Casus I
Beek Advocaten U.A. heeft drie bestuurders: Arnold, Bruno en Gerard. In de statuten van deze bij notariële akte opgerichte coöperatie is opgenomen dat voor de aanschaf van registergoederen de goedkeuring nodig is van de algemene ledenvergadering. In de statuten is voor het overige niets geregeld over de vertegenwoordigingsbevoegdheid. De statuten van Beek Advocaten U.A. zijn conform de daarvoor geldende wettelijke regels openbaar gemaakt bij het handelsregister. Het bestuur koopt op 13 augustus 2019 namens de coöperatie een kantoorpand van Hein voor een bedrag van € 600.000 zonder dat hiervoor goedkeuring van de algemene ledenvergadering is verkregen. Hein is een goede vriend van Gerard. Hein is er niet van op de hoogte dat er geen goedkeuring is van de algemene ledenvergadering. Achteraf blijkt dat vergelijkbare kantoorpanden in dezelfde straat voor een bedrag van € 475.000 van de hand gaan.
Vraag 1
Kan Hein Beek Advocaten U.A. met succes aanspreken tot nakoming van de overeenkomst tot aanschaf van het kantoorpand?
Vervolg Casus I
Bestuurder Bruno koopt op 16 november 2019 namens de coöperatie drie computers van Digi BV voor een bedrag van € 9.000.
Vraag 2
Is Beek Advocaten U.A. gebonden aan de overeenkomst tot aanschaf van de computers?
Casus II
De heer Bloem wordt op aanvraag van de fiscus failliet verklaard. Bloem dreef, in de vorm van een eenmanszaak, een schildersbedrijf. In het faillissement van Bloem komen de volgende prefaillissementsschuldeisers voor de volgende (erkende) vorderingen op:
- Grijntjes: met een vordering van € 3.000 wegens achterstallig loon
- Fiscus: met een vordering van € 1.000 wegens aanvraagkosten faillissement
- Fiscus: met een vordering van € 15.000 wegens omzetbelasting
- De Jong BV: met een vordering van € 15.000 wegens geleverde verf
- Rabobank: met een vordering van € 360.000 wegens een lening, gedekt door een hypotheekrecht dat gevestigd is op het aan Bloem toebehorende woon/winkelpand
De curator gaat na verloop van tijd over tot openbare verkoop van het woon/winkelpand. Na aftrek van de kosten van executie en van het omslagbedrag ex art. 182 Fw resteert aan netto-actief een bedrag van € 390.000. Overige activa ontbreken.
Vraag 3
Geef onder verwijzing naar de relevante wetsbepalingen aan in welke rangorde het beschikbare bedrag van € 390.000 over de genoemde schuldeisers zal worden verdeeld.
| Rangnummer | Naam schuldeisers | Bedrag van de uitkering | Wetsartikel(en) |
| 1 | | | |
| 2 | | | |
| 3 | | | |
| 4 | | | |
| 5 | | | |
Casus III
Raya heeft voor een zilveren ketting, die zij heeft geërfd van haar oma Cien, in 1999 een kostbaarhedenverzekering afgesloten bij Unavo. Raya en Unavo hebben in onderling overleg de waarde van de ketting bepaald op € 15.000 en deze waarde opgenomen in de verzekeringsovereenkomst. De verzekerde som is eveneens op dat bedrag gesteld. Raya leeft al geruime tijd in onmin met haar nicht Linda. Een van redenen is dat Linda zich door oma Cien – bij leven – achtergesteld voelde ten opzichte van Raya. Zo kan Linda het niet verkroppen dat Raya de zilveren ketting heeft geërfd. Raya en Linda krijgen tijdens een familiereünie ruzie, waarna Linda de ketting van de hals van Raya trekt. De ketting is onherstelbaar beschadigd. Raya spreekt Unavo aan tot betaling van € 15.000. Unavo meent dat de ketting in 2019 nog een waarde heeft van € 12.000 en is bereid dit bedrag uit te keren.
Vraag 4
Welk bedrag dient Unavo aan Raya uit te keren?
Vraag 1
Ja. De vertegenwoordigingsbevoegdheid van het bestuur (art. 2:45 lid 1 BW jo. art. 2:53a BW) is onbeperkt en onvoorwaardelijk (art. 2:45 lid 3 BW), want de statutaire goedkeuringsvoorwaarde is niet tot de wet te herleiden. Art. 2:44 lid 2 BW is niet van toepassing op de coöperatie. In casu kan het Bibolini-arrest geen toepassing vinden omdat Hein geen wetenschap heeft van de overschrijding van de interne beperking/de omstandigheid dat geen goedkeuring is verkregen van de algemene ledenvergadering. Dit ondanks dat voor het pand €125.000 meer is betaald dan voor vergelijkbare panden.
Vraag 2
Nee. Bestuurder Bruno is niet individueel vertegenwoordigingsbevoegd (art. 2:45 lid 2 BW).
Vraag 3
| Rangnummer | Naam schuldeisers | Bedrag van de uitkering | Wetsartikel(en) |
| 1 | Rabobank | € 360.000 | art. 3:279 BW jo. art. 58 Fw |
| 2 | Fiscus | € 1.000 | art. 3:288 sub a BW jo. art. 21 lid 2 IW 1990 |
| 3 | Fiscus | € 15.000 | art. 21 lid 1 jo. lid 2 IW 1990 |
| 4 | Grijntjes | € 3.000 | art. 3:288 sub e BW |
| 5 | De Jong BV | € 11.000 | art. 3:277 BW (concurrent schuldeiser) |
Vraag 4
Omdat het een partijtaxatie betreft, kan Unavo worden toegelaten tot het leveren van (tegen)bewijs dat de ketting in 2019 een werkelijke waarde heeft van € 12.000. Slaagt Unavo in dit bewijs, dan kan zij volstaan met uitkering van dit bedrag. Lukt het Unavo niet dit bewijs te leveren, dan dient zij 15.000 uit te keren.