Welke invloed hebben leeftijdgenoten? - Chapter 11

De Amerikaanse psychologe Judith Harris stelt dat het niet de ouders zijn die het gedrag en de persoonlijkheid van het kind bepalen, maar de leeftijdgenoten. Deze stelling leidde tot meer onderzoek naar de invloed van genen, opvoeding en leeftijdgenoten op de ontwikkeling van kinderen en adolescenten. Naast de personen in het gezin, vormen leeftijdgenoten een belangrijke bron van steun, acceptatie en advies. Leeftijdgenoten zijn, net als ouders, sociale rolmodellen. In tegenstelling tot ouders zijn leeftijdgenoten gelijken, zowel in leeftijd als in vaardigheden, mogelijkheden, doelen en problemen. Met name in de adolescentie is de rol van leeftijdgenoten belangrijk voor de ontwikkeling van het kind. In deze levensfase zullen zij meer steunen op het advies van leeftijdgenoten dan het advies van hun ouders. 

Welke groepsrelaties zijn te onderscheiden?

Er bestaat een universele behoefte om ergens bij te horen, om gewaardeerd te worden en om geaccepteerd te worden. Elk kind heeft zijn eigen sociale positie in groepen leeftijdgenoten, dit wordt hun sociale status genoemd: de relatie tussen het kind en de groep leeftijdgenoten. De sociale status is geen wederzijdse relatie, maar alleen het perspectief van de groep. Sociale status kan gemeten worden door de sociometrische methode,  hierbij moeten kinderen voor elke klasgenoot aangeven hoe leuk ze hun klasgenoot vinden. Daarnaast heb je de nominatiemethode, waarbij kinderen de vraag wordt gesteld: Wie vind je het meest leuk? en Wie vind je het minst leuk? Deze nominaties kunnen ingedeeld worden op sociometrische status, waarbij vier verschillende typen status onderscheiden kunnen worden:

  • Populair: veel nominaties van meest leuk en weinig nominaties van minst leuk.
  • Afgewezen: veel nominaties van minst leuk en weinig nominaties van meest leuk.
  • Genegeerd: weinig nominaties op beide vragen.
  • Controversieel: veel nominaties op beide vragen.

Sociometrische status is redelijk stabiel door de jaren heen. Een kanttekening bij deze indeling is dat populaire kinderen niet per se leuk gevonden worden door hun leeftijdgenoten. Het construct populariteit moet daarom gemeten worden met de vraag wie populair is en wie niet. Zo wordt niet de persoonlijke voorkeur gemeten, maar iemand zijn reputatie. Het verschil tussen de twee manieren van meten, is dat sociometrische populariteit geassocieerd wordt met prosociaal gedrag, terwijl populariteit op basis van reputatie met zowel prosociaal als antisociaal gedrag wordt geassocieerd. 

Hoe wordt sociale status bepaald?

Per statustype zijn er bepaalde gedragskenmerken te beschrijven die doorgaans van toepassing zijn. Kinderen die geaccepteerd en leuk gevonden worden door hun leeftijdgenoten (sociometrisch populair) zijn sociaal vaardig, vriendelijk, sensitief, coöperatief en behulpzaam. Kinderen die gezien worden als populair combineren deze prosociale gedragingen met agressief gedrag en het uitdagen van gezag, waardoor ze vaak ruzie hebben. Hierdoor worden deze kinderen gezien als 'cool'. De afgewezen kinderen worden niet leuk gevonden door leeftijdgenoten, omdat ze vaak agressief en storend gedrag vertonen. Ze hebben een gebrek aan sociale vaardigheden, waardoor samen spelen moeilijk is. Er zijn ook afgewezen kinderen die heel verlegen, teruggetrokken, passief in de groep en sociaal onhandig zijn. Ten slotte zijn er afgewezen kinderen die worden afgewezen zonder duidelijke reden. Deze persoon valt buiten de normen die zijn gesteld binnen de groep. Volgens het persoon-groep-dissimilariteitmodel is de sociale consequentie van negatief gedrag, zoals agressie, afhankelijk van de mate waarin een persoon met zijn gedrag afwijkt van de andere groepsleden. In een groep waar veel agressie voorkomt, zullen agressieve kinderen hierop niet beoordeeld worden in hun sociale status. Sociale status is dus afhankelijk van een complex samenspel van individuele kenmerken en groepskenmerken. 

Wat zijn de gevolgen van sociale status?

Afgewezen worden door leeftijdgenoten staat lijnrecht tegenover de universele behoefte om erbij te horen en geaccepteerd te worden. Eenzaamheid is een van de belangrijkste gevolgen van afwijzing. Daarnaast zijn de effecten van sociale afwijzing te zien in het brein, brengt het slechtere schoolprestaties met zich mee, blijven kinderen meer thuis en hebben kinderen een hoger risico op depressie op latere leeftijd. De reactief-agressieve kinderen hebben een grote kans op aan te sluiten bij 'foute vrienden', vroegtijdig schoolverlaten en later crimineel gedrag. De kinderen die worden afgewezen hebben vaak ook een tekort aan sociale contacten, waardoor de mogelijkheid om sociale vaardigheden, coöperatieve strategieën of conflicthantering te leren klein is. Er is sprake van een transactionele relatie: een negatieve spiraal waarin afwijzing en conflicten met leeftijdgenoten elkaar in stand houden. Ten slotte lopen afgewezen kinderen een verhoogd risico om gepest te worden, omdat ze weinig weerstand geven en daardoor een gemakkelijk slachtoffer zijn. Afgewezen kinderen die reactief-agressief gedrag vertonen hebben een verhoogde kans om zelf te gaan pesten, om hun positie in hun groep te veranderen. Kinderen die geaccepteerd worden in de groep hebben de beste ontwikkelingsuitkomsten.

Wat is de definitie van vriendschappen?

Afwijzing betekent niet direct dat iemand geen vriendschappen heeft. Een vriendschap is een intieme relatie tussen twee of meerdere leeftijdgenoten die zich kenmerkt door wederkerigheid en betrokkenheid. Vrienden zien elkaar als gelijken en bieden elkaar steun, affectie, intimiteit en hulp. In de adolescentie is vriendschap het meest ontwikkeld ten opzichte van eerdere leeftijdsfasen. In de jonge jaren ligt de focus op het samen spelen en instrumenteel helpen van elkaar. Later in de ontwikkeling gaat het vooral om gelijke waarden en normen, gedeelde interesses en het delen van persoonlijke zaken. Hoe ouder kinderen worden, hoe intiemer de vriendschapsrelatie wordt. Een vriendschap kan pas ontstaan wanneer kinderen in staat zijn zichzelf te verplaatsen in een ander. Vriendschap is een reciproque relatie: een relatie die van twee kanten komt en waarin beide personen een gelijk aandeel hebben. 

Hoe wordt vriendschap gemeten?

Vriendschappen worden voornamelijk op school gevormd, waardoor het meeste onderzoek zich ook op deze relaties focust. Vriendschap kan gemeten worden door kinderen te vragen wie hun beste vrienden zijn. Wanneer beide kinderen elkaar hebben genomineerd, is er sprake van een reciproque vriendschap. De meeste kinderen hebben minstens één beste vriend, vaak van dezelfde sekse en leeftijd. Echter hebben kinderen ook vriendschappen buiten school, zoals op de sportclub of in de buurt. Onderzoek moet zich dus niet beperken tot alleen de vriendschappen op school, omdat dit een vertekend beeld geeft. Onderzoek laat zien dat vriendschappen tot de leeftijd van tien jaar redelijk stabiel zijn, terwijl daarna slechts de helft van de vriendschappen een schooljaar of langer standhoudt. 

Hoe ontstaan vriendschappen?

Vriendschappen bestaan vaak uit gelijken, kinderen van dezelfde sekse en leeftijd, waardoor zij elkaar goed kunnen begrijpen. Daarnaast hebben vrienden ook overeenkomsten in hun gedrag. Deze overeenkomsten kunnen verklaard worden door selectie en invloed. Selectie verwijst naar het meest voor de hand liggende fenomeen dat vrienden elkaar uitkiezen op basis van overeenkomsten. Invloed verwijst naar het proces waarbij personen de gedragingen en meningen van hun vrienden gaan overnemen, wat vervolgens resulteert in homogeniteit. Deze twee processen kunnen naast elkaar bestaan en hoeven elkaar niet uit te sluiten. Beide processen hebben een rol in het ontstaan en de ontwikkeling van vriendschappen en tal van verschillende soorten gedragingen. 

Vriendschappen als risicofactor of beschermende factor?

Of en in welke mate vriendschappen gevolgen hebben voor de ontwikkeling van kinderen en adolescenten is van verschillende factoren afhankelijk, zoals de duur van de vriendschap, de kwaliteit van de vriendschap en van kenmerken van de vriend zelf. Een kwalitatief goede en positieve vriendschap is gerelateerd aan minder eenzaamheid en depressie, maar kan tegelijkertijd ook leiden tot internaliserende problemen (wanneer er in de vriendschap veel over negativiteit gepraat wordt) en negatieve gedragsuitkomsten (wanneer vrienden elkaar beïnvloeden in het gedrag). Als voorbeeld, middelengebruik kan ontstaan door invloeden van 'foute vrienden', maar ook andersom kan middelengebruik juist ten grondslag liggen aan het selecteren van 'foute vrienden'. 

Vriendschap kan ook gezien worden als buffer of als accelerator in de relatie tussen sociale problemen en gedragsproblemen. De beschermende vriendschapshypothese stelt dat het hebben van een beste vriend beschermt tegen de negatieve effecten van gepest worden. De beschermende factor van vriendschap brengt ook een risico met zich mee: kinderen die bevriend zijn met iemand die gepest wordt, hebben zelf ook een grotere kans om gepest te worden. Onderzoek naar sociale isolatie laat zien dat sociale isolatie alleen leidt tot internaliserende en externaliserende problemen voor kinderen zonder beste vriend. Kinderen die geen beste vriend hebben, voelen zich vaker eenzaam en hebben een grotere kans op het ontwikkelen van internaliserende problemen en sociale problemen. Een vriendschap heeft dus een positief effect op de ontwikkeling, maar dit effect kan omslaan naar negatief wanneer de vriendschap zich kenmerkt door slechte kwaliteit of bestaat uit 'foute vrienden'. 

Wat is het verschil in sekse in relaties met leeftijdgenoten?

Jongens en meisjes zoeken hetzelfde in een vriendschap, maar beschrijven hun vrienden anders. Meisjes lijken meer aan vriendschap te hechten dan jongens en hun vriendschap wordt gekenmerkt door intimiteit, zorgzaamheid, emotionele steun en hulp. De vriendschappen van meisjes brengt zo meer stress mee, wat kan leiden tot internaliserende problemen als er veel over negativiteit gepraat wordt. Jongens beschrijven hun vriendschappen aan de hand van fysieke prestaties, gedeelde interesses en schoolprestaties. Jongens lijken meer waarde te hechten aan sociale status dan meisjes doen, ze willen een dominante positie binnen de groep.

Welke rol spelen de ouders in relaties met leeftijdgenoten?

In de adolescentie kunnen ouders maar weinig invloed uitoefenen op de relatie tussen hun kind en leeftijdgenoten, omdat zij het kind meer autonomie geven en omdat kinderen vaak buitenshuis omgaan met leeftijdgenoten zonder toezicht van volwassenen. Ouders kunnen in een tweestrijd terechtkomen: aan de ene kant willen ze hun kind zelfstandigheid geven, maar aan de andere kant willen ze het kind beschermen tegen eventuele negatieve invloeden van leeftijdgenoten. Ouders kunnen de relaties met leeftijdgenoten indirect beïnvloeden. Kinderen van ouders met een autoritatieve opvoedstijl hebben een grote kans op positieve relaties met leeftijdgenoten, terwijl kinderen van ouders met een autoritaire of permissieve opvoedstijl sterker aangetrokken worden tot delinquente leeftijdgenoten en meer kans hebben op negatieve gedragsbeïnvloeding. Het monitoren door ouders heeft niet altijd de gewenste effecten op het gedrag van de adolescent. 

Ouders kunnen ook op een directe manier invloed uitoefenen op de relaties met leeftijdgenoten. De gedragingen van ouders die hierop zijn gericht noemen we relatiemanagement. Voorbeelden zijn sturen van verwachtingen van vriendschappen, het steunen van bepaalde vriendschappen, het verbieden van contact met vrienden of neutraliteit, waarbij ouders hun adolescenten zelf laten bepalen met wie ze omgaan. Deze gedragingen van ouders variëren met het type leeftijdgenoten waar de adolescent mee omgaat en het gedrag van de adolescent zelf. Ouders zullen meer controle uitoefenen wanneer de adolescent probleemgedrag laat zien en omgaat met delinquente vrienden. Acceptatie en steun door ouders kunnen de afwijzing door leeftijdgenoten niet compenseren. Echter laat onderzoek wel zien dat adolescenten met veel conflicten in hun vriendschappen minder depressieve klachten hebben wanneer de ouder-kindrelatie gekenmerkt werd door veel steun, dus ouders kunnen wel deels vriendschappen compenseren. 

De Amerikaanse psychologe Judith Harris stelt dat het niet de ouders zijn die het gedrag en de persoonlijkheid van het kind bepalen, maar de leeftijdgenoten. Deze stelling leidde tot meer onderzoek naar de invloed van genen, opvoeding en leeftijdgenoten op de ontwikkeling van kinderen en adolescenten. Naast de personen in het gezin, vormen leeftijdgenoten een belangrijke bron van steun, acceptatie en advies. Leeftijdgenoten zijn, net als ouders, sociale rolmodellen. In tegenstelling tot ouders zijn leeftijdgenoten gelijken, zowel in leeftijd als in vaardigheden, mogelijkheden, doelen en problemen. Met name in de adolescentie is de rol van leeftijdgenoten belangrijk voor de ontwikkeling van het kind. In deze levensfase zullen zij meer steunen op het advies van leeftijdgenoten dan het advies van hun ouders. 

Image

Access: 
Public

Image

Join: WorldSupporter!

Join with a free account for more service, or become a member for full access to exclusives and extra support of WorldSupporter >>

Check: concept of JoHo WorldSupporter

Concept of JoHo WorldSupporter

JoHo WorldSupporter mission and vision:

  • JoHo wants to enable people and organizations to develop and work better together, and thereby contribute to a tolerant and sustainable world. Through physical and online platforms, it supports personal development and promote international cooperation is encouraged.

JoHo concept:

  • As a JoHo donor, member or insured, you provide support to the JoHo objectives. JoHo then supports you with tools, coaching and benefits in the areas of personal development and international activities.
  • JoHo's core services include: study support, competence development, coaching and insurance mediation when departure abroad.

Join JoHo WorldSupporter!

for a modest and sustainable investment in yourself, and a valued contribution to what JoHo stands for

Check: how to help

Image

 

 

Contributions: posts

Help others with additions, improvements and tips, ask a question or check de posts (service for WorldSupporters only)

Image

Image

Share: this page!
Follow: Social Science Supporter (author)
Add: this page to your favorites and profile
Statistics
2650
Submenu & Search

Search only via club, country, goal, study, topic or sector