TentamenTests bij de 14e druk van Essentials of Organizational Behavior van Robbins & Judge


Wat is organisatorisch gedrag? - Tentamens 1

 

Vragen

Vraag 1

Wat houdt Organisational Behaviour in?

Antwoordindicatie

Vraag 1

Het is een interdisciplinair veld gericht op het beter begrijpen van het managen van mensen op de werkvloer.

Wat zijn attitudes en hoe beïnvloeden ze gedrag? - Tentamens 2

 

Vragen

Vraag 1

Welke drie componenten verklaren iemands houding?

Vraag 2

Welke twee andere variabelen naast houding verklaren gedrag?

Antwoordindicatie

Vraag 1

Cognitieve component, affectieve component en gedragscomponent.

Vraag 2

Subjectieve norm en waargenomen gedragscontrole.

Wat is de rol van emoties in organisatorisch gedrag?- Tentamens 3

 

Vragen

Vraag 1

Wat is het verschil tussen emotie en affect?

Antwoordindicatie

Vraag 1

Emoties zijn complexe menselijke reacties op persoonlijke prestaties of tegenslagen. Affectie richt zich op het algemene gevoel mensen ervaren, het bevat zowel emoties als stemmingen.

Waarom is persoonlijkheid relevant in organisatorisch gedrag? - Tentamens 4

 

Vragen

Vraag 1

Wat voor verschillende soorten persoonlijkheden zijn er?

Vraag 2

Wat is het verschil tussen instrumentele waarden en terminale waarden?

Vraag 3

Schwartz meende dat waarden (values) in het basic value model in te delen waren op twee dimensies. Op welke twee dimensies zijn ze in te delen?

  1. Self-transcedence – self-enhancement ; openness to change – conservation
  2. Personal values – social values ; moral values – competence values
  3. Security – self direction ; achievement –benevolence
  4. Instrumental values – terminal values ; extrinsic values – intrinsic values

Vraag 4

Welke eigenschap is niet geassocieerd met extraversie?

  1. Assertief

  2. Spraakzaam

  3. Sociaal

  4. Zelfvertrouwen

Vraag 5

Op welke van de cultuurdimensies van Hofstede en Bond scoren de Verenigde Staten (en Nederland trouwens ook) zeer hoog?

  1. Uncertainty avoidance

  2. Power distance

  3. Masculinity

  4. Individualisme

Vraag 6

Wat is niet onderdeel van de Big Five persoonlijkheidsdimensies?

  1. Openheid voor ervaringen

  2. Optimisme

  3. Emotionele stabiliteit

  4. Anderen helpen (agreeableness)

Vraag 7

Piet zegt dat hij zich in de ene situatie heel anders kan gedragen dan in de andere situatie, alsof hij een andere persoon is. Wat is waar over Piet?

  1. Hij scoort laag op de dimensie consciousness

  2. Hij scoort laag op de dimensie self-monitoring

  3. Hij scoort hoog op de dimensie consciousness

  4. Hij scoort hoog op de dimensie self-monitoring

Antwoordindicatie

Vraag 1

Er zijn zestien verschillende persoonlijkheidstypen. De verschillen komen voort uit vier dimensies: extraversion-introversion, sensing-intuition, thinking-feeling, judging-perceiving.

Vraag 2

Instrumentele waarden gaan over gewenst gedrag om een doel te bereiken. Terminale waarden gaan over de gewenste doelen die een persoon wil bereiken.

Vraag 3

A. Self-transcedence – self-enhancement ; openness to change – conservation

Vraag 4

D. Zelfvertrouwen

Vraag 5

D. Individualisme

Vraag 6

B. Optimisme

Vraag 7

D. Hij scoort hoog op de dimensie self-monitoring

Wat zijn perceptuele processen? - Tentamens 5

 

Vragen

Vraag 1

Wat is perceptie?

Vraag 2

Wat zijn de vier biases waardoor we geobserveerd gedrag verkeerd geïnterpreteerd wordt?

Vraag 3

De term ‘availability’ (‘beschikbaarheid’) in de benaming ‘availability heuristic’ slaat op de beschikbaarheid van

  1. Informatie

  2. Feedback

  3. Beslissingscriteria

  4. Oplossingen

Vraag 4

Uit meta-analytische studies over ‘gender and leadership’ komt naar voren dat vrouwelijke leidinggevenden

  1. Net zo effectief zijn als mannelijke leidinggevenden.
  2. Het zelfde soort leiderschapsrollen pleegden te vervullen als mannelijke leidinggevenden
  1. Beide zijn juist

  2. Alleen I is juist

  3. Alleen II is juist

  4. Beide zijn onjuist

Antwoordindicatie

Vraag 1

Perceptie is een cognitief proces dat mogelijk maakt dat wij onze omgeving kunnen interpreteren en begrijpen.

Vraag 2

Selectieve perceptie, halo effect, stereotypering en contrastering.

Vraag 3

A. Informatie

Vraag 4

B. Alleen I is juist

Wat is motivatie? - Tentamens 7

 

Vragen

Vraag 1

Wat zijn bronnen van self-efficacy?

Vraag 2

Wat is self-fulfilling prophecy?

Vraag 3

Wat is motivatie?

Vraag 4

Welke behoeftes zijn essentieel in de behoefte theorie van McClelland?

Vraag 5

Welke uitspraak over self-efficacy is het minst juist? Self-efficacy kan bevorderd worden door…

  1. Beloningen

  2. Gedragsmodellen

  3. Emotionele staat

  4. Eerdere ervaringen

Vraag 6

In de relatie tussen leidinggevende en medewerker, spreekt men van een Pygmalion-effect:

  1. De medewerker steeds meer in zijn/haar prestaties en gedragingen voldoet aan de verwachtingen van de leidinggevende

  2. Wanneer de verwachtingen van de leidinggevende over prestaties en gedrag van de medewerker steeds meer overeen komen met het de feitelijke prestaties en gedragingen van de medewerker

  3. De verwachtingen van de leidinggevende over prestaties en gedrag van de medewerker steeds extremer worden, in positieve dan wel negatieve zin. Daarbij gaan ze afwijken van de feitelijke prestaties en gedragingen van de medewerker.

  4. De medewerker steeds minder in zijn/haar prestaties en gedragingen voldoet aan de verwachtingen van de leidinggevende.

Vraag 7

Klaas rekent uit dat hij een 1 mag halen op zijn laatste proefwerk en dan nog een voldoende haalt voor het vak. Hij besluit daarom niet te gaan leren voor het proefwerk.

Welke inspannings-bepalende factor geldt er bij deze leerling?

  1. Equity

  2. Expectancy

  3. Valentie

  4. Instrumentaliteit

Vraag 8

Als Piet meer moet werken dan jij, om dezelfde beloning te krijgen als jij, ervaar jij dat voor jezelf als

  1. Positieve inequity

  2. Positieve equity

  3. Negatieve inequity

  4. Negatieve equity

Antwoordindicatie

Vraag 1

Eerdere ervaringen, gedragsmodellen, overtuiging van anderen en emotionele/fysieke staat.

Vraag 2

Verwachtingen van mensen hun bepalen gedrag en performance. Het gaat om hoe mensen zich gedragen om hun verwachtingen te laten uitkomen.

Vraag 3

Motivatie is het psychologische proces dat zorgt voor opwinding en sturing van doelgericht gedrag.

Vraag 4

Need voor achievement, need for power en need for affiliation.

Vraag 5

A. Beloningen

Vraag 6

A. De medewerker steeds meer in zijn/haar prestaties en gedragingen voldoet aan de verwachtingen van de leidinggevende

Vraag 7

D. Instrumentaliteit

Vraag 8

A. Positieve inequity

Hoe kunnen we kennis over motivatie toepassen? - Tentamens 8

 

Vragen

Vraag 1

Wat maakt niet deel uit van Organisationele Management?

  1. Taken zo veel mogelijk standaardiseren

  2. Medewerkers voldoende betalen

  3. Een taak in zo veel mogelijk deeltaken opsplitsen

  4. Medewerkers inspraak geven in de taak die ze moeten uitvoeren

Vraag 2

Het job characteristics model kan gezien worden als een toepassing van …

  1. De theory of planned behaviour (Ajzen)

  2. Scientific management (Taylor)

  3. Het basic human value model (Schwartz)

  4. Expectancy theory

Antwoordindicatie

Vraag 1

D. Medewerkers inspraak geven in de taak die ze moeten uitvoeren

Vraag 2

B. Scientific management (Taylor)

Wat is communicatie? - Tentamens 9

 

Vragen

Vraag 1

Wat zijn vier barrières voor effectieve communicatie?

Vraag 2

Wat is het verschil tussen hiërarchische communicatie en de grapevine?

Vraag 3

Wat is het verschil tussen hoge en lage context culturen?

Vraag 4

Een gesprek tussen een medewerker en zijn leidinggevende komt niet van de grond, doordat de medewerker, die slecht Engels spreekt, niet goed weet te verwoorden wat de oorzaak is van een vertraging. We hebben hier primair te maken met een:

  1. Sender barrier

  2. Encoder barrier

  3. Receiver barrie

  4. Decoding barrier

Antwoordindicatie

Vraag 1

Minimaal vier van deze: filteren, selectieve perceptie, informatieoverbelasting, emoties, taal, stilte, sociale angst en liegen.

Vraag 2

Hiërarchische communicatie is de uitwisseling van informatie tussen meerderen en werknemers, informatie uitgewisseld naar beneden toe van meerdere naar werknemer. De grapevine is het onofficiële communicatie systeem van de informele organisatie.

Vraag 3

Hoge-context houdt in dat mensen zich vooral richten op non-verbale en subtiele situationele aanwijzingen bij communicatie. Lage-context houdt in dat mensen heel erg letten op de woorden die mensen zeggen en de context is hierdoor minder belangrijk.

Vraag 4

A. Sender barrier

Wat zijn groepen? - Tentamens 10

 

Vragen

Vraag 1

Verschillende groepen onafhankelijk van elkaar aan hetzelfde probleem laten werken is een hulpmiddel ter preventie van

  1. Groepsprocessen verlies

  2. Social loafing

  3. Groupthink

  4. Intra-groep competitie

Antwoordindicatie

Vraag 1

C. Groupthink

Wat is kenmerkend voor leiders? - Tentamens 12

 

Vragen

Vraag 1

Wat is het verschil tussen traits theories en behavioural theories?

Vraag 2

Welke power base is het meest verwant aan charismatisch leiderschap?

  1. Reward power

  2. Legitimate power

  3. Referent power

  4. Expert power

Vraag 3

De resultaten van de Ohio-onderzoeken naar leiderschap leidden tot het onderscheid van ‘initiating structure’ en ‘consideration’. Dit is een onderscheid van

  1. Gedragsdimensies

  2. Leiderschap-needs

  3. Leiderschap-traits

  4. Behavioural styles

Antwoordindicatie

Vraag 1

Traits theories geloven dat leiderschapseigenschappen aangeboren zijn en behavioural theories geloven dat leiders gemaakt worden en niet zo geboren worden.

Vraag 2

C. Referent power

Vraag 3

A. Gedragsdimensies

Hoe zit het met macht en politiek in organisaties? - Tentamens 13

 

Vragen

Vraag 1

Wat zijn twee voorbeelden van impression management?

Antwoordindicatie

Vraag 1

Twee van deze: actie vermijden, schuld vermijden, verandering vermijden, conformeren, gunsten, excuus, spijtbetuiging, zelf-promotie, verbetering, vleierij en gewaarmerking.

Wat is conflict in organisaties? - Tentamens 14

 

Vragen

Vraag 1

Wat is het verschil tussen distributive en integrative overleg?

Antwoordindicatie

Vraag 1

Distributive wil zeggen dat er een traditionele win-verlies denkwijze aanwezig is. Integrative overleg heeft een progressieve win-win denkwijze.

Wat is organisatiestructuur en design? - Tentamens 15

 

Vragen

Vraag 1

Wat is een voordeel van unity of command?

Vraag 2

Wat is het verschil tussen mechanistische en organische organisaties?

Antwoordindicatie

Vraag 1

Unity of command betekent dat elke werknemer alleen maar aan één manager verslag moet uitbrengen. Als men aan meer managers verslag zou uitbrengen, dan kan de organisatie inefficiënt worden doordat er conflicterende bevelen zijn.

Vraag 2

Mechanistische organisaties zijn rigide bureaucratieën met strenge regels, top-down communicatie en smal gedefinieerde taken. Organische organisaties zijn flexibel en bestaan uit individuen met meerdere talenten die verschillende taken uitvoeren.

Hoe kan een organisatie cultuur worden gecreëerd en onderhouden? - Tentamens 16

 

Vragen

Vraag 1

Wat is het verschil tussen klimaat en cultuur?

Vraag 2

De organisatiecultuur vervult een aantal functies. Welke van de onderstaande hoort daar niet bij?

  1. Het geeft de leden een organisationele identiteit.

  2. Het maakt de gemeenschappelijke betrokkenheid bij de organisatie mogelijk (het faciliteert het).

  3. Het bepaalt de machtsverhoudingen binnen de organisatie (power-balance).

  4. Het bevordert de stabiliteit van het sociale systeem van de organisatie.

Antwoordindicatie

Vraag 1

Cultuur verandert niet snel gaat over de onderliggende waarden en aannames. Klimaat verandert snel en is afhankelijk van de situaties, gevoelens en gedrag van betrokkenen van de organisatie.

Vraag 2

A. Het geeft de leden een organisationele identiteit.

Hoe kan verandering worden bereikt in organisaties? - Tentamens 17

 

Vragen

Vraag 1

Wat zijn de drie fasen van Lewins' model voor geplande veranderingen?

Vraag 2

Het idee van unfreezing-changing-refreezing komt van

  1. Festinger

  2. Kotter

  3. Weick

  4. Lewin

Antwoordindicatie

Vraag 1

Unfreezing, changing, refreezing.

Vraag 2

D. Lewin

 

Check page access:
Public
Check more or recent content:

Robbins & Judge: samenvattingen en studiemateriaal voor Essentials of Organizational Behavior

Samenvatting bij de 14e druk van Essentials of Organizational Behavior van Robbins & Judge

Samenvatting bij de 14e druk van Essentials of Organizational Behavior van Robbins & Judge


Wat is organisatorisch gedrag? - Chapter 1

Waarom is kennis over organisatorisch gedrag belangrijk?

Om het belang van organisatorisch gedrag te begrijpen, is het nuttig om te kijken naar het verleden van de inhoud van bedrijfsopleidingen. Tot de jaren tachtig richtten bedrijfsopleidingen zich op de technische aspecten van management, zoals economie, financiering en kwantitatieve technieken. Menselijk gedrag en het leren van vaardigheden om met mensen om te gaan waren geen belangrijke doelen. Maar sindsdien zijn bedrijfsscholen zich bewust geworden van het feit dat interpersoonlijke vaardigheden erg belangrijk zijn als het gaat om de effectiviteit van een manager. Een gebrek aan interpersoonlijke vaardigheden van managers is zelfs één van de belangrijkste reden waarom werknemers niet vooruitkomen.

Bij gedrag in organisaties is een van de belangrijkste beginselen het verbeteren van interpersoonlijke vaardigheden. Wanneer managers goed ontwikkelde interpersoonlijke vaardigheden hebben, zal dit leiden tot betere prestaties van de werknemers in organisaties. Een tweede belangrijk voordeel van het bestuderen van organisatorisch gedrag is dat het kan helpen om werkplekken beter te maken.

Bedrijven die worden gezien als "goede werkplekken", hebben vaak veel meer winst dan niet zo goede werkplekken. Ook de sociale relaties op het werk zijn erg belangrijk. Dit heeft namelijk invloed op de werktevredenheid van werknemers, stress op het werk en de omzet van het bedrijf.

Het vierde voordeel van kennis hebben over organisatorisch gedrag is dat dit het bewustzijn van sociale verantwoordelijkheid kan bevorderen. Dit is belangrijk omdat maatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) een belangrijk onderwerp is. Maatschappelijk verantwoordelijk ondernemen wordt besproken in hoofdstuk 2.

Management en organisatorisch gedrag

Er wordt steeds meer gevraagd van managers. Hedendaags lijkt het gebruikelijk dat personen in managementposities worden geplaatst, zonder dat zij vooraf een goede training hebben gehad. De eisen van de banen waarin ze worden geplaatst, zijn ook toegenomen. Managers hebben nu bijvoorbeeld zeven directe werknemers om te

.....read more
Access: 
Public
TentamenTests bij de 14e druk van Essentials of Organizational Behavior van Robbins & Judge

TentamenTests bij de 14e druk van Essentials of Organizational Behavior van Robbins & Judge


Wat is organisatorisch gedrag? - Tentamens 1

 

Vragen

Vraag 1

Wat houdt Organisational Behaviour in?

Antwoordindicatie

Vraag 1

Het is een interdisciplinair veld gericht op het beter begrijpen van het managen van mensen op de werkvloer.

Wat zijn attitudes en hoe beïnvloeden ze gedrag? - Tentamens 2

 

Vragen

Vraag 1

Welke drie componenten verklaren iemands houding?

Vraag 2

Welke twee andere variabelen naast houding verklaren gedrag?

Antwoordindicatie

Vraag 1

Cognitieve component, affectieve component en gedragscomponent.

Vraag 2

Subjectieve norm en waargenomen gedragscontrole.

Wat is de rol van emoties in organisatorisch gedrag?- Tentamens 3

 

Vragen

Vraag 1

Wat is het verschil tussen emotie en affect?

Antwoordindicatie

Vraag 1

Emoties zijn complexe menselijke reacties op persoonlijke prestaties of tegenslagen. Affectie richt zich op het algemene gevoel mensen ervaren, het bevat zowel emoties als stemmingen.

Waarom is persoonlijkheid relevant in organisatorisch gedrag? - Tentamens 4

 

Vragen

Vraag 1

Wat voor verschillende soorten persoonlijkheden zijn er?

Vraag 2

Wat is het verschil tussen instrumentele waarden en terminale waarden?

Vraag 3

Schwartz meende dat waarden (values) in het basic value model in te delen waren op twee dimensies. Op welke twee dimensies zijn ze in te delen?

  1. Self-transcedence – self-enhancement ; openness to change – conservation
  2. Personal values – social values ; moral values – competence values
  3. Security – self direction ; achievement –benevolence
  4. Instrumental values – terminal values ; extrinsic values – intrinsic values

Vraag 4

Welke eigenschap is niet geassocieerd met extraversie?

.....read more
Access: 
Public
BulletPointsamenvatting per hoofdstuk bij de 14e druk van Essentials of Organizational Behavior van Robbins & Judge - Chapter

BulletPointsamenvatting per hoofdstuk bij de 14e druk van Essentials of Organizational Behavior van Robbins & Judge - Chapter


Wat is organisatorisch gedrag? - BulletPoints 1

  • Om het belang van organisatorisch gedrag te begrijpen, is het nuttig om te kijken naar het verleden van de inhoud van bedrijfsopleidingen. Tot de jaren tachtig richtten bedrijfsopleidingen zich op de technische aspecten van management, zoals economie, financiering en kwantitatieve technieken. Menselijk gedrag en het leren van vaardigheden om met mensen om te gaan waren geen belangrijke doelen. Maar sindsdien zijn bedrijfsscholen zich bewust geworden van het feit dat interpersoonlijke vaardigheden erg belangrijk zijn als het gaat om de effectiviteit van een manager. Een gebrek aan interpersoonlijke vaardigheden van managers is zelfs één van de belangrijkste reden waarom werknemers niet vooruitkomen.
  • Organisatorisch gedrag bestudeert de impact van gedrag binnen organisaties op drie niveaus: op individueel niveau, op groepsniveau en de organisatie. Het doel van leren over organisatorisch gedrag is om organisaties effectiever te maken. De studie van organisatorisch gedrag is de studie van mensen in organisaties en de manier waarop hun acties de organisatie beïnvloeden. 
  • Organisatorisch gedrag gaat vooral over werkgerelateerde gedragingen en gevoelens, zoals: werktevredenheid, verzuim, personeelsverloop, productiviteit, prestaties en management.
  • De kernthema's in het bestuderen van organisatorisch gedrag zijn: motivatie; leiderschapsgedrag en macht; interpersoonlijke communicatie; groepsstructuur en processen; attitude ontwikkeling en perceptie; veranderingsprocessen; conflict en onderhandeling en werkontwerp.
  • Succesvolle managers zijn degenen die snel promotie maken binnen een organisatie. Luthan en zijn medewerkers keken naar dit verschil door 450 managers te bestuderen, die zich bezighielden met vier soorten managementactiviteiten:
  1. Traditioneel management: besluitvorming, planning, controle;
  2. Communicatie: uitwisseling van routine-informatie en verwerking van papierwerk;
  3. Human resources (HR) management: motiveren, disciplineren, conflicthantering, personeel en training;
  4. Netwerken: socialiseren, politiek gedrag en omgaan met derden.
  • Data is de basis van evidence-based management. Eerder was de betekenis van het woord "statistiek" "een beschrijving van de staat". Statistieken werden
.....read more
Access: 
Public
Essentials of Organizational Behavior - Robbins & Judge - 12e druk

Essentials of Organizational Behavior - Robbins & Judge - 12e druk


Chapter 1. Introduction to Organizational Behavior

Organizational behavior (OB): The study field of how individuals, people, groups and structure behave and act in organizations.

The study field is individuals, groups of people and the structure of the people and groups within the organization. The purpose of OB is to obtain information and knowledge about the behavior of an organization so they can work more efficient and effective.

OB’s core themes:

  • Motivation
  • Leader behavior and power
  • Interpersonal communication
  • Group structure and process
  • Personality, emotions and values
  • Attitude development and perception
  • Change processes
  • Conflict and negotiation
  • Work design

Systematic study: Study that looks at relationships, and let’s scientific evidence helps us find causes, effects and conclusions.

Evidence based management (EBM): Management that uses scientific evidence to make decisions.

Organizational behavior is built on contributions from a number of behavioral disciplines:

  • Psychology: A study of the behavior of humans. With contributions to learning, motivation, personality, job satisfaction and work design. (Micro-level)
  • Social psychology: How people focus on each other and influence each other in a social way. With contributions to behavioral change, attitude change, communication, power and intergroup behavior. (Micro-level)
  • Sociology: The study of how people react and what their relations are with culture, environment and organizations.

With contributions to communication, intergroup behavior, organizational technology, change and culture (Macro-level)

  • Anthropology: The study of people and their activities in groups, cultures and different countries. With contributions to comparative values, attitudes, organizational culture and power. (Macro-level)

Contingency variables: Variables that lead to each other, but with special conditions. ‘One’ leads to ‘two’ under the condition that ‘three’.

There are some opportunities for Organizational Behavior, which make it important to look at OB. These challenges include:

  • Responding to the Economic Pressures
  • Responding to Globalization: where there is an increased amount of foreign assignments, more different cultures and countries with low-cost labor. Globalization: Focuses on the differences of people in different countries.
  • Managing workforce diversity. Workforce diversity: Differences and similarities of people within an organization. This could be in terms of cultural background, sex, race, religion, etc. These differences should be taking into account to adapt to people in organizations.
  • Improving customer service and people skills. Service job: The job in which an organization’s employee comes
.....read more
Access: 
Public
Samenvatting gedrag en organisaties 10e druk - Robbins en Judge

Samenvatting gedrag en organisaties 10e druk - Robbins en Judge

Deze samenvatting bij Gedrag en Organisaties van Robbins en Judge (10e druk) is gedoneerd aan WorldSupporter in 2015


Hoofdstuk 1. Gedrag in Organisaties (start deel 1: inleiding)

Pas sinds eind jaren ‘80 is er aandacht voor gedrag in organisaties. Dat is jammer want kennis van gedrag in organisaties is zeer belangrijk voor de carrière van managers. Mensen gaan niet ergens werken vanwege het loon en de arbeidsvoorwaarden. Het gaat hen voornamelijk om de kwaliteit van het werk en een stimulerende werkomgeving. De kans op zo’n soort werkomgeving is groter bij managers met interpersoonlijke vaardigheden. Hierdoor ontstaat een positieve keten:

Manager met interpersoonlijke vaardigheden --> plezierige werkomgeving --> eenvoudig gekwalificeerd personeel trekken --> betere resultaten. Technische vaardigheden zijn noodzakelijk voor een goede manager maar niet voldoende. Goed zijn met mensen is een extra vereiste.

 

1.1
Gedrag in Organisaties (GiO) = het wetenschappelijk onderzoek naar het menselijk gedrag in arbeidssituaties. Dit bestaat uit 3 elementen: individuele factoren, groepsprocessen en organisatie structuren. GiO is vooral gericht op het verbeteren van de effectiviteit van een organisatie.

Iedereen leest het gedrag van andere mensen en probeert te begrijpen waarom ze juist dat gedrag vertonen. Iedereen probeert ook gedrag te voorspellen. Helaas zijn deze voorspellingen vaak niet zo accuraat. Om dit te verbeteren kun je je intuïtieve mening aanvullen met de kennis van de onderzoeken van GiO. Het idee van het wetenschappelijk onderzoek naar GiO is dat er fundamentele wetmatigheden zijn die individueel gedrag verklaren. Verschillen in gedrag kunnen zo worden verklaard en voorspelt. Zonder fundamentele wetmatigheden zouden voorspellingen heel lastig worden.

Over het algemeen is gedrag voorspelbaar. Door middel van systematisch onderzoek kunnen we deze voorspellingen doen. Systematisch onderzoek voldoet aan de volgende kenmerken:

  • Het onderzoekt verbanden tussen verschijnselen.
  • Het onderscheid oorzaak & gevolg
  • De conclusie zijn gebaseerd op wetenschappelijk bewijs, oftewel, de gegevens zijn verzameld onder gecontroleerde omstandigheden en zijn op verantwoorde wijze gemeten en geïnterpreteerd.

De kennis die voort vloeit uit dit systematische onderzoek kan beschikbaar worden gesteld in toegankelijke kennis banken. Hierin zijn de nieuwste inzichten verzameld en

.....read more
Access: 
Public
Samenvatting Gedrag in organisaties (Robbins & Judge)

Samenvatting Gedrag in organisaties (Robbins & Judge)


Deel 1. Inleiding

 

Hoofdstuk 1. Gedrag in Organisaties

Pas sinds eind jaren ‘80 is er aandacht voor gedrag in organisaties. Dat is jammer want kennis van gedrag in organisaties is zeer belangrijk voor de carrière van managers. Mensen gaan niet ergens werken vanwege het loon en de arbeidsvoorwaarden. Het gaat hen voornamelijk om de kwaliteit van het werk en een stimulerende werkomgeving. De kans op zo’n soort werkomgeving is groter bij managers met interpersoonlijke vaardigheden. Hierdoor ontstaat een positieve keten:

Manager met interpersoonlijke vaardigheden --> plezierige werkomgeving --> eenvoudig gekwalificeerd personeel trekken --> betere resultaten. Technische vaardigheden zijn noodzakelijk voor een goede manager maar niet voldoende. Goed zijn met mensen is een extra vereiste.

 

1.1
Gedrag in Organisaties (GiO) = het wetenschappelijk onderzoek naar het menselijk gedrag in arbeidssituaties. Dit bestaat uit 3 elementen: individuele factoren, groepsprocessen en organisatie structuren. GiO is vooral gericht op het verbeteren van de effectiviteit van een organisatie.

Iedereen leest het gedrag van andere mensen en probeert te begrijpen waarom ze juist dat gedrag vertonen. Iedereen probeert ook gedrag te voorspellen. Helaas zijn deze voorspellingen vaak niet zo accuraat. Om dit te verbeteren kun je je intuïtieve mening aanvullen met de kennis van de onderzoeken van GiO. Het idee van het wetenschappelijk onderzoek naar GiO is dat er fundamentele wetmatigheden zijn die individueel gedrag verklaren. Verschillen in gedrag kunnen zo worden verklaard en voorspelt. Zonder fundamentele wetmatigheden zouden voorspellingen heel lastig worden.

Over het algemeen is gedrag voorspelbaar. Door middel van systematisch onderzoek kunnen we deze voorspellingen doen. Systematisch onderzoek voldoet aan de volgende kenmerken:

  • Het onderzoekt verbanden tussen verschijnselen.
  • Het onderscheid oorzaak & gevolg
  • De conclusie zijn gebaseerd op wetenschappelijk bewijs, oftewel, de gegevens zijn verzameld onder gecontroleerde omstandigheden en zijn op verantwoorde wijze gemeten en geïnterpreteerd.

De kennis die voort vloeit uit dit systematische onderzoek kan beschikbaar worden gesteld in toegankelijke kennis banken. Hierin zijn de nieuwste inzichten verzameld en op basis van deze kennis banken kunnen protocollen worden opgesteld. In de medische wereld wordt bijvoorbeeld al zo gewerkt. Voor het veld van GiO is dat echter anders. Kennis zit nog voornamelijk in de hoofden en beslissingen worden vaak nog onsystematisch genomen.

Systematisch wetenschappelijk onderzoek kan intuïtieve kennis aanvullen. Niet alle intuïtieve kennis is fout. Door middel van wetenschappelijk onderzoek kan intuïtieve kennis verder worden ontwikkeld en kunnen verklaringen en voorspellingen nauwkeuriger worden.

 

1.3
GiO = toegepaste gedragswetenschap en heeft

.....read more
Access: 
Public
Samenvatting Organizational Behaviour (Robbins, Judge & Campbell)

Samenvatting Organizational Behaviour (Robbins, Judge & Campbell)

 


A: What is organizational behaviour?

 

Being a good manager requires strong interpersonal skills, as communication is crucial, as one must manage different types of resources: people, money, and time in order to achieve specific goals.

 

A Manager’s Four Main Functions

Planning function refers to setting goals, creating strategies, and preparation of plans that make different activities work coherently and effectively.

Organising function concerns tasks identification and division, assignment of tasks to individuals, setting reporting and decision- making systems.

Leading function relates to motivating workers and directing others’ actions, choosing communication canals and solving conflicts.

Controlling function refers to controlling others’ work outcomes and checking whether everything is being done as planned; and when necessary undertaking corrective actions.

 

Management roles

They can be divided into 3 main categories: interpersonal roles, informational roles and decisional roles. The concept was developed by Henry Mintzberg and is called Mintzberg’s Managerial Roles (below).

 

 

ROLE

DESCRIPTION

 

Interpersonal

 

Roles which involve ceremonial/symbolic duties

Figurehead

Symbolic head, needs to perform duties of social/legal nature

Leader

Motivates and directs employees

Liaison

Maintains a network of outside contacts

Informational

 

Collection and dissemination of information

Monitor

Receives information, serves as nerve centre of internal and external information

Disseminator

Transmits information from outsiders to the organisation’s members

Spokesperson

Transmits information about the organisation to outside parties

Decisional

 

Refers to making choices

Entrepreneur

Analyses the organisation and its environment for opportunities and initiates projects to bring about change

Disturbance handler

Undertakes corrective actions in case of problems

Resource allocator

Makes or approves important organizational decisions

Negotiator

Represents the organization in negotiations

 

Management skills

There are 3 types of management skills developed by Robert Katz: Technical skills (application of specialised knowledge, know-how, e.g......read more

Access: 
Public
Work for WorldSupporter

Image

JoHo can really use your help!  Check out the various student jobs here that match your studies, improve your competencies, strengthen your CV and contribute to a more tolerant world

Working for JoHo as a student in Leyden

Parttime werken voor JoHo

Check more of this topic?
Check supporting content:
Psychology and behavorial sciences: summaries and study assistance - WorldSupporter Start
How to use more summaries?


Online access to all summaries, study notes en practice exams

Using and finding summaries, study notes en practice exams on JoHo WorldSupporter

There are several ways to navigate the large amount of summaries, study notes en practice exams on JoHo WorldSupporter.

  1. Starting Pages: for some fields of study and some university curricula editors have created (start) magazines where customised selections of summaries are put together to smoothen navigation. When you have found a magazine of your likings, add that page to your favorites so you can easily go to that starting point directly from your profile during future visits. Below you will find some start magazines per field of study
  2. Use the menu above every page to go to one of the main starting pages
  3. Tags & Taxonomy: gives you insight in the amount of summaries that are tagged by authors on specific subjects. This type of navigation can help find summaries that you could have missed when just using the search tools. Tags are organised per field of study and per study institution. Note: not all content is tagged thoroughly, so when this approach doesn't give the results you were looking for, please check the search tool as back up
  4. Follow authors or (study) organizations: by following individual users, authors and your study organizations you are likely to discover more relevant study materials.
  5. Search tool : 'quick & dirty'- not very elegant but the fastest way to find a specific summary of a book or study assistance with a specific course or subject. The search tool is also available at the bottom of most pages

Do you want to share your summaries with JoHo WorldSupporter and its visitors?

Quicklinks to fields of study (main tags and taxonomy terms)

Field of study

Access level of this page
  • Public
  • WorldSupporters only
  • JoHo members
  • Private
Statistics
608
Comments, Compliments & Kudos:

Add new contribution

CAPTCHA
This question is for testing whether or not you are a human visitor and to prevent automated spam submissions.
Image CAPTCHA
Enter the characters shown in the image.
Promotions
Image

Op zoek naar een uitdagende job die past bij je studie? Word studentmanager bij JoHo !

Werkzaamheden: o.a.

  • Het werven, aansturen en contact onderhouden met auteurs, studie-assistenten en het lokale studentennetwerk.
  • Het helpen bij samenstellen van de studiematerialen
  • PR & communicatie werkzaamheden

Interesse? Reageer of informeer