Wat is de rol van taal in kwalitatief onderzoek? - Chapter 21
In dit hoofdstuk worden twee belangrijke analyses behandeld: conversatieanalyse (CA) en redevoering analyse (‘discourse analysis’, DA). In tegenstelling tot de traditionele zienswijze op de rol van taal in sociaal onderzoek behandelen deze twee benaderingen taal als een onderwerp en niet als bron van de studie. Taal is dus meer dan een medium dat gebruikt wordt om sociaal onderzoek uit te voeren, het is de focus van het onderzoek.
Wat houdt de conversatieanalyse (CA) in?
Een conversatieanalyse (CA) is een fijne (gedetailleerde) analyse van spraak zoals deze tot uiting komt in natuurlijk voorkomende gesprekken. De spraak wordt opgenomen en getranscribeerd. Vervolgens kan de onderliggende taalstructuur blootgelegd worden. De wortels van CA liggen in de zogenoemde etnomethodologie.
De etnomethodologie is een sociologische positie waarin de nadruk ligt op praktisch redeneren (boerenverstand) in het alledaagse leven. De sociale orde is hiermee een product van onze taal en interacties. Etnomethodologie is zelf geen onderzoeksmethode. Zij kent twee centrale ideeën: ‘indexicaliteit’ en reflexiviteit. ‘Indexicaliteit’ houdt in dat de betekenis van iets (in CA refereert dit aan gesproken woorden, uitingen, pauzes, geluiden, etc.) afhangt van de context waarin het wordt gebruikt. Het principe van reflexiviteit is de mogelijkheid om in een taal over een taal te spreken.
De etnomethodologie splitste zich op in twee kampen: één kamp hield zich bezig met traditionele sociale onderzoeksmethoden en etnografie en één kamp - vooral geassocieerd met Sacks en collega’s (1974) - hield zich bezig met gedetailleerde analyses van natuurlijk plaatsvindende spraak. De CA stelt dat de gesprekken leiden tot de sociale orde en CA beoefenaars zijn ook aanhangers van de ‘indexicaliteit’. Echter, de context zien zij als het hier en nu, terwijl de meeste kwalitatieve onderzoekers de context veel breder zien (waarbij ook de normen en waarden, geloofsovertuigingen en ideeën een grote rol spelen). Om deze reden is het soms moeilijk om CA toe te passen in een bredere context.
Wat zijn de principes van de conversatieanalyse?
Allereerst merkt een analist iets op met betrekking tot de manier waarop iets gezegd wordt. Bijvoorbeeld: kleine kinderen beginnen vaak met “Weet je wat?” waarop de ouder automatisch zegt “Wat?”. Vervolgens kijkt de analist naar de functie van deze manier van spreken. Het antwoord bij het genoemde voorbeeld is dat het kind op deze manier zichzelf voor zijn of haar gevoel neerzet als gelijkwaardige gesprekspartner. Nadat de focus van het onderzoek is vastgesteld, wordt vervolgens verder gegaan op basis van enkele fundamentele principes. Volgens Heritage (1984, 1987) liggen drie principes ten grondslag liggen aan de CA:
'Praat' is gestructureerd: mensen zijn impliciet bewust van de gebruikte, gestructureerde taalpatronen.
'Praat' is contextueel: acties worden geuit in spraak en spraak moet daarom geanalyseerd worden in termen van de context.
Analyse is gegrond in data: analisten vermijden a priori theoretische schema’s door te stellen dat taalkenmerken afgeleid moeten zijn uit empirische data.
Punt 3 impliceert dat de analist gedetailleerde transcripten moet produceren van natuurlijke gesprekken. Hierbij moet erg gelet worden op de kleinste details: pauzes en nuances zijn absoluut niet per ongeluk of onbelangrijk.
Wat zijn de basistools van de conversatieanalyse?
Beurtelings reageren (‘turn-taking’): een van de basisideeën binnen CA is dat alledaagse gesprekken kunnen plaatsvinden door het geordend, om de beurt spreken. Dit principe illustreert dat spraak afhankelijk is van gedeelde codes. Als deze codes niet zouden bestaan, zou er geen vloeiende spraak bestaan. Eén persoon praat en deze beurt wordt gewisseld met een zo klein mogelijke pauze of overlap tussen de beurten (Hutchby & Wooffitt, 1998).
Nabijheid paren (‘adjacency pairs’): dit principe representeert de neiging van sommige soorten door taal geuite activiteiten om samen te gaan, zoals een vraag en een antwoord, een uitnodiging en een antwoord of een groet en een groet terug. De tweede fase van dit paar is van belang voor de conversatieanalist. Er wordt altijd geanticipeerd op de tweede fase, hoewel er altijd een voorkeursrespons is.
Voorkeursrespons: de voorkeursrespons wordt bestudeerd door de reactie van de persoon op de geuite tweede fase van het vorige punt. Sommige antwoorden krijgen immers de voorkeur, zo gaat het accepteren van een uitnodiging niet samen met rechtvaardiging terwijl de afwijzing ervan wel samengaat met een rechtvaardiging. De bewustwording van de voorkeursantwoorden geven implicaties voor de structuur van een gesprek.
Herstelmechanismes: soms gaan dingen fout in conversaties, zoals wanneer mensen door elkaar praten (een fout in ‘turn-taking’). Volgens Silverman (1993) zijn er een aantal herstelmechanismes, zoals:
Wanneer A begint voordat B klaar is, stopt B met praten;
Wanneer iemand zijn of haar beurt niet neemt, bijvoorbeeld niet antwoordt op een vraag, spreekt de spreker nogmaals (bijvoorbeeld herhalen van de vraag).
Kwalitatieve onderzoekers proberen de onderliggende motieven van anderen te begrijpen door een poging te doen om door de ogen van hun deelnemers te kijken. CA analisten proberen ook een betekenis en motief te geven aan wat ze bestuderen, maar alleen binnen die specifieke context. Zij zien de context enkel als het hier en nu van het gesprek, waardoor het moeilijk is om alles accuraat te interpreteren.
Wat houdt de redevoering analyse (‘discourse analysis’: DA) in?
In tegenstelling tot CA kan DA ook toegepast worden op andere communicatievormen, zoals teksten, en is daarom flexibeler van aard. In redevoering analyse (‘discourse analysis’, DA) ligt er ook niet zoveel nadruk op de natuurlijke spraak, dus ook de spraak in interviews kan een focus zijn voor onderzoek. Daarnaast is er niet zoals bij CA slechts sprake van één type: DA kent meerdere vormen. DA deelt wel sommige inzichten van CA. Een redevoerende analyse is een analyse van spraak en andere vormen van taal die de nadruk legt op de manier waarop het gebruik van taal verschillende versies van de realiteit kan creëren.
De onderzoeksvragen in DA zijn aanvankelijk vaak open en later specifieker van aard.
Volgens Gill (2000) zijn er vier hoofdthema’s in DA:
Redevoering is een onderwerp: de redevoering zelf is het onderwerp van de studie.
Taal is constructief: redevoering is een manier om een bepaald beeld van sociale realiteit te vormen.
Redevoering is een vorm van actie: taal is een manier om iets te bereiken.
Redevoering is retorisch georganiseerd: er is een erkenning dat we anderen willen overtuigen van de manier waarop wij gebeurtenissen e.d. zien. Het thema dat redevoering retorisch is houdt in dat DA beoefenaars erkennen dat redevoering gaat om het vaststellen van één versie van de wereld.
Welke tendensen zijn er binnen het proces van de redevoering analyse?
Volgens Potter en Wetherell (1994) zijn er twee tendensen binnen DA onderzoek. Ten eerste is er de identificatie van de omstandigheden bij een redevoering met als doel een bepaalde actie in gang te zetten. Centraal binnen deze neiging staat ligt het identificeren van interpretatieve repertoires. Bijvoorbeeld: een onderzoeker legt zijn of haar onderzoek heel anders uit in een informeel onderzoeksinterview dan in zijn of haar geschreven wetenschappelijke artikel. Dit ontstaat omdat het artikel binnen een empiristisch repertoire valt (het is in die stijl geschreven, de bevindingen volgen logisch uit de data, alles is formeel en wetenschappelijk gepresenteerd, etc.), terwijl er tijdens een interview sprake is van een zogenoemd ‘contingent’ repertoire (Gilbert & Mulkay, 1984). Hierin presenteert de wetenschapper het artikel als zijnde sterk afhankelijk van speculatieve inzichten, persoonlijke kenmerken, vaardigheden, etc. De onderzoeker presenteert de bevindingen dus niet zo zwart-wit als in het artikel en erkent dan ook meer de eigen rol in het produceren van deze bevindingen. Dit stukje over een interpretatief repertoire is interessant, omdat hierdoor duidelijk wordt dat bepaalde acties plaatsvinden binnen sjablonen die de spreker leiden en beïnvloeden.
Ten tweede is er de neiging om de gedetailleerde procedures te identificeren die versies feitelijk laten lijken. Hier ligt de nadruk op de middelen die gebruikt worden in het overbrengen van (naar verluidt) feitelijke kennis. Nog specifieker ligt de aandacht van de redevoerende analisten vooral op de manier waarop numerieke en non-numerieke verklaringen gecreëerd worden om bepaalde argumenten te weerleggen of te ondersteunen, dit heet ook wel de kwantificatie retoriek. Bijvoorbeeld: vroeger was er een TV programma genaamd “Cancer: your money or your life”. In dit programma werd ‘aangetoond’ dat de enorme bedragen die gedoneerd worden door het publiek aan kankerinstituten niet zouden helpen met het genezen van de ziekte. Vervolgens werden er getallen genoemd zoals geldbedragen en het aantal soorten kanker en daartegenover werd het aantal inmiddels ‘te genezen’ kankersoorten gezet (slechts drie en dan ook nog eens de drie zeldzaamste soorten).
Wat houdt de kritische redevoering analyse (CDA) in?
Deze analysevorm is toepasbaar op zowel natuurlijke als onnatuurlijke vormen van spraak, teksten, enzovoorts. Het is sterk beïnvloedt door het werk van Michel Foucault (1977) en probeert taal en haar middelen (spraak, schrift, etcetera) te linken aan het belang van macht, ideologie en sociaal-culturele verschillen. De kritische redevoering analyse kent een anti-realistische epistemologische positie (er is geen externe realiteit) en een constructionistische ontologische positie (de realiteit en de sociale fenomenen daarbinnen worden continu uitgevoerd en dus ‘gebouwd’ door ‘actors’). Simpel gezegd is bij deze vorm van DA de redevoering een vorm van actie. Mensen proberen iets te bereiken wanneer ze praten of schrijven. Deze versie van DA is dus gericht op actie ondernemen: hoe krijgen mensen iets gedaan? Met andere woorden (in de vorm van de drie basisvragen van de kritische redevoering analist): wat is het doel van de redevoering, hoe is deze opgezet om dit te bereiken en wat voor middelen zijn beschikbaar om het werkelijk uit te voeren?
De CDA beoefenaars zijn ontvankelijker voor de mogelijkheid van een al bestaande materiële realiteit en - specifieker - voor de epistemologische positie genaamd kritisch realisme. Eén van de dingen die CDA beoefenaars proberen te achterhalen is de manier waarop de redevoering opgebouwd en behouden is in relatie tot een bepaald fenomeen, zoals globalisatie. Analisten proberen te ontdekken hoe de redevoering van vandaag een bepaalde betekenis heeft terwijl 40 á 50 jaar geleden deze betekenis anders was of er helemaal geen sprake was van een betekenis. Ook kijken zij onder andere naar de relatie tussen die redevoering en invloeden van andere redevoeringen, de vormgeving van de redevoering in de teksten (zoals kranten en academische artikelen) en de invloed van de redevoering op het sociale leven (Phillips & Hardy, 2002). Zoals dit eerste punt suggereert kan de redevoering over globalisatie bijvoorbeeld invloed hebben op de redevoering over nieuwe technologie of corporatieve sociale verantwoordelijkheid. Dit is echter niet altijd een complementair proces: soms vechten de redevoeringen om dominantie. Dit heet dan een dialogische strijd (Keenoy en collega’s, 1997). Kritische redevoering analisten kijken in dat geval naar de vraag waarom de ene redevoering het wint of heeft gewonnen van een andere: hoe is er betekenis gecreëerd?
De analyse van een specifieke discursieve gebeurtenis vindt plaats binnen een driedimensionaal kader:
De tekstdimensie: het nauwkeurig onderzoeken van de inhoud, structuur en betekenis van de tekst;
De redevoerende praktijkdimensie: het onderzoeken van de manier waarop betekenis en overtuiging gecommuniceerd wordt.
De sociale praktijkdimensie: het overwegen van de sociale context waarin de redevoerende gebeurtenis plaatsvindt.
Intertekstualiteit is een concept wat inhoudt dat de redevoering breder is dan de specifieke redevoering waarnaar gekeken wordt. Dit concept geeft ruimte om te kijken naar de sociale en historische context waarin de redevoering plaatsvindt.
Join with a free account for more service, or become a member for full access to exclusives and extra support of WorldSupporter >>
Concept of JoHo WorldSupporter
JoHo WorldSupporter mission and vision:
- JoHo wants to enable people and organizations to develop and work better together, and thereby contribute to a tolerant and sustainable world. Through physical and online platforms, it supports personal development and promote international cooperation is encouraged.
JoHo concept:
- As a JoHo donor, member or insured, you provide support to the JoHo objectives. JoHo then supports you with tools, coaching and benefits in the areas of personal development and international activities.
- JoHo's core services include: study support, competence development, coaching and insurance mediation when departure abroad.
Join JoHo WorldSupporter!
for a modest and sustainable investment in yourself, and a valued contribution to what JoHo stands for
Work for JoHo WorldSupporter?
Volunteering: WorldSupporter moderators and Summary Supporters
Volunteering: Share your summaries or study notes
Student jobs: Part-time work as study assistant in Leiden
- Insurance for emigrants, expats and living abroad: international insurance for expats and emigrants
- Insurance for activities abroad: Backpacking Travel abroad Intern abroad Study abroad Volunteer abroad Work abroad
- Insurance: ACS Globe Traveller Caremed Insurances Expatriate Travel Insurance IMG’s GlobeHopper World Nomads Insurance SafetyWing Insurance JoHo Special ISIS verzekering NL/BE Working Nomad verzekering NL/BE More about Insurance for abroad
Search only via club, country, goal, study, topic or sector
Select any filter and click on Search to see results








