Begrippenlijst Anxiety

Deze samenvatting is gebaseerd op het studiejaar 2013-2014.

Hoofdstuk A

 

Anxiety

Ervaren van angst wanneer er geen directe dreiging is. Optreden van angst is onvoorspelbaar en lijkt constant op de achtergrond aanwezig te zijn.

Fear

Ervaren van angst wanneer er een directe dreiging is. De angst zakt af wanneer de dreiging is weggenomen.

NICE richtlijnen

National Institute for Health and Clinical Excellence. Richtlijnen die in 2007 in Engeland zijn geïmplementeerd over behandelplannen voor mensen met een angststoornis.

 

 

Hoofdstuk B

 

Two-stage theory of anxiety

Theorie van Mowrer die ervan uit gaat dat angst vermijdingsgedrag motiveert en dat wanneer angst verminderd wordt door vermijding, dit als een bekrachtiger geldt. Angst houdt als het ware zichzelf in stand.

safety signals hypothesis

Hypothese die ervan uit gaat dat wanneer er veiligheidssignalen in de omgeving zijn, iemand minder snel vermijdingsgedrag zal vertonen.

 

 

Hoofdstuk C

 

Anxiety sensitivity

Gevoeligheid voor het ervaren van angst door het verkeerd interpreteren van lichamelijke signalen.

Anxiety Sensitivity Index (ASI)

Instrument om bovenstaande gevoeligheid te kunnen meten.

Hypervigilance

Waakzaamheid. Mensen met een angststoornis hebben vaak een continue verhoogde waakzaamheid.

State anxiety

Angst die opkomt bij een waargenomen dreiging en weer afneemt als de dreiging is afgenomen.

State-Trait Anxiety Inventory (STAI)

Test (zelfrapportage) om onderscheid tussen state en trait anxiety te kunnen meten.

Trait anxiety

Zorgt ervoor dat iemand sneller angstig op bepaalde stimuli/situaties reageert, ook als deze niet bedreigend zijn.

 

 

Hoofdstuk D

 

Expliciete geheugenbias

Het zich bewust kunnen herinneren van negatieve gebeurtenissen die angstgevoelens oproepen.

Impliciete geheugenbias

Iemands cognities en gedragingen worden wel degelijk bepaald door negatieve gebeurtenissen uit het verleden, maar diegene is zich hier niet bewust van.

Self-focused attention

Versmalling van de aandacht na het detecteren van een mogelijk bedreigende stimulus in de omgeving. Dit kan zowel intern als extern zijn.

Test Anxiety

Faalangst. Mensen die hier aan lijden ervaren angst wanneer zij zich in een situatie bevinden waarin zij beoordeeld zullen worden.

  

Hoofdstuk E

 

Conditionering

Leerproces waarbij een angstreactie gekoppeld wordt aan een bepaalde stimulus, die voorheen neutraal was. Het zien van deze stimulus zal in het vervolg een angstreactie oproepen.

Extinction

Het uitdoven van geconditioneerde reacties wanneer de conditionering niet bevestigd wordt.

Objectieve anxiety

Angstreacties op extern gevaar. Reactie is meestal rationeel en doelgericht.

Prepared fears

Sommige onderzoekers gaan ervan uit dat bij mensen een aantal angsten ingebouwd zitten om ons vanuit evolutionair oogpunt te beschermen tegen gevaar.

Neurotische anxiety

Angstreactie die niet rationeel is, maar juist overmatig en verlammend.

 

 

Hoofdstuk F

 

Conditioneringstheorie

Volgens deze theorie zijn angsten niet aangeboren, maar worden ze door ervaringen aangeleerd.

Fobieën

Extreme angst voor een specifieke categorie: Sociale fobieën, fobieën voor dieren en letsel/ziekte fobieën (inclusief angst voor verstikking).

In vivo

Techniek die tijdens therapie wordt gebruikt waarbij de patiënt daadwerkelijk geconfronteerd wordt met zijn of haar angst.

 

 

Hoofdstuk G

 

Paniekaanval

Aanval van intense paniek, die plotseling op komt zetten en waarbij iemand overtuigd is dat er iets verschrikkelijks gaat gebeuren. Een aanval duurt meestal tussen de 5-20 minuten.

Paniekstoornis

Stoornis waarin mensen die eerder een paniekaanval hebben gehad nu onder meer openbare plaatsen vermijden uit angst dat ze opnieuw een paniekaanval zullen krijgen.

Suffocation  alarm system

Volgens Klein wordt een paniekaanval uitgelokt wanneer dit systeem onterecht getriggerd wordt en iemand denkt dat er te weinig zuurstof beschikbaar is.

 

 

Hoofdstuk H

 

Agorafobie

Betekent letterlijk ‘angst voor de marktplaats’. Is een angststoornis waarbij men openbare plaatsen en openbaar vervoer vermijdt. In het ernstigste geval worden patiënten volledig huisgebonden.

 

 

Hoofdstuk I

 

Compulsies

Dwangmatige handelingen. Mensen weten dat deze handelingen irrationeel zijn, maar kunnen toch de drang om de handeling uit te voeren niet weerstaan.

Exposure and response prevention

Behandeling waarbij een patiënt langzaam en gecontroleerd blootgesteld wordt  aan stimuli die angst kunnen oproepen, gevolgd door inhibitie van compulsief gedrag.

Hoarding

Overmatig hamsteren.

Obsessies

Dwangmatige gedachten die meestal een weerzinwekkend karakter hebben zodat mensen zich ertegen proberen te verzetten.

Thought-action-fusion

Verschijnsel waarbij men denkt dat het hebben van een bepaalde gedachte over een negatieve gebeurtenis de waarschijnlijkheid dat deze gebeurtenis zal plaatsvinden  vergroot.

 

 

Hoofdstuk J

 

Health Anxiety Disorder (HAD)

Angststoornis waarbij men een overmatige angst heeftvoor zijn of haar huidige gezondheid en/of die in de toekomst.

Hypochondrie

Overtuiging dat iemand op dat moment ernstig ziek is. Is niet zo zeer op de toekomst gericht.

 

 

Hoofdstuk K

 

Anxiety programs

Anatomische ‘programma’s’ die lichamelijke veranderingen teweeg brengen wanneer ze geactiveerd worden, zoals zweten en overmatig blozen.

Post event processing

Neiging van sociaal angstige mensen om sociale ervaringen in het verleden opnieuw te overdenken en hierbij extra stil te staan bij wat er mis ging.

Sociale angst

Intense angstgevoelens voorafgaand aan een sociale gelegenheid. Men is vaak bang zichzelf voor schut te zetten of door andere beoordeeld te worden.

 

 

Hoofdstuk L

 

Gegeneraliseerde Angststoornis (GAD)

Angststoornis waarbij de persoon zich meer dagen wel dan niet angstig voelt voor een periode van tenminste 6 maanden en de angsten niet specifiek op iets gericht zijn.

Hoofdstuk M

 

Post-Traumatische stress stoornis (PTSD)

Angststoornis die ontstaat na het meemaken van een trauma en ervoor zorgt dat mensen het gevoel hebben dat de dreiging van het trauma nog niet geweken is.

Situationally accessible memory

Deel van het geheugen waar herinneringen liggen opgeslagen die niet toegankelijk zijn. Dit deel van het geheugen wordt geactiveerd door de omgeving en bepaalde stimuli.

Verbally accessible memory

Deel van het geheugen waar herinneringen liggen opgeslagen die toegankelijk zijn.

 

Image

Access: 
Public

Image

Join: WorldSupporter!

Join with a free account for more service, or become a member for full access to exclusives and extra support of WorldSupporter >>

Check: concept of JoHo WorldSupporter

Concept of JoHo WorldSupporter

JoHo WorldSupporter mission and vision:

  • JoHo wants to enable people and organizations to develop and work better together, and thereby contribute to a tolerant and sustainable world. Through physical and online platforms, it supports personal development and promote international cooperation is encouraged.

JoHo concept:

  • As a JoHo donor, member or insured, you provide support to the JoHo objectives. JoHo then supports you with tools, coaching and benefits in the areas of personal development and international activities.
  • JoHo's core services include: study support, competence development, coaching and insurance mediation when departure abroad.

Join JoHo WorldSupporter!

for a modest and sustainable investment in yourself, and a valued contribution to what JoHo stands for

Check: how to help
Share: this page!
Follow: Vintage Supporter (author)
Add: this page to your favorites and profile
Statistics
1441
Submenu & Search

Search only via club, country, goal, study, topic or sector