Psychology and behavorial sciences - Theme
- Login of registreer om te kunnen reageren
- 35306 keer gelezen
Solomon Asch kwam met twee modellen die een verklaring boden voor de manier waarop mensen indrukken van anderen vormden die ze nog niet eerder hebben gezien. Noem deze twee modellen en licht ze toe.
Wat is het verschil tussen de elementaire benadering en de holistische benadering?
In de sociale psychologie kunnen vijf algemene modellen van de sociale denker worden geïdentificeerd. Een hiervan is het geactiveerde acteursmodel (activated actor model). Licht dit model toe.
Volgens de elementaire benadering (Wundt, Ebbinghaus) komt informatie bij ons binnen via onze zintuigen en percepties en vormt het ideeën. Deze ideeën worden geassocieerd door nabijheid in ruimte en tijd.
Volgens de holistische benadering (Gestalt; Kant) organiseert de geest de wereld aan de hand van groepering.
Deze visie zag mensen als geactiveerde acteurs. Zonder dat ze zich hier bewust van zijn, worden de sociale concepten van mensen haast automatisch geactiveerd door hun sociale omgeving. Als gevolg activeren zij haast onvermijdelijk de cognities, gevoelens, evaluaties, motivaties en gedragingen die met deze sociale concepten worden geassocieerd.
Welk model stelt dat mensen geneigd zijn om te vertrouwen op relatief automatische processen, afhankelijk van situationele vereisten?
Wat is het verschil tussen subliminale priming en bewuste priming?
Wat wordt bedoeld met chronisch toegankelijke concepten?
Noem drie voorbeelden van een gestuurd proces en licht deze voorbeelden toe.
Onze tactieken die we gebruiken om te switchen tussen onbewuste, automatische gedachten en bewuste, gestuurde gedachten zijn afhankelijk van onze motieven. Noem onze belangrijkste motieven en licht deze toe.
Er zijn twee algemene modellen die een verklaring bieden voor de manier waarop we anderen waarnemen. Welke twee modellen zijn dit? Licht ze toe.
Het model van de gemotiveerde tacticus.
Subliminale priming treedt op wanneer een concept in onze hersenen geactiveerd wordt door een bepaalde cue uit de omgeving die in de oppervlakte van ons bewustzijn blijft hangen. Bewuste priming vindt plaats wanneer we ons bewust zijn van een prime, maar we er tegelijkertijd niet bewust van zijn hoe die waarneming invloed heeft op ons gedrag.
Chronisch toegankelijke concepten zijn die attributen die we door middel van ervaring met anderen leren te associëren.
Wat wordt bedoeld met encodering?
Wat maakt saillantie context-afhankelijk?
Wat maakt een stimulus levendig?
Onze hersenen categoriseren en organiseren informatie van nature. Deze categorieën kunnen meer of minder toegankelijk zijn. Waar is de toegankelijkheid van categorieën van afhankelijk?
Waar zijn assimilatie en contrasteffecten van afhankelijk?
Bij encodering wordt een waargenomen stimulus getransformeerd tot een interne representatie.
Sociale saillantie is context-afhankelijk; we springen op sociaal vlak uit het oog wanneer we iets nieuws/onbekends presenteren.
Een stimulus wordt gedefinieerd als levendig als deze emotioneel interessant, concreet en verbeeldingsopwekkend en op sensorische, temporale of ruimtelijke wijze nabij is.
Priming.
Assimilatie en contrast zijn afhankelijk van het bewustzijn van de prime, de eigenschappen van de betrokken stimuli, en het doel van de waarnemer.
Er zijn vier associatieve netwerkmodellen van het sociaal geheugen. Noem deze vier modellen en licht ze toe.
De activatie van sociale categorieën kan plaatsvinden via seriële of parallelle verwerking. Wat is het verschil tussen deze twee processen?
Wat representeren de verbindingen en verbindingssterktes in parallel gedistribueerde verwerkingsmodellen (PDP-modellen)?
Waarom is het parallel constraint satisfaction (PSP) model met name toepasbaar op sociale cognitie?
Wat maakt categorische persoonsperceptie een top-down proces?
Wat veronderstelt de exemplaar benadering?
Een parallel proces activeert veel gerelateerde paden tegelijkertijd, terwijl een serieel proces plaatsvindt als een reeks stappen.
De verbindingen representeren randvoorwaarden over welke eenheden geassocieerd zijn. Verbindingssterktes representeren het soort associatie en de magnitude ervan.
Volgens de perceptuele kennistheorie (model van perceptuele symboolsystemen; PSS) is onze interne en externe ervaring geëncodeerd aan de hand van perceptuele symbolen. Deze theorie is met name toepasbaar op sociale cognitie, omdat het niet alleen gericht is op het archiveren van herinneringen, maar op het voorbereiden op gesitueerde handelingen welke ingebed zijn binnen een bepaalde context. Sociale psychologie stelt dat iemands sociale omgeving een belangrijke rol speelt in gedachten, gevoelens en gedragingen. Het PSS model plaatst de persoon in diens interpersoonlijke context.
Categorische persoonsperceptie wordt gezien als een top-down proces, aangezien we eerder veronderstelde ideeën opleggen op de realiteit.
De exemplaar benadering stelt dat iemand in plaats van een abstract prototype afzonderlijke instanties onthoudt die hij/zij is tegengekomen. Hij/zij vergelijkt vervolgens waargenomen stimuli met zijn/haar eigen herinneringen van exemplaren van dezelfde categorie.
Licht de volgende begrippen toe:
Noem de twee motivationele systemen die ons gedrag reguleren en licht ze toe.
Higgins maakte onderscheid tussen twee soorten zelf-guides: de ideale zelf en de behoorde (ought) zelf. Wat is het verschil tussen deze twee zelf-guides? En op welke manier dienen discrepanties tussen de twee als motivator?
Op welke wijze verschillen zelfverbetering en zelfontplooiing van elkaar?
Volgens de simulatietheorie doen we aan zelfrefereren. Wat houdt dit in?
De ideale zelf is de persoon die je wil zijn en de behoorde (ought) zelf – vaak gebaseerd op iemands overtuigingen over gepast sociaal gedrag en de verwachtingen van anderen – is de persoon die je volgens jezelf zou moeten zijn. Discrepanties tussen de behoorde en ideale zelf zijn een motivator; mensen streven naar verbetering van zichzelf.
Zelfverbetering heeft betrekking op de doelen die we stellen die ons dichter bij onze mogelijke zelf brengen. Zelfontplooiing is de inspanning die we leveren om een positieve ervaring van de zelf te behouden of te creëren.
Zelfrefereren houdt in dat we de mentale toestand van anderen afleiden door ons te verbeelden wat onze eigen gedachten en gevoelens zouden zijn in een gelijke situatie.
Join with a free account for more service, or become a member for full access to exclusives and extra support of WorldSupporter >>
JoHo WorldSupporter mission and vision:
JoHo concept:
Volunteering: WorldSupporter moderators and Summary Supporters
Volunteering: Share your summaries or study notes
Student jobs: Part-time work as study assistant in Leiden


Search only via club, country, goal, study, topic or sector
Select any filter and click on Search to see results