De helpfase: hoe ontwikkel je een interventie? - Chapter 5
Als alle factoren die de uitkomstvariabele veroorzaken zijn geïdentificeerd, kan een interventie worden uitgevoerd. Een interventie wordt gebruikt om de oorzakelijke factoren te veranderen en daarmee de uitkomst variabele in goede banen te leiden. Het is echter soms niet nodig om alle oorzakelijke factoren te veranderen, dus de eerste stap in de hulpfase is het bepalen van de te veranderen factoren. De aanpasbaarheid van de factoren en de effectgrootte van de interventie bepalen deze keuze. Verbolgens moet worden bepaald hoe de doelgroep wordt bereikt en wat de inhoud van de interventie zal zijn. De inhoud van de interventie is voornamelijk gebaseerd op empirisch bewijs. De laatste stap in de hulpfase is het implementatie proces. Dit hoofdstuk geeft slechts een inleiding tot het ontwikkelen van een interventie.
Hoe bereid je een interventie ontwikkeling voor?
Zoals hierboven beschreven is het niet altijd nodig, passend of mogelijk om alle factoren in het verklaringsmodel aan te passen. Daarom kiest de sociale psycholoog de factoren die aanpasbaar zijn en het grootste effect hebben op de uitkomstvariabele. Hiervoor is het handig om alle factoren van het procesmodel in een balans onder te brengen.
Aanpasbaarheid
Er zijn drie vragen die kunnen helpen bij het uitsluiten van factoren die moeilijk te veranderen zijn:
- Is de factor een stabiele persoonlijkheidstrek?
- Is de factor gerelateerd aan diepgewortelde politieke of religieuze waarden?
- Is de factor gerelateerd aan een stabiele milieusituatie?
Effect grootte
Om te bepalen welke variabelen het meeste effect hebben op de uitkomstvariabele, dient de sociaalpsychologische literatuur te worden geraadpleegd. Als er geen informatie in deze literatuur te vinden is, zijn er verschillende manieren om de effectgrootte te schatten. Zo is het mogelijk om te kijken naar ervaringen uit het verleden met vergelijkbare situaties.
De balanstabel
Een balanstabel helpt bij het vaststellen welke factoren gebruikt zullen worden voor de interventie. Een psycholoog zal alle variabelen uit het procesmodel evalueren op hun aanpasbaarheid en effect grootte. Deze ziet er als volgt uit:
Variables from the process model Modifiability Effect Size
- Perceived negative outcomes of child being overweight ++ +
- Knowledge on weight reducing parental behaviors + ++
- Perceived positive outcomes of weight reducing parental behaviors ++ +
- Perceived control over child’s behavior + ++
- Experience with structured parenting 0 +
Note: With regard to modifiability: ++ = high modifiable; + = medium modifiable; 0 = low modifiable; - = not modifiable; +/0 = depends on another variable.
With regard to the effect size: ++ = large effect; + = moderate effect; 0 = small effect; - = no effect; +/0 = depends on another variable.
Aan de hand van deze tabel kan de psycholoog bepalen welke factoren veranderd moeten worden om de uitkomst variabele te veranderen.
Hoe ontwikkel je de interventie?
Bij het ontwikkelen van een interventie kunnen drie taken worden onderscheiden:
- Het juiste kanaal kiezen: bijvoorbeeld hoe de doelgroep wordt bereikt.
- De juiste methoden selecteren: hoe vindt de verandering bijvoorbeeld plaats.
- Ontwikkeling van de strategieën: vertalen van de methoden naar concrete aspecten van de interventie.
Het kanaal, de methoden en de strategie moeten altijd rekening houden met de doelgroep. Het is goed om te onthouden dat het ontwikkelen van een interventie een dynamisch proces is: keuzes voor het kanaal, de methoden en de strategie worden altijd in combinatie met elkaar gemaakt.
Het kanaal
Het kanaal is het middel waarmee mensen worden bereikt en de beoogde veranderingen vinden alleen plaats wanneer mensen aan dit kanaal worden blootgesteld. Voorbeelden zijn: flyers, tijdschriften, internet, televisie, groepstrainingen en structurele milieuveranderingen.
Het kanaal wordt gekozen op basis van informatie over de doelgroep, de relevante variabelen, methoden en strategieën. De volgende kwesties moeten meegenomen worden bij het kiezen van een kanaal:
- Is het kanaal een effectieve manier om de doelgroep te bereiken?
- Is blootstelling middels dit kanaal intensief genoeg om de variabele te veranderen?
- Is het kanaal toepasselijk voor de methode en de strategie?
- Wat is de impact op populatie niveau van de interventie bij het gebruik van dit kanaal? De impact wordt bepaald door de effectiviteit: het percentage mensen dat meedoet aan de interventie. De impact van een interventie kan berekend worden door de effectiviteit te vermenigvuldigen met de participatie rate van de interventie.
De methode
Methoden komen vaak voort uit theoretische kaders. De keuze van een methode hangt af van het balansmodel. Voor elke variabele moet een interventiemethode worden gekozen. Daarnaast hangt het af in hoeverre de methode past bij de variabele die moet worden gewijzigd. Sommige kanalen kunnen mensen motiveren door het gewenste gedrag te vertonen, maar ze kunnen ze niet leren hoe ze hun gedrag kunnen veranderen.
De volgende methoden worden vaak gebruikt in psychologische interventies:
- Het stellen van doelen: het stellen van concrete en specifieke doelen is belangrijk. Doelen sturen aandacht en moeite van mensen, geven hen verwachtingen, en geven hen de mogelijkheid tot feedback op het bereiken van het doel, waarmee motivatie wordt gereguleerd. Het stellen van doelen verandert gedrag door het definiëren van doelen die mensen moeten bereiken in een bepaalde periode.
- Angst communicatie: kan effectief zijn om bepaalde gedragingen aan te moedigen. Zo laat het de nadelige consequenties zien van het gedrag dat niet gewenst is. Het is alleen effectief (en ethisch verantwoord) wanneer deze nadelige consequenties samen gaan met expliciete richtlijnen hoe deze consequenties voorkomen kunnen worden.
- Modelleren: refereert naar het leren door observatie van anderen. Kijken hoe anderen zich gedragen en de consequenties hiervan kan mensen leren om een nieuwe gedraging aan te nemen.
- Enactive learning: de meest effectieve manier van het leren van een vaardigheid is om het zelf te bereiken. In interventies kunnen mensen gestimuleerd worden om een bepaalde vaardigheid uit te oefenen en deze te evalueren.
- Sociale vergelijking: informatie over hoe het met andere mensen gaat kan iemands gemoedsstand en welbevinden beïnvloeden.
- Implementatie intenties: intenties om een bepaalde actie uit te voeren in een gespecificeerde situatie. Mensen kunnen gevraagd worden hun intenties voor zichzelf te bepalen middels een doel te bereiken.
- Straf en beloning: over het algemeen herhalen mensen gedrag dat gevolg wordt door een positieve ervaring (beloning) en vermijden zij een negatieve ervaring (straf). Straf voor ongewenst gedrag werkt het beste wanneer het samen gaat met beloning voor gewenst gedrag.
- Feedback: is essentieel in het bereiken van veranderingen in gedrag. Mensen moeten weten in hoeverre zij hun doel hebben bereikt om gemotiveerd te blijven.
De strategie
Methoden moeten worden vertaald in een specifieke strategie. De strategie is de daadwerkelijke interventie waaraan mensen worden blootgesteld. Om strategieën te bedenken, kan een globaal interventie plan worden opgesteld dat de methoden, kanalen, doelgroepen en variabelen specificeert die moeten worden gewijzigd. Verbolgens wordt de strategie bepaald. Dit gebeurt meestal in twee fasen: de divergerende en een convergente fase. In de divergerende fase maakt de psycholoog zoveel mogelijk strategieën en in de convergente fase worden al deze strategieën kritisch beoordeeld.
Er zijn verschillende manieren om interventies te genereren:
- Directe interventie associatie: Ideeën voor strategieën kunnen gebaseerd zijn op veel verschillende bronnen, zoals wat iemand ziet op televisie, wat logisch lijkt, wat effectief blijkt te zijn in literatuur of wat mensen zelf hebben ervaren.
- Directe methode benadering: Deze benadering bestaat uit het kijken naar strategieën die gebruikt zijn in gelijkwaardige situaties.
- Zwakke strategieën: Deze benadering is om strategieën te bedenken die een ongewenst effect hebben op het probleem. Door te weten wat niet gewenst is, kan gevonden worden wat juist wel gewenst is.
- Interviews: Het interviewen van mensen van de doelgroep kan ideeën genereren voor nieuwe strategieën.
- Inzicht vanuit theorie: Deze benadering bestaat uit het kijken naar relevante sociaal psychologische theorieën.
- Inzicht vanuit onderzoek: Deze benadering bestaat uit het kijken naar relevant sociaal psychologisch onderzoek.
De divergerende fase resulteert vaak in een waslijst aan strategieën. De keuze voor een bepaalde strategie of reeks strategieën moet op theoretische en empirische basis worden gemaakt. Ten eerste moet de strategie rekening houden met de randvoorwaarden van de theorie (bijvoorbeeld relevant voor de doelgroep). Ten tweede is het wenselijk dat de gekozen strategie gebaseerd is op empirisch bewijs uit laboratoriumexperimenten of veldstudies. Idealiter zou er bewijs beschikbaar moeten zijn voor de combinatie van het kanaal, de methode, de strategie, de te veranderen variabele en de doelgroep.
Soms is er geen bewijs voor de effectiviteit van een bepaalde strategie. Zeker als de kosten voor een interventieprogramma dan hoog zijn, is het aan te bevelen om eerst de effectiviteit te onderzoeken.
Hoe bouw je het interventieprogramma?
Zodra de strategie(ën) gekozen is, kan de interventies vorm krijgen. Als het om beeldmateriaal gaat, gebeurt dit vaak in samenwerking met een professionele grafisch ontwerper. Hier zijn een paar vuistregels voor het maken van materiaal:
- Wees zo specifiek mogelijk in de informatieverstrekking.
- Wanneer er verschillende kanalen voor de interventie worden gebruikt moet alles afgestemd worden op het protocol en de planning van de interventie.
- Wanneer professionele artiesten betrokken zijn, moeten duidelijke afspraken gemaakt worden in hoeverre zijn vrijheid hebben in het vormgeven van het materiaal.
- Het is belangrijk dat alle aspecten van het materiaal afgestemd zijn op de strategie, zodat voor iedereen duidelijk is wat deze strategie is.
Pre-testen van de interventie
Het belangrijkste doel hiervan is om grote ontwerpfouten te voorkomen. Het hoeft niet per se een gedragsmeting te bevatten. Het moet ervoor zorgen dat de doelgroep aandacht besteedt aan de boodschap en deze begrijpt. Het formaat van een pre-test is om het materiaal aan de doelgroep bloot te stellen en hun antwoorden vast te leggen en te evalueren. Dit kan op verschillende manieren:
- Interview. Dit is een vrije manier van het stellen van vragen aan mensen van de doelgroep.
- Kwantitatieve assessment. Mensen van de doelgroep beantwoorden gesloten vragen over de interventie in een vragenlijst.
- Herinnering. Er kan een herinneringstaak gebruikt worden waarbij gekeken wordt welke aspecten van de interventie door mensen van doelgroep onthouden zijn. Dit kan inzicht geven in welke strategieën het meest opvallend zijn.
- Observatie. Mensen van de doelgroep kunnen geobserveerd worden wanneer zij worden blootgesteld aan de interventie.
- Expert meningen. Er kan gevraagd worden of de betrokken experts de effecten van de interventie kunnenweergeven.
Hoe implementeer je de interventie?
Het implementatieproces heeft één belangrijk doel: verifiëren of de interventie wordt gebruikt zoals bedoeld. Bij de uitvoering gaat het niet om de effecten van de interventie, maar om het zo positioneren van de interventie dat deze effecten kan hebben. De grote uitdaging van het implementatieproces is dat de mate waarin de doelgroep wordt blootgesteld aan de interventie afhangt van de mensen en organisaties die bij de distributie van de interventie betrokken zijn. Dus hoewel psychologen een perfect interventieprogramma kunnen maken, is het sterk afhankelijk van de mensen die de interventie aan de doelgroep moeten blootstellen. Als dit niet of nauwelijks gebeurt, zullen de effecten erg klein zijn of zelfs niet bestaan.
Het implementatie proces
Het implementatieproces kan veel tijd kosten, omdat communicatie en informatie-uitwisseling veel tijd in beslag kunnen nemen. Rogers’ (1983) “Model of Diffusion of Innovation” beschrijft hoe grootschalige veranderingen in het gebruik van een innovatie in de loop van de tijd plaatsvinden. Dit proces staat bekend als het diffusieproces. Het proces bestaat uit vier fasen die worden beschreven aan de hand van een voorbeeldflyer voor mishandelde vrouwen om professionele hulp te krijgen.
- Verspreidingsfase (dissemination): De huisarts wordt bekend met het bestaan van de flyer en bespreekt het met zijn collega’s.
- Adoptiefase: De huisarts raakt gemotiveerd om de innovatie te gebruiken en deelt de flyer uit aan patiënten die mogelijk slachtoffer zijn van huishoudelijk geweld.
- Implementatiefase: De huisarts neemt daadwerkelijk deel aan het gedrag om de doelgroep bloot te stellen aan de interventie: hij deelt de flyer uit aan de juiste patiënten.
- Continuatie fase: Het uitdelen van de flyer wordt een gewoonte.
Vastleggen van de implementatie route
In het implementatietraject worden alle betrokken personen en organisaties, hun motivaties en drempels om hun taak bij de implementatie uit te voeren, vastgelegd. Het creëren van een implementatietraject bestaat uit drie stappen:
- Leg de acteurs vast. De route toont de actoren in de relevante netwerken waarin ze communiceren en de betekenis van hun communicatie.
- Bepalen van de motivaties en struikelblokken voor acteurs. De route toont mogelijke problemen en struikelblokken voor de acteurs om bepaalde taken uit te voeren.
- Relevante beleidsvorming identificeren. Het moet bekend zijn welke beleid er binnen een bedrijf wordt gevolgd en welke wetten er zijn. Op deze manier kan ervoor worden gezorgd dat deze niet worden overtreden.
Het implementatieplan
Het implementatieplan omvat alle stappen die genomen moeten worden om de actoren aan te moedigen hun taken in de implementatie uit te voeren. Bij het ontwikkelen van een implementatieplan moet de sociale psycholoog rekeninghouden met twee factoren:
- Implementatiedoelen: Er moeten doelen gesteld worden zodat elke acteur een positieve attitude heeft ten opzichte van de implementatie of hun taak binnen de implementatie ziet als een deel van hun werk.
- Actieplannen: Deze plannen geven aan hoe de doelen precies bereikt kunnen worden.
De daadwerkelijke implementatie
Deze fase kost veel werk. Alle betrokkenen (actoren) moeten worden benaderd om ervoor te zorgen dat ze hun steentje bijdragen om het doel te bereiken. Dit kan zijn door hen te motiveren of door mogelijke struikelblokken weg te nemen.
De evaluatie
Om vast te stellen of het gesignaleerde probleem daadwerkelijk positief is veranderd, moet aan het einde van de interventiecyclus een evaluatie plaatsvinden. Er zijn minstens drie soorten evaluaties belangrijk:
- Effectevaluatie: er wordt geëvalueerd in hoeverre de variabelen in direct verband houden met het probleem zijn veranderd. In ieder geval moet het effect van de interventie op de gespecificeerde uitkomstvariabele worden geëvalueerd.
- Procesevaluatie: bestaat uit primaire procesevaluatie en secundaire procesevaluatie. De primaire procesevaluatie betreft het bepalen van de veranderingen in de variabelen die verantwoordelijk zijn voord de veranderingen in de uitkomstvariabele. De secundaire procesevaluatie verwijst naar een bepaling van de mate waarin effectieve elementen van de interventie daadwerkelijk zijn geïmplementeerd.
- Kosteneffectiviteit evaluatie: hier wordt bepaald of de kosten opwegen tegen het effect van de interventie.
Als alle factoren die de uitkomstvariabele veroorzaken zijn geïdentificeerd, kan een interventie worden uitgevoerd. Een interventie wordt gebruikt om de oorzakelijke factoren te veranderen en daarmee de uitkomst variabele in goede banen te leiden. Het is echter soms niet nodig om alle oorzakelijke factoren te veranderen, dus de eerste stap in de hulpfase is het bepalen van de te veranderen factoren. De aanpasbaarheid van de factoren en de effectgrootte van de interventie bepalen deze keuze. Verbolgens moet worden bepaald hoe de doelgroep wordt bereikt en wat de inhoud van de interventie zal zijn. De inhoud van de interventie is voornamelijk gebaseerd op empirisch bewijs. De laatste stap in de hulpfase is het implementatie proces. Dit hoofdstuk geeft slechts een inleiding tot het ontwikkelen van een interventie.
Join with a free account for more service, or become a member for full access to exclusives and extra support of WorldSupporter >>
Concept of JoHo WorldSupporter
JoHo WorldSupporter mission and vision:
- JoHo wants to enable people and organizations to develop and work better together, and thereby contribute to a tolerant and sustainable world. Through physical and online platforms, it supports personal development and promote international cooperation is encouraged.
JoHo concept:
- As a JoHo donor, member or insured, you provide support to the JoHo objectives. JoHo then supports you with tools, coaching and benefits in the areas of personal development and international activities.
- JoHo's core services include: study support, competence development, coaching and insurance mediation when departure abroad.
Join JoHo WorldSupporter!
for a modest and sustainable investment in yourself, and a valued contribution to what JoHo stands for
- Login of registreer om te kunnen reageren
- 2556 keer gelezen
Work for JoHo WorldSupporter?
Volunteering: WorldSupporter moderators and Summary Supporters
Volunteering: Share your summaries or study notes
Student jobs: Part-time work as study assistant in Leiden
- Login of registreer om te kunnen reageren
- 2472 keer gelezen
- Insurance for emigrants, expats and living abroad: international insurance for expats and emigrants
- Insurance for activities abroad: Backpacking Travel abroad Intern abroad Study abroad Volunteer abroad Work abroad
- Insurance: ACS Globe Traveller Caremed Insurances Expatriate Travel Insurance IMG’s GlobeHopper World Nomads Insurance SafetyWing Insurance JoHo Special ISIS verzekering NL/BE Working Nomad verzekering NL/BE More about Insurance for abroad
Search only via club, country, goal, study, topic or sector
Select any filter and click on Search to see results








