Culturele verschillen als bron van kwetsbaarheden en middelen in de ontwikkeling - Coll (2000) - Artikel

Inleiding

Er zijn al heel wat onderzoeken geweest om de rol van cultuur bij de ontwikkeling van een kind te begrijpen. Bij het doen van onderzoek zijn er nogal wat obstakels waar tegenaan gelopen kan worden. Er is geconcludeerd dat bij het bestuderen van de ontwikkeling van een kind het noodzakelijk is de ouders en het kind te zien in een grote context. Het is hierbij lastig verschillende factoren van elkaar te onderscheiden en de precieze causale verbanden te ontdekken. Een ander probleem dat onderzoekers tegenkomen is de verleiding te generaliseren. Vaak zijn er binnen bepaalde groepen grote verschillen tussen de individuen. Daarnaast kan het begrip cultuur op meerdere manieren opgevat worden. Daarom wordt er onderscheid gemaakt tussen cultuur, etniciteit, ras, minderheidsstatus en sociale klasse. Vooroordelen en discriminatie hebben een niet te onderschatten invloed op de sociaal-economische status van bepaalde minderheidsgroepen.

Bij het inventariseren van de risico- en succesfactoren bij de ontwikkeling van een kind, werden de voorgaande begrippen één voor één behandeld. Cultuur kan op meerdere gebieden een risicofactor vormen. Samenwerking van mensen met verschillende culturen kan leiden tot een culturele mismatch. De ene cultuur heeft andere overtuigingen en vindt andere zaken belangrijk dan de andere. Een andere manier waarop cultuur een bron van kwetsbaarheid kan zijn, is de ervaring van mensen een culturele minderheid te zijn. Racisme, discriminatie en uitsluiting kunnen invloed hebben op de sociale en cognitieve ontwikkeling van een kind.

Begrippenuitleg

Cultuur, etniciteit en ras zijn drie begrippen die vaak door elkaar gehaald worden. Cultuur verwijst naar een groep mensen die op een bepaalde manier met bepaalde waarden en overtuigingen leeft. De ideeën en leefwijze van deze groepen worden van generatie op generatie doorgegeven. Familie wordt gezien als de belangrijkste doorgever van cultuur. Het opvoeden van een kind is per cultuur sterk verschillend. Een eigenschap die in de ene cultuur van enorme waarde is, kan in een andere cultuur veel minder belangrijk gevonden worden.

Het begrip etniciteit wordt gebruikt om een groep met dezelfde nationaliteit, cultuur of taal te beschrijven. Etniciteit en cultuur overlappen voor een groot deel, maar niet volledig. Iemand die tot een bepaalde etnische groep behoort, hoeft die cultuur niet per se over te nemen. Vervolgens zijn er de begrippen etniciteit en ras die vaak door elkaar gehaald worden. Het begrip ras wordt gebruikt om een groep te beschrijven met uiterlijke kenmerken. Het precieze ras van iemand is vaak bijzonder moeilijk te definiëren, omdat er ook veel gemixte rassen zijn. Zo is er de eeuwenoude discussie of iemand zwart of blank is als de moeder blank en de vader zwart is. Het ras van een kind kan een invloed hebben op de ontwikkeling als het in een omgeving van discriminatie en racisme leeft.

Onderlinge verschillen binnen een cultuur

Hoewel er onderscheid gemaakt wordt tussen verschillende culturen, zijn er ook enorme verschillen tussen individuen van eenzelfde cultuur door de omgeving waar zij aan blootgesteld worden. De verschillen binnenin een cultuur worden sterk beïnvloed door de context waarin men leeft. Families van culturele minderheden kunnen verschillen in mate van aanpassing aan de dominante cultuur. In andere woorden: er zijn verschillende acculturatie levels. De mate van acculturatie verschilt per individu. De een houdt vooral vast aan oude tradities, terwijl de ander veel aspecten van de dominante cultuur overneemt. Vaak zijn deze verschillen generatie- of geslachtsgebonden. Een belangrijk verschil tussen verschillende culturen is de manier waarop het kind opgevoed wordt. Er is een verschil tussen perspectivistische moeders en categoriale moeders. De eerste moeders zien meerdere oorzaken voor een bepaalde gebeurtenis of bepaald gedrag. De tweede moeders gebruiken meer een zwart-wit benadering. Ze zien een enkele reden voor een bepaalde situatie. Over het algemeen geldt dat hoe groter de mate van acculturatie, hoe vaker er een perspectivistische opvoeding is. Bij het bepalen van de factoren die de ontwikkeling van een kind beïnvloeden, is het belangrijk rekening te houden met mate van acculturatie.

Cultuur en culturele mismatchals risicofactor

Over het algemeen worden in de Verenigde Staten de opvoedingsstrategieën van de dominante cultuur sinds jaar en dag beschouwd als de beste manier van opvoeden. Hierdoor worden culturele minderheden als inferieur beschouwd. Er wordt gesproken over een staat van culturele deprivatie. Hierdoor wordt de opvoeding van kinderen van culturele minderheden gezien als een sociaal probleem dat opgelost moet worden. Doordat onderzoekers zich vooral richtten op de negatieve aspecten van bepaalde culturen is er geen compleet beeld. Zo wordt weinig aandacht besteed aan de voordelen van bijvoorbeeld tweetaligheid. Immigrantenkinderen worden gezien als een groep die gevangen zit tussen hun traditionele cultuur en de moderne maatschappij. Om de ontwikkeling van kinderen van culturele minderheden te verbeteren, zijn er allerlei interventieprogramma’s. Aan de ene kant programma’s voor de jongste kinderjaren en aan de andere kant programma’s voor de ouders. Interventieprogramma’s voor de allerjongste kinderen waren bedoeld om de ontwikkeling van kinderen uit risicogroepen op tijd te stimuleren. Door teleurstellende resultaten hiervan werden er programma’s ingesteld om de ouders opvoedingsstrategieën bij te brengen. Deze strategieën waren uiteraard gebaseerd op de Westerse idealen. Opvoedingsstrategieën van culturele minderheden worden als risicofactor beschouwd, omdat het kan leiden tot een culturele mismatch op school en in de rest van de maatschappij.

Wat in de ene cultuur belangrijk bevonden wordt, kan in de andere cultuur van veel minder groot belang zijn. Dit is een risicofactor voor kinderen van culturele minderheden, omdat zij thuis andere dingen leren dan wat op school van hen verwacht wordt. Al in de interventieprogramma’s voor de allerjongste kinderen wordt deze mismatch duidelijk. Wanneer dienstverleners ingrijpen in een gezin van een culturele minderheid is het cruciaal dat de ouders en de dienstverlener het eens zijn over de kern van het probleem en de aanpak hiervan. De twee partijen moeten elkaar tegemoet komen om tot een oplossing te komen. Wanneer dit niet gebeurt, is het vaak onmogelijk om tot een verbetering te komen. Tot slot is het belangrijk dat beide partijen hetzelfde probleem herkennen en hetzelfde doel hebben. Dienstverleners zullen succesvoller zijn wanneer zij zich verdiepen in en respect hebben voor het geloof en de overtuigingen van het gezin dat zij helpen. Soms is het zelfs noodzakelijk een deel van de gewoonten over te nemen om de mismatch te verkleinen en een goed resultaat te boeken.

Een andere barrière voor effectieve dienstverlening is de houding van de ouders. Hoewel ouders vaak inzien dat interventie van buitenaf nodig is voor hun kind, komt het voor dat zij zelf onwillig zijn hun gedrag aan te passen. De aanpassing van het gedrag van de ouders is vaak noodzakelijk om tot een verbetering te komen. Ook is het voor dienstverleners soms lastig om te bepalen welk familielid verantwoordelijk is voor het kind.

Status van culturele minderheid als risicofactor

Racisme is nog altijd een serieus probleem in de Verenigde Staten. Hoewel het minder overduidelijk is als vroeger (segregatiepolitiek), bestaat het nog steeds. Het racisme van tegenwoordig is subtieler. Formeel wordt ras niet meer gebruikt als verklaring van de keuze van een werkgever, terwijl ras toch nog vaak een reden is waarom mensen niet aangenomen worden. Racisme heeft grote invloed op een kind en een bepaalde vorm van segregatie bestaat nog altijd. Bepaalde groepen wonen in gevaarlijkere buurten dan bijvoorbeeld middenklas blanken. Daarnaast leven zwarte kinderen vaker in armoede dan blanke kinderen. Tot slot is er sociale en psychologische segregatie. Donkere kinderen worden bijvoorbeeld buitengesloten bij bepaalde praktijken. Doordat blanke en donkere kinderen vaak in andere wijken opgroeien wordt de kloof tussen de groepen alleen maar groter. Discriminatie kan leiden tot een groot wantrouwen tussen verschillende culturen. Dit wantrouwen kan zelfs ontstaan wanneer een kind niet daadwerkelijk met racisme in aanraking is gekomen, maar het algemene wantrouwen gewoon overneemt van de familie en omgeving. Zo beweert de onderzoeker Levy (1985) dat zwarte mensen hun wantrouwen en angst baseren op ervaringen uit het verleden, terwijl ze niet weten hoe blanken hun tegenwoordig zouden behandelen. Sommige zijn ervan overtuigd dat ervaringen met blanken altijd zullen eindigen in frustratie. Dit wantrouwen kan een negatief effect hebben op blanke dienstverleners van interventieprogramma’s.

Het is lastig te bepalen hoe serieus het wantrouwen en de discriminatie is. In eenzelfde situatie kan het dat het ene individu iets beschouwt als discriminatie, terwijl een ander dat niet zo ziet. Bij bepaalde culturele minderheden bestaat er, als gevolg van wantrouwen, een onwillige houding tegenover dienstverlening.

Cultuur als succesfactor

Vaak wordt er vooral aandacht besteed aan de negatieve invloeden van een bepaalde cultuur. Cultuur kan echter ook positieve effecten hebben op de ontwikkeling van een kind. Levine (1977)heeft een model ontworpen waarin hij verschillende doelen bij de opvoeding van kinderen beschrijft. Ouders geven bewust of onbewust normen, waarden en eigenschappen door die belangrijk zijn in de omgeving waarin ze leven. Levine stelde dat het verschil in doel een belangrijke invloed heeft op een kind. De doelen die hij stelde kunnen niet los van elkaar gezien worden. Ouders kunnen alleen het derde punt als doel hebben, als aan de eerste twee doelen voldaan is.

  • Zorgen dat het kind overleeft.

  • Zorgen dat het kind economische zelfstandigheid in volwassenheid heeft.

  • Ontwikkelen van allerlei capaciteiten van het kind. Bijvoorbeeld op cultureel gebied.

In de ene maatschappij zijn bepaalde vaardigheden veel belangrijker dan in de andere. Ook bij ouders die in de derde categorie zitten, verschillen de opvoedingen. De vaardigheden die kinderen ontwikkelen hangen voor een groot deel af van de context waarin zij opgroeien. In Ghetto-wijken krijgen kinderen vooral competenties mee om te overleven in het Ghetto. Dit is een van de redenen waarom de zwarte ouders niet opvoeden zoals blanken. Jarret (1996) heeft aangegeven dat de restrictieve manier van opvoeden van Amerikaans-Afrikaanse ouders in slechte buurten weliswaar niet overeenkomt met de gangbare strategien van opvoeden van blanke kinderen, maar dat deze protectieve wijze wel nodig is om de kinderen te beschermen. Een tussenweg zou volgens hem kunnen zijn om kinderen niet binnen te houden, maar te begeleiden als het naar buiten gaat.

De onderzoekers Deater-Deckard, Bates en Petit (1996) hebben de relatie tussen een harde opvoeding en agressief gedrag bij kinderen. Het is gebleken dat de invloed van een strenge opvoeding per cultuur verschilt. In de ene cultuur wordt een harde opvoeding gezien als een tekort aan warmte van de ouders, terwijl dat in een andere cultuur niet het geval is.

Gegeven de grote verschillen die er zijn in de context en in de cultuur, ontwikkelen de meeste kinderen toch een aantal vaardigheden ontwikkelen om een effectief lid van een groep of de samenleving te worden. De beheersing van bepaalde vaardigheden van kinderen kan afhangen van de culturele context waarin zij opgegroeid zijn. Zo kan het dat kinderen die laag scoren op een geheugentest, geen slecht geheugen hebben. Deze kinderen zijn bijvoorbeeld niet vertrouwd met de manier van vraagstelling. De opvoeding van een kind heeft een grote invloed op de ontwikkeling van cognitieve vaardigheden.

In twee culturen opgroeien en tweetaligheid is gunstig voor de ontwikkeling van kinderen. Deze kinderen hebben een groter aanpassingsvermogen, zijn flexibeler en gaan gemakkelijker relaties aan met mensen uit andere culturele groepen. De meeste kinderen ontwikkelen zich, ondanks grote verschillen in de opvoedkundige omgeving, op bepaalde gebieden toch gelijk (sociale vaardigheden) en op andere gebieden is de ontwikkeling juist heel uiteenlopend. Door de observaties dat de cultuur en context aan de ene kant uitmaken, maar aan de andere kant helemaal niet, weten we nu dat er kritisch gekeken moet worden naar de stelling dat cultuur bepalend is voor de vorming van alle competenties van een kind.

Conclusie

Het is cruciaal dat de cultuurverschillen niet alleen maar gezien worden als negatief voor de ontwikkeling van een kind, maar dat positieve aspecten van een cultuur op ontwikkeling ook bekeken worden. Er zijn drie conclusies te trekken uit dit artikel.

  1. Er is maar beperkt onderzoek gedaan naar de positieve invloed van culturen op ontwikkeling van kinderen.

  2. Hulpverleners moeten expliciet leren rekening te houden met mogelijke verschillen in opvattingen over opvoeding en ontwikkeling door de cultuur.

  3. Als we vol houden dat minderheidstatus een risicofactor is voor de ontwikkeling, vraagt dit een vroege interventie en preventie. Een benadering op meerdere niveaus is belangrijk om dergelijke families daadwerkelijk te kunnen helpen.

Als onze intentie is om de vooruitzichten van een kind en hun familie te verbeteren, moeten we een minderheidsstatus niet als negatief benaderen.

Image

Access: 
Public

Image

Join: WorldSupporter!

Join with a free account for more service, or become a member for full access to exclusives and extra support of WorldSupporter >>

Check: concept of JoHo WorldSupporter

Concept of JoHo WorldSupporter

JoHo WorldSupporter mission and vision:

  • JoHo wants to enable people and organizations to develop and work better together, and thereby contribute to a tolerant and sustainable world. Through physical and online platforms, it supports personal development and promote international cooperation is encouraged.

JoHo concept:

  • As a JoHo donor, member or insured, you provide support to the JoHo objectives. JoHo then supports you with tools, coaching and benefits in the areas of personal development and international activities.
  • JoHo's core services include: study support, competence development, coaching and insurance mediation when departure abroad.

Join JoHo WorldSupporter!

for a modest and sustainable investment in yourself, and a valued contribution to what JoHo stands for

Check: how to help

Image

 

 

Contributions: posts

Help others with additions, improvements and tips, ask a question or check de posts (service for WorldSupporters only)

Image

Image

Share: this page!
Follow: Vintage Supporter (author)
Add: this page to your favorites and profile
Statistics
2466 1
Submenu & Search

Search only via club, country, goal, study, topic or sector