Strafprocesrecht - UU - Werkgroepopdrachten 2015/2016 - Week 5


Vragen

Vraag 1

Op welke gronden kan de rechter de sluiting van de deuren bevelen?

Vraag 2

Noem de bepalingen over het onderzoek ter terechtzitting waarmee wordt beoogd de onpartijdigheid en onafhankelijkheid van de rechter te waarborgen.

Vraag 3

a. Op welke gronden kan de rechter bepalen dat de verdachte de zittingzaal moet verlaten?

b. Op welke gronden kan de rechter bepalen dat de getuige de zittingzaal moet verlaten?

Vraag 4

a. Als de raadsman wel, maar de verdachte niet ter terechtzitting is verschenen, is er dan sprake van een strafproces op tegenspraak of een strafproces bij verstek?

b. Wat is het voordeel, en wat het nadeel voor de verdachte van een procedure bij verstek?

Vraag 5

Wat is een regiezitting?

Vraag 6

Welke preliminaire verweren kan de verdachte voeren?

Vraag 7

Waarom is het van belang dat schriftelijke bewijsstukken ter zitting worden voorgelezen?

Vraag 8

Binnen welke termijn na de sluiting van het onderzoek dient de rechtbank uitspraak te doen?

Vraag 9

Casus
Na een bezoek aan zijn familie rijdt Jeroen, vergezeld door zijn kennis Ria, met de auto naar huis. Gerard steekt vóór Jeroens auto de straat over. Jeroen schept Gerard die zwaargewond op straat blijft liggen. Even later verschijnt een surveillanceauto van de politie. Als de agenten informeren wat er is gebeurd, begint Ria, nog helemaal overstuur, uit te roepen dat zij nog zo had gezegd dat Jeroen niet zo belachelijk hard moest rijden. Jeroen zegt op dwingende toon tegen Ria dat zij haar mond moet houden en hij ontkent met grote stelligheid dat hij te hard heeft gereden. De politie maakt een ambtsedig proces-verbaal op van de verklaring van Ria en van die van Jeroen. Bovendien verricht de politie onderzoek naar de remsporen en de schade ter plekke. Anderhalve maand later wordt Gerard – die bij het ongeval zwaar gewond is geraakt en lange tijd in het ziekenhuis moet verblijven, alwaar hij langzaam herstelt – na te zijn beëdigd, door de rechter-commissaris gehoord. Hij verklaart dat Jeroen met hoge snelheid aan kwam rijden. Gerard moest overigens desgevraagd toegeven dat hij niet op een zebrapad overstak. Van Gerards verklaring maakt de griffier een ambtsedig proces-verbaal op, dat door hem en de rech-ter-commissaris wordt ondertekend. Ria wordt eveneens door de rechter-commissaris gehoord. Zij verklaart dat zij inderdaad had uitgeroepen dat Jeroen niet zo hard had moeten rijden. Maar daarmee bedoelde zij niet dat hij de maximumsnelheid had overschreden; zij vond dat je in de stad niet harder zou moeten rijden dan 30 km/u, terwijl Jeroen 50 km/u reed. Ook hiervan maakt de griffier een ambtsedig proces-verbaal op, dat door hem en de rechter-commissaris wordt ondertekend. Jeroen en zijn raadsman zijn niet in de gelegenheid gesteld  de verhoren van de rechter-commissaris bij te wonen, noch om aan de rechter-commissaris vragen op te geven (artikel 186 jo. 186a Sv). Een maand daarna ontvangt Jeroen de dagvaarding, waarin hij wordt opgeroepen om drie we-ken later voor de rechter te verschijnen. Hem wordt zwaar lichamelijk letsel door schuld door overschrijding van de maximumsnelheid (artikel 6 WVW jo. 175 lid 1 1994) ten laste gelegd. In het dossier bevinden zich de processen-verbaal van de getuigenverklaringen en van de resultaten van het technisch onderzoek. Het technisch onderzoek wijst blijkens het desbetreffende proces-verbaal uit dat de snelheid van de auto op het moment van de aanrijding tussen 47 en 72 km/u moet hebben bedragen.

a. Op welke wijze kan de raadsman van Jeroen bewerkstelligen dat Gerard wordt opgeroepen ter terechtzitting te verschijnen? Beschrijf de potentiële procesgang daartoe zo volledig mogelijk.

b. Stel: een uur voor de zitting wordt de raadsman van Jeroen gebeld door een tot dan toe niet gehoorde persoon, Pietersen, die zegt dat hij het voorval heeft gezien en een verklaring ten gunste van Jeroen kan afleggen. Op welke wijze kan worden bewerkstelligd dat Pietersen ter zitting als getuige wordt gehoord?

c. Dient de rechtbank Ria als getuige op te roepen als de rechtbank gebruik wil maken van haar verklaring, afgelegd ten overstaan van de politie?

Antwoordindicatie

Vraag 1

De rechter kan de sluiting van de deuren bevelen op de grond van art. 4 lid 2 RO, als er sprake is van gewichtige redenen.

Vraag 2

De bepalingen over het onderzoek ter terechtzitting waarmee wordt betoogd de onpartijdigheid en de onafhankelijkheid van de rechter te waarborgen, zijn dat de rechter niet tevoren als rechter-commissaris onderzoek in de zaak mag hebben verricht (art. 268 Sv) en ze mogen niet blijk geven van enige overtuiging over schuld of onschuld van de verdachte (art. 271 Sv).

Vraag 3

a. Confrontatie artikel 297 lid 3 Sv.

b. Confrontatie artikel 297 lid 2 Sv.

Vraag 4

a. Artikel 279 lid 2 Sv, als advocaat gemachtigd is, is er sprake van tegenspraak.

b. Artikel 280 jo 278 Sv => nietigheid dagvaarding.

Vraag 5

Een regiezitting is een zitting voorafgaand aan inhoudelijke behandeling van de zaak waarop beslissingen over te horen getuigen en deskundigen en preliminaire verweren worden behandeld. Arrest regiezitting.

Vraag 6

Artikel 283 Sv.

Vraag 7

De verdachte heeft niet altijd toegang tot (alle) processtukken in het vooronderzoek.

Vraag 8

Art 342 Sv verklaring getuige:
- eis van objectiviteit (unus-nullius lid 2) - bij onderzoek op de terechtzitting lid 1 (dus niet bij politie). Verklaring bij politie = de auditu, zie De auditu arrest

Vraag 9

a. Art. 263 Sv, tenzij art. 264 Sv: verdachte is bevoegd om een getuige op te roepen. De weigeringsgronden voor de officier van justitie staan in art. 263 lid 2 Sv: termijn (10 dagen voor de terechtzitting + uitzondering laatste zin, dus 3 dagen) anders is de dagvaarding nietig, art. 265 Sv.

Art. 263 lid 3 Sv: oproepen in persoon of schriftelijk.

Art. 264 lid 1 en 2 Sv: weigeringsgronden. Lid 1 onder c: verdediging van verdachte moet niet geschaad worden.

Art. 287 Sv lid 3 sub a is een vorm van oproeping bij de rechtbank. De rechtbank kan ook het weigeren op dezelfde gronden als de OvJ (art. 288 Sv)

Art. 315 Sv jo 388 Sv: de verdachte kan een verzoek indienen bij de rechtbank. Hier moet er sprake zijn van noodzakelijkheid, art. 263 en 264 Sv.

b.

  1. Art. 287 Sv lid 2: ‘verschenen getuigen’ worden gehoord tenzij art. 288 lid 1 sub b en c Sv (a is niet meer mogelijk want de getuige verschijnt) en toestemming van de rechter.

  2. Art. 328 jo 315 Sv is nog mogelijk als de verdachte niet op tijd opgeroepen is, art. 287 Sv.

c. Ja, de auditu verklaring HR

Page access
Public
Join World Supporter
Join World Supporter
Follow the author: Law Supporter
Comments, Compliments & Kudos

Add new contribution

CAPTCHA
This question is for testing whether or not you are a human visitor and to prevent automated spam submissions.
Image CAPTCHA
Enter the characters shown in the image.
Promotions
special isis de wereld in

Waag jij binnenkort de sprong naar het buitenland? Verzeker jezelf van een goede ervaring met de JoHo Special ISIS verzekering