase is het blijven versterken van de hechtingsband. Dit kunnen ouders doen door positieve interacties met het kind, fysieke affectie, samen spelen en door het kind te ondersteunen. Ook worden verschillende socialisatie onderdelen belangrijker zoals geslachtsidentiteit en pro-sociale ontwikkeling. Kinderen worden ook steeds onafhankelijker, waardoor er soms disciplineproblemen ontstaan.
Hoe ontwikkelt de genderidentiteit?
Peuters hebben al geleerd dat ze een meisje of jongetje zijn op basis van hun anatomie, maar kleuters leren pas wat zo’n label inhoudt. Ze leren dat geslacht stabiel (verandert niet meer) en consistent (hetzelfde in alle situaties) is. Ze leren ook stereotype gedrag behorend bij het geslacht en pesten hierdoor leeftijdsgenoten als deze niet spelen met het juiste stereotype speelgoed.
Ouders kunnen helpen in de ontwikkeling van de genderidentiteit. Ten eerste labelen ze het kind als jongen of meisje, zodat het kind leert welke genderidentiteit zij hebben. Daarnaast leren ze het kind over gender door ze het verschil te leren tussen mannelijke en vrouwelijke genitaliën. Ook socialiseren ze kinderen richting hun gender door hun kleren, het inrichten van hun kamers en door welk speelgoed ze voor hen kopen. Jongens krijgen vaker speelgoed wat ruimtelijk inzicht aanmoedigt bijvoorbeeld. Verder hebben ouders ook andere verwachtingen van hun kinderen gebaseerd op hun geslacht (bijvoorbeeld dat jongens agressiever zijn en meisjes beter zijn in lezen). Daarnaast modeleren ouders ook genderrollen doordat ze vaak zelf een taakverdeling hebben gebaseerd op het geslacht (bijvoorbeeld dat de moeder vaker schoonmaakt en kookt). Ook moedigen ouders ander gedrag aan in hun kinderen door differentiële socialisatie: ze behandelen kinderen anders op basis van hun biologische sekse of andere individuele verschillen. Naast dat ouders genderverschillen en een specifieke genderidentiteit aanmoedigen met hun gedrag moedigen ze ook gender conformiteit aan. Dit doen ouders sterker naarmate ze uit traditionelere gezinnen komen. Deze ouderlijke invloeden staan wel altijd in verbinding met de invloed van biologie, leeftijdsgenoten, andere volwassenen (bijvoorbeeld leraren) en het kind zelf. Dit samen bepaalt uiteindelijk de genderidentiteit en -conformiteit van het kind.
Hoe ontwikkelt autonomie zich?
Kleuters hebben een sterke wil om dingen zelf te doen en hun eigen omgeving te controleren. Bowlby en Erikson herkenden dit al. Ouders helpen hiermee door kleine kinderen dingen zelfstandig te laten doen, bijvoorbeeld kiezen wat voor kleren ze aan willen. De dingen die kinderen zelf mogen doen moeten veilig en passend zijn bij de leeftijd van het kind. Op deze manier krijgen ze begeleiding maar leren ze ook dat ze keuzes mogen maken en dat de ouder hen zal steunen. Sommige ouders zijn overbeschermend en willen geen autonomie geven aan hun kind. Dit zorgt vaak voor gedragsproblemen en problemen met de mentale gezondheid van het kind.
Ouders kunnen verschillende manieren hebben om met de autonomie van het kind om te gaan. Autoritaire ouders houden strikte controle en geven dus weinig autonomie aan het kind. Toegeeflijke ouders hebben weinig controle en de kinderen hebben dus erg veel autonomie. Autoratieve ouders houden controle maar overleggen wel met het kind. Deze laatste stijl zorgt voor het meest competente kind.
Hoe worden emotieregulatie en zelfcontrole aangemoedigd?
Met emotieregulatie wordt bedoeld dat iemand in staat is om zijn eigen emoties onder controle te houden en te reguleren. Emotieregulatie is onderdeel van zelfcontrole. Juist in de kleutertijd maakt deze emotieregulatie een enorme ontwikkeling door. Kinderen die hun emoties niet goed kunnen reguleren kunnen twee soorten probleemgedragingen gaan vertonen. Ten eerste internaliserende gedragsproblemen: naar binnen gekeerd gedrag, zoals bang of teruggetrokken worden. Ten tweede externaliserende gedragsproblemen: naar buiten gekeerd gedrag, zoals slaan of schreeuwen.
Ouders helpen kinderen met het ontwikkelen van emotieregulatie op verschillende manieren. Zo geven ze een kind instructies over emoties, modeleren hoe het kind kan bepalen welke emotie het voelt en er dan mee omgaat, ze reageren op de emotionele expressie van het kind en bespreken emotie-gerelateerde onderwerpen. Een voorbeeld hiervan is het modelleren van emotieregulatie. Wanneer een ouder rustig reageert op een stressvolle gebeurtenis, zal het kind ook rustiger worden en leren in stressvolle situaties rustig te blijven. Ook karakteristieken van het gezin zoals de hechtingsstijl, hoe goed het huwelijk is en de opvoedingsstijl beïnvloeden hoe goed het kind is in het reguleren van emoties.
De executieve functies (functies die gedrag remmen, probleemoplossend vermogen en weerstand bieden aan afleidingen omvatten) worden gelinkt aan zelfregulatie. Er is waarschijnlijk een bi-directionele relatie tussen de twee. Ouders spelen hier ook een rol in, omdat zij het kind impulscontrole aan kunnen leren.
Hoe verloopt de pro-sociale ontwikkeling?
Pro-sociaal gedrag is gedrag bedoeld om anderen of de maatschappij te helpen. Voor veel ouders is dit een belangrijk doel. Wat hiermee verbonden is, is empathie: kunnen begrijpen en ervaren wat een ander voelt. Ouders kunnen de ontwikkeling van pro-sociaal gedrag helpen door hun empathie verbaal te uitten (‘ik merk dat je boos bent’). Ook kunnen ouders empathie voor anderen verbaliseren, wat ook wel affectieve terechtwijzingen genoemd worden (‘kijk, nu heeft Sophie pijn omdat je haar geduwd hebt’). Bij de ontwikkeling van empathie speelt de opvoedingsstijl van ouders ook een grote rol en de ouders zelf zijn daarnaast een rolmodel.
Verder helpen ouders het kind bij het ontwikkelen van moralen, of hoe je moet denken over dingen die te maken hebben met eerlijkheid, wat goed en fout is, gerechtigheid en het welzijn van anderen. Dit kunnen ze doen door het uitleggen van waarom ze bepaalde regels en verwachtingen van kinderen hebben. Kinderen leren hier het beste van als de uitleg op een warme, steunende en ontwikkelingsgepaste manier gebeurt en past bij het gedrag wat een ouder laat zien. Zo leert een kind niet dat slaan fout is van een ouder die het kind zelf slaat bijvoorbeeld.
Empathie tonen, pro-sociaal gedrag kunnen laten zien en het hebben van goede morele redenering zijn drie indicaties dat een kind op een gezond ontwikkelingstraject zit.
Hoe gaat het disciplineren, specifiek 'lijfstraffen' zoals slaan?
Doordat kinderen in deze levensfase erg gericht zijn op autonomie doen ze vaak niet wat ouders van hen vragen of breken regels gewoon om te zien wat er gebeurt. Echter verwachten ouders tegenstrijdig hieraan vaak volwassener gedrag van kinderen in deze periode. Hierdoor ligt het gebruik van disciplinerende acties ook het hoogst rond de drie tot vijf jaar.
Als kinderen drie jaar zijn worden ze gedisciplineerd door redenatie, de aandacht af te leiden, onderhandeling, dreigen, time out, negeren, schreeuwen, privileges afnemen of billenkoek. Billenkoek valt samen met het kind slaan, vastgrijpen en knijpen onder coercive discipline waarbij een ouder een straf of dreiging gebruikt om het kind te forceren zich op een bepaalde manier te gedragen. Sommige ouders slaan kinderen impulsief als ze boos zijn, maar de meeste ouders doen dit intentioneel omdat ze geloven dat het gedrag verandert en positieve uitkomsten heeft. Dit heeft echter eerder negatieve gevolgen want kinderen modeleren dit gedrag en gaan dan ook slaan, maar ook veroorzaak het mentale problemen bij het kind. Verder zorgt het ervoor dat het kind voornamelijk nadenkt over dat ze het niet leuk vinden om geslagen te worden en de negatieve emoties, in plaats van te begrijpen welk gedrag de ouder van ze verlangt.
Hoe werkt positieve discipline?
Deze vorm van discipline is gebaseerd op de ideeën van de autoritatieve opvoedingsstijl. Het idee van positieve discipline is dat de ouder en het kind samenwerken, waardoor de ouder niet ‘de baas’ maar een partner van het kind is. Hierdoor ontwikkelen de ouders en het kind een warme relatie waardoor de ouder het kind zonder het te straffen kan begeleiden.
Wat zijn een aantal hedendaagse problemen bij het opvoeden van kleuters?
Hoe gaat het opvoeden van kleuters met ADHD?
Attention-deficit/hyperactivity disorder (ADHD) is een stoornis waarbij kinderen last hebben van een korte aandachtsspanne en problemen hebben met hun geheugen, planning en impulsiviteit. Kinderen ervaren of problemen met onoplettendheid (makkelijk afgeleid, lijken niet te luisteren, zijn vergeetachtig) of problemen met hyperactiviteit (non-stop praten, niet op hun beurt kunnen wachten) of een combinatie van de twee. In de afgelopen twintig jaar is de prevalentie van ADHD onder kinderen in de leeftijd van vier tot zeventien jaar verdubbeld. Om schoolproblematiek bij deze kinderen te voorkomen, wordt vaak medicatie als Ritalin of Adderall voorgeschreven. Deze medicatie is stimulerend en er is niet duidelijk is wat voor effect het heeft op de ontwikkeling van de hersenen van kinderen. Een andere optie om ADHD te behandelen is om ouders en kinderen te trainen in hoe ze met de stoornis om kunnen gaan.
Hoe kiezen ouders een kinderopvang en of hun kind klaar is om naar school te gaan?
Omdat veel ouders allebei werken gaan veel kinderen naar de kinderopvang of zorgt er een familielid voor hen. Er zitten wel verschillen in de leeftijd waarop kinderen voor het eerst naar de opvang gaan en de intensiteit en duur van de tijd op de kinderopvang. Sinds de jaren zestig komt de kinderopvang steeds meer op en er is destijds ook een groot onderzoek naar gestart. Hieruit kwam naar voren dat een kinderopvang het beste effect op de ontwikkeling heeft als deze gekenmerkt wordt door een veilige, schone en stimulerende omgeving waarin een kleine groep kinderen ondersteund wordt door een groep niet autoritaire verzorgers. De meeste kinderen gaan vanaf een jaar of vier of vijf naar de kleuterklas, als ze schoolrijp zijn. Dit betekent dat ze de vaardigheden en kennis hebben die ze nodig hebben om goed te kunnen functioneren op school. Als een kind schoolrijp is dan heeft hij of zij voldoende emotieregulatie, controle over het gedrag, communicatie skills en sociale competentie ontwikkeld. Sommige kinderen gaan ter voorbereiding eerst naar de kinderopvang of peuterspeelzaal of ouders wachten nog een jaar met hun kind naar school sturen totdat het wel genoeg vaardigheden en kennis heeft ontwikkeld. Dit wordt redshirting genoemd. Veel ouders proberen hun kind voor te bereiden voor school door ze sociale of educatieve vaardigheden aan te leren. Thuis een boek lezen of educatieve televisiekijken helpt ook bij de overgang. Daarnaast moeten ouders hun kind genoeg vrijheid geven zodat ze zelf kunnen leren bepaalde vaardigheden te beheersen. Ook is een voldoende grote vocabulaire belangrijk voor het naar school gaan.
Wat voor invloed heeft het gebruik van media op kinderen?
Tegenwoordig is het dagelijks gebruik maken van media al vanaf jonge leeftijd de realiteit voor kinderen. Uit onderzoek is gebleken dat één derde van alle kinderen op driejarige leeftijd hun eigen televisie in de slaapkamer hebben. Deze ontwikkeling gaat samen met een groei van gedragsproblemen. Het vele televisie kijken lijkt gerelateerd aan agressie en zelfregulatie problemen. Daarnaast ontwikkelen kinderen minder goed hun vocabulaire, waardoor ze minder snel schoolrijp zijn. Ook zorgt het vele stilzitten vaak voor overgewicht.
Ouders lijken geen problemen te hebben met de grote hoeveelheid schermtijd van hun kinderen. Echter wordt er door experts geadviseerd om kinderen onder twee niet bloot te stellen aan media, en als kinderen twee tot vijf jaar oud zijn dit slechts te doen voor één uur per dag. Hierbij is het goed als de ouders meekijken. Daarnaast moet de tv niet als achtergrondgeluid aan blijven staan en moet spelen zonder dat daar media bij komt kijken aangemoedigd worden.
Wat kunnen ouders doen aan obesitas bij kinderen?
Sinds deze eeuw is obesitas een van de grootste publieke gezondheidsproblemen ter wereld. Recent onderzoek toont aan dat kinderen met overgewicht of obesitas vijf keer meer kans hebben op het ontwikkelen van obesitas, als ze volwassen zijn. Door obesitas heeft men niet alleen extreem overgewicht, maar kampt men vaak ook met allerlei bijkomende gezondheidsproblemen, zoals depressie, laag zelfbeeld, hoge bloeddruk en astma. Om obesitas bij kinderen tegen te gaan, is het belangrijk dat de ouders niet alleen hun kind gezonde voeding geven, maar ook dat ze zelf gezond leven. Ze modeleren namelijk voedselkeuze richting het kind, bepalen welk eten er in huis is en controleren wat het kind precies binnenkrijgt. Daarnaast is het belangrijk dat ouders hun kinderen een actieve leefstijl aanleren. Dit gaat niet per se alleen om sporten, maar ook andere simpele dingen zoals het limiteren van schermtijd, dagelijks buitenspelen of wandelen met de hond. Deze actieve levensstijl is niet alleen belangrijk voor het gewicht van kinderen maar het zorgt ook voor een betere cognitieve en sociale ontwikkeling.
Wat voor effecten hebben ongunstige ervaringen in de kindertijd op het kind en wat is de rol van ouders hierin?
Ongunstige of aversieve ervaringen kunnen hele grote dingen zijn zoals oorlog, terrorisme of natuurrampen, maar het kunnen ook problemen in het gezin zijn zoals geweld, verwaarlozing of mishandeling. Kinderen reageren op deze ervaringen door hyperarousal in het systeem wat reageert op stress. Stress triggert de hypothalamus-hypofyse-bijnier-as (HPA-as), deze speelt een rol bij angst(regulatie) en maakt als gevolg van de stress neurotransmitters en neurohormonen aan. Doordat het brein hier vervolgens op reageert kunnen deze hormonen invloed hebben op genetische expressie. Met dit laatste wordt bedoeld dat er bijvoorbeeld een grotere reactiviteit kan ontstaan op stimuli waar kinderen bang voor zijn en dat ze sneller een schrikreactie vertonen bij het zien van bepaalde dingen dan andere kinderen.
Ouders kunnen hier verschillende rollen in spelen of hebben gespeeld. Aan de ene kant kunnen ze de oorzaak zijn dat een kind is blootgesteld aan stress (bijvoorbeeld door hen te vertellen over eigen volwassen zorgen). Aan de andere kant kan de blootstelling ook buiten de controle van de ouders liggen (bijvoorbeeld natuurrampen, serieuze gezondheidsproblemen of de dood) en kunnen ouders dus hun kinderen niet tegen alles beschermen. Wel kunnen ouders hun kinderen beschermen tegen de effecten die deze stress kan hebben door ze te helpen begrijpen wat er gebeurd is op een manier die passend is voor hun leeftijd. Daarnaast kunnen ze het kind steun bieden of professionele begeleiding voor hen zoeken.
Join with a free account for more service, or become a member for full access to exclusives and extra support of WorldSupporter >>
Concept of JoHo WorldSupporter
JoHo WorldSupporter mission and vision:
- JoHo wants to enable people and organizations to develop and work better together, and thereby contribute to a tolerant and sustainable world. Through physical and online platforms, it supports personal development and promote international cooperation is encouraged.
JoHo concept:
- As a JoHo donor, member or insured, you provide support to the JoHo objectives. JoHo then supports you with tools, coaching and benefits in the areas of personal development and international activities.
- JoHo's core services include: study support, competence development, coaching and insurance mediation when departure abroad.
Join JoHo WorldSupporter!
for a modest and sustainable investment in yourself, and a valued contribution to what JoHo stands for
- Login of registreer om te kunnen reageren
- 2484 keer gelezen
Work for JoHo WorldSupporter?
Volunteering: WorldSupporter moderators and Summary Supporters
Volunteering: Share your summaries or study notes
Student jobs: Part-time work as study assistant in Leiden
- Login of registreer om te kunnen reageren
- 2156 keer gelezen
- Insurance for emigrants, expats and living abroad: international insurance for expats and emigrants
- Insurance for activities abroad: Backpacking Travel abroad Intern abroad Study abroad Volunteer abroad Work abroad
- Insurance: ACS Globe Traveller Caremed Insurances Expatriate Travel Insurance IMG’s GlobeHopper World Nomads Insurance SafetyWing Insurance JoHo Special ISIS verzekering NL/BE Working Nomad verzekering NL/BE More about Insurance for abroad
Search only via club, country, goal, study, topic or sector
Select any filter and click on Search to see results








