Oefenvragen gebaseerd op het vak Arbeidsrecht aan de Universiteit Leiden
Vraag 1
Wat zijn de consequenties indien de werkgever de werknemer te laat heeft ingelicht over de beëindiging van haar contract?
Vraag 2
Evelien (22 jaar) heeft na haar studie Sociaalpedagogische hulpverlening een eenjarige clownsopleiding gevolgd. Hierop treedt zij per 1 januari 2016 als Kliniek-clown in dienst bij het Beatrix kinderziekenhuis op basis van een arbeidsovereenkomst voor de duur van één jaar. Ze is erg blij met haar eerste baan. Op de arbeidsovereenkomst is de Cao Stichting Kliniek-clowns 2016-2017 van toepassing. Voor de proeftijd wordt verwezen naar deze Cao waarin een proeftijd van 2 maanden is opgenomen voor zowel werkgever als werknemer.
Evelien wordt uitgenodigd voor het traditionele oud & nieuwfeest op 31 december 2016. Evelien is met stomheid geslagen als haar manager Wouter haar nog voor de jaarwisseling overvalt met het bericht dat hij heeft besloten om haar contract niet te verlengen vanwege recent aangekondigde besparingen. Wouter verontschuldigt zich voor het feit dat hij Evelien niet eerder heeft geïnformeerd over dit besluit en dat zij vanaf de dag erna zonder werk zit. Evelien is woedend en bedenkt wat zij kan ondernemen tegen het Beatrix kinderziekenhuis.
Evelien vraagt zich af of zij een vordering tot wedertewerkstelling in kan stellen, omdat zij van mening is dat haar arbeidsovereenkomst niet rechtsgeldig geëindigd is op 31 december 2016. Verwacht u dat deze vordering kans van slagen heeft?
Vraag 3
Gesteld dat Evelien’s contract geldig is geëindigd en zij geen recht heeft op een billijke ontslagvergoeding, ziet u nog mogelijkheden voor Evelien om enige financiële vergoeding te vorderen van het Beatrix kinderziekenhuis? Zoja, hoe hoog zou(den) deze zijn?
Antwoordindicatie
Vraag 1
Op grond van art. 7:667 lid 1 BW eindigt een arbeidsovereenkomst van rechtswege, wanneer de tijd is verstreken bij overeenkomst of bij de wet aangegeven.
Vraag 2
Hier is sprake van een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd van 1 jaar. Volgens art. 7:667 lid 1 BW eindigt een overeenkomst voor bepaalde tijd van rechtswege wanneer de tijd is verstreken bij overeenkomst. (5 punten)
In dit geval was voorts geen voorafgaande opzegging vereist, omdat geen van de situaties uit art. 7:667 lid 2 BW van toepassing is.
Conclusie: De arbeidsovereenkomst is rechtsgeldig geëindigd op 31 december 2016, zodat Evelien’s vordering geen kans van slagen heeft.
N.B. De werkgever heeft zich niet gehouden aan de aanzegverplichting ex art. 7:668 BW, maar dit heeft geen rechtspositionele gevolgen. Dit heeft enkel financiële gevolgen.
Vraag 3
Evelien komt niet in aanmerking voor een transitievergoeding, omdat zij slechts 1 jaar in dienst is geweest. Zij voldoet hiermee niet aan het vereiste van minimaal 24 maanden dienstverband ex art. 7:673 lid 1 BW. (5 punten)
Wel heeft het Beatrix kinderziekenhuis de aanzegverplichting ex art. 7:668 lid 1 aanhef en lid 1 onder a BW geschonden. Hier is sprake van een arbeidsovereenkomst die van rechtswege eindigt. Het ziekenhuis had haar daarom uiterlijk een maand, te weten in de casus voor 1 december 2016 , schriftelijk moeten informeren over het al dan niet voortzetten van haar contract. Er doet zich ook geen uitzondering voor op deze regel zoals opgenomen in art. 7:668 lid 2 BW.
Het ziekenhuis heeft haar te laat, namelijk op haar laatste werkdag op 31 december pas geïnformeerd over het niet voortzetten van haar contract. Dit is 1 maand te laat. Voorts heeft het ziekenhuis dit slechts mondeling gedaan en niet schriftelijk. Conform art. 7:668 lid 3 BW kan zij een vergoeding vorderen van het Beatrix kinderziekenhuis gelijk aan het loon voor één maand. (5 punten)