Psychology Leiden: summaries and study notes - Theme
- Login of registreer om te kunnen reageren
- 31349 keer gelezen
Wat is waar over counterfactual thinking:
Herhaaldelijk een situatie overdenken met manieren waarop je het anders had kunnen doen, kan leiden tot een depressie omdat je er geen invloed meer op hebt.
Een situatie overdenken met manieren waarop je het anders had kunnen doen, kan je in de toekomst beter laten handelen in een soortgelijke situatie.
A en B zijn beide waar.
Geen van beide is waar.
Welke van de volgende variabelen zijn de belangrijkste situationele factoren die interpersoonlijke attractie voorspellen?
similarity
self-esteem
propinquity
reciprocal liking
Henk scheldt op teamgenoot Jeroen tijdens een voetbalwedstrijd. Volgens het covariatie model van Kelly (1967) zullen toeschouwers geneigd zijn dit gedrag aan de specifieke situatie (en niet aan Henk of Jeroen) te attribueren wanneer:
consensus en consistentie hoog zijn, maar distinctiviteit laag.
distinctiviteit en consistentie hoog zijn, maar consensus laag.
consistentie hoog is, maar distinctiviteit en consensus laag.
geen van de bovenstaande antwoorden is juist.
In onderzoek van Correll, Park, Judd & Wittenbrink (2002) naar de automatische invloed van stereotypes, hebben proefpersonen als taak om in een computertaak snel op personen (die wit of zwart zijn) te schieten wanneer ze een geweer, maar niet wanneer ze een stuk gereedschap vasthouden. Het typische “shooter-bias” effect dat een automatische invloed van stereotypes laat zien komt tot uiting in:
een interactie-effect: Proefpersonen maken vaker fouten bij plaatjes van zwarte personen zonder wapens dan witte personen zonder wapens, maar minder vaak bij plaatjes van zwarte personen met wapens dan witte personen met wapens.
een interactie-effect: Proefpersonen maken vaker fouten bij plaatjes van zwarte personen met wapens dan witte personen met wapens, maar minder vaak bij plaatjes van zwarte personen zonder wapens dan witte personen zonder wapens.
een hoofd-effect: Proefpersonen maken vaker fouten bij plaatjes van witte dan zwarte personen.
een hoofd-effect: Proefpersonen maken vaker fouten bij plaatjes van personen met wapen dan zonder wapens.
Berend twijfelt enorm over een baanaanbod in de commerciële sector. Hij heeft een knagend gevoel over de commerciële sector, maar omdat het salaris goed is en hij de werkzaamheden leuk vindt, neemt hij de baan aan. Op basis van reasons-generated attitude change zou je het volgende voorspellen:
Berend krijgt spijt omdat hij focuste op aspecten die er niet toe doen het leven (salaris, werkzaamheden).
Berend krijgt spijt omdat hij focuste op aspecten die makkelijk in woorden zijn te vatten (salaris, werkzaamheden), maar gevoelens negeerde die moeilijker te verklaren zijn (knagend gevoel bij commerciële sector). Juist die gevoelens die moeilijk in woorden te zijn verklaren doen ertoe op lange termijn.
Berend is blij omdat hij focuste op aspecten die makkelijk in woorden zijn te vatten (salaris, werkzaamheden) en dit dus goed aan zijn vrienden kan uitleggen.
Berend is blij omdat hij focuste op aspecten die voor iedereen belangrijk zijn (salaris, werkzaamheden), want deze aspecten zullen uiteindelijk het knagende gevoel wegnemen.
Julia is op vakantie en gaat bungeejumpen. Als ze na de sprong nog staat te trillen op haar benen komt ze een hele aantrekkelijke jongen tegen waar ze een leuk gesprekje mee heeft. Ze komt opgetogen terug bij haar vriendinnen en vertelt dat ze denkt dat ze verliefd is. Dit kan een klassiek geval zijn van:
two factor theory of emotion
hindsight bias
self justification
misattribution of arousal
Festinger & Carlsmith (1959) lieten proefpersonen een saaie taak doen en betaalden proefpersonen 1 of 20 dollar. De bevindingen die door dissonantiereductie verklaard kunnen worden lieten zien dat:
proefpersonen die 1 dollar kregen de beloning minder leuk vonden dan proefpersonen die 20 dollar kregen.
proefpersonen die 20 dollar kregen de beloning minder leuk vonden dan proefpersonen die 1 dollar kregen.
proefpersonen die 1 dollar kregen de taak minder leuk vonden dan proefpersonen die 20 dollar kregen.
proefpersonen die 20 dollar kregen de taak minder leuk vonden dan proefpersonen die 1 dollar kregen.
De impact bias is de neiging van mensen te overschatten hoe erg en hoe lang ze last hebben van negatieve emotionele gebeurtenissen. Welke van de onderstaande uitspraken is juist:
Dissonantie reductie kan verklaard worden doordat mensen de impact bias onderschatten.
Dissonantie reductie kan verklaard worden doordat mensen de impact bias overschatten.
De impact bias kan verklaard worden doordat mensen dissonantie reductie onderschatten.
De impact bias kan verklaard worden doordat mensen dissonantie reductie overschatten.
Onderzoek laat zien dat mensen die bloot worden gesteld aan herrie waar ze geen invloed op uit kunnen oefenen vaak moeite hebben om nieuwe taken te leren (b.v. Glass & Singer, 1972). Dit wordt veroorzaakt door:
fobische angst
geleerde hopeloosheid
gehoorverlies
sensorische overbelasting
De moeder van Omar is erg tegen tatoeages en verbiedt hem dan ook ten zeerste om er ooit één te nemen. Dat Omar hierdoor juist getriggerd wordt om een tatoeage te nemen, kan verklaard worden door:
boomerang theory
attitude inocculation
reactance theory
prohibition theory
C. A en B zijn beide waar.
C. propinquity
D. geen van de bovenstaande antwoorden is juist.
A. een interactie-effect: Proefpersonen maken vaker fouten bij plaatjes van zwarte personen zonder wapens dan witte personen zonder wapens, maar minder vaak bij plaatjes van zwarte personen met wapens dan witte personen met wapens.
B. Berend krijgt spijt omdat hij focuste op aspecten die makkelijk in woorden zijn te vatten (salaris, werkzaamheden), maar gevoelens negeerde die moeilijker te verklaren zijn (knagend gevoel bij commerciële sector). Juist die gevoelens die moeilijk in woorden te zijn verklaren doen ertoe op lange termijn.
D. misattribution of arousal
D. proefpersonen die 20 dollar kregen de taak minder leuk vonden dan proefpersonen die 1 dollar kregen.
C. De impact bias kan verklaard worden doordat mensen dissonantie reductie onderschatten.
B. geleerde hopeloosheid
C. reactance theory
Join with a free account for more service, or become a member for full access to exclusives and extra support of WorldSupporter >>
JoHo WorldSupporter mission and vision:
JoHo concept:
Volunteering: WorldSupporter moderators and Summary Supporters
Volunteering: Share your summaries or study notes
Student jobs: Part-time work as study assistant in Leiden


Search only via club, country, goal, study, topic or sector
Select any filter and click on Search to see results