Understanding adolescence as a period of social-affective engagement and goal flexibility - Crone & Dahl - 2012 - Artikel

Understanding adolescence as a period of social-affective engagement and goal flexibility - Crone & Dahl - 2012

Introductie

Adolescentie betreft de transitionele fase tussen de kindertijd en de volwassenheid. Het begin van de adolescentie wordt gekenmerkt door fysiologische veranderingen, zoals snelle fysieke groei, veranderingen in gezichtsstructuur, stem, lichaamskenmerken, metabolisme en slaap, en de activatie van nieuwe motivaties. Het einde van de adolescentie heeft minder duidelijke biologische grenzen. Het bereiken van de volwassenheid betreft veranderingen in de sociale rollen en verantwoordelijkheden en is voornamelijk cultureel gedefinieerd. Men is steeds meer geïnteresseerd in de neurale veranderingen die ten grondslag liggen van deze processen.

Wat zeggen de huidige modellen over de hersenontwikkeling van adolescenten?

Een aantal invloedrijke modellen over de hersenontwikkeling van adolescenten stellen dat er een maturational gap bestaat tussen cognitieve controle en affectieve processen. Dit zou er toe leiden dat adolescenten vaker emotionele in plaats van rationele beslissingen nemen. Echter, neuroimaging data laat dit beeld niet altijd eenduidig zien. Nieuw onderzoek laat een meer genuanceerd beeld zien, waarbij sprake is van interactie tussen cognitieve, affectieve en sociale verwerkingen. Ook is er meer aandacht voor de invloed van de sociale context en de manier waarop deze de ontwikkeling van neurale systemen beïnvloed.

Neuroimaging

Er is veel functionele MRI onderzoek gedaan naar cognitieve, emotionele en sociale ontwikkeling. Er bestaan echter grote methodologische problemen met deze onderzoeken. Zo bestaat er veel variabiliteit in de leeftijden die in deze onderzoeken zijn gebruikt, is alleen gekeken naar lineaire leeftijdgerelateerde veranderingen en is de puberale ontwikkeling bij de adolescenten niet gemeten.

Wat zegt fMRI onderzoek over cognitieve controle?

Vaardigheden in cognitieve controle beginnen zich te ontwikkelen in de vroege kindertijd en verbeteren zich gradueel tijdens de kindertijd en de adolescentie. De toenames in cognitieve vaardigheden markeren een periode van significantie vooruitgang met betrekking tot leren en succesvolle aanpassingen in verschillende sociale contexten en culturele invloeden. De resultaten van neuroimaging naar de ontwikkeling van cognitieve controle vaardigheden vertoont een grote mate van variabiliteit. Daarvan kan niet worden gezegd dat deze het model van de frontale corticale onvolwassenheid en de maturation gap bevestigen.

Bestaat er flexibiliteit van cognitieve controle systemen?

De hoge mate van variabiliteit in de bevindingen zou een reflectie kunnen zijn van minder automatische en meer flexibele cognitieve controle systemen in de adolescentie. De mate waarin cognitieve controle processen zijn geactiveerd tijdens de adolescentie zou kunnen worden beïnvloed door het motivationele belang van de context. Denk aan de aanwezigheid van peers, taakinstructies en het belang en prioriteit van de taak. Flexibel kunnen zijn in veranderende contexten kan zeer belangrijk zijn voor adolescenten. Er is ook wetenschappelijk bewijs dat stelt dat de frontale corticale hersengebieden gevoelig zijn voor de context en dat hun activiteit kan worden verbeterd aan de hand van training.

Wat zegt fMRI over affectieve verwerking?

De neurologische veranderingen die plaatsvinden tijdens de ontwikkeling van affectieve verwerking volgen non-lineaire patronen, met een piek in he subcorticale hersengebied tijdens de mid-adolescentie. Dit zou kunnen verklaren waarom de emotionele en motivationele ervaringen tijdens de adolescentie zo intens zijn, en hoe deze intensiteit nieuwe uitdagingen kan meebrengen voor emotieregulatie en zelfcontrole.

Wat zegt fMRI over sociale ontwikkeling?

Sociale competentie verwijst naar het hebben van de kennis en vaardigheden om onafhankelijk te kunnen functioneren van de ouders en andere verantwoordelijke volwassenen. Er wordt onderscheid gemaakt tussen twee dimensies van sociale ontwikkeling tijdens de adolescentie. Sociaal-cognitieve ontwikkeling betreft de kennis en capaciteit om sociale situaties te begrijpen. De ontwikkeling van deze vaardigheden wordt gedeeltelijk gedreven door de omgeving en ervaringen. Sociaal-affectieve ontwikkeling betreft de motivationele en emotionele aspecten van sociale vaardigheden. Deze ontwikkeling lijkt te worden beïnvloed door puberale hormonen.

Welke invloed heeft de puberteit op sociaal-affectieve veranderingen?

Het is belangrijk om te kijken naar de rol van hormonale veranderingen in de puberteit voor de ontwikkeling van sociale en affectieve verwerking. Veranderingen in de hormonen zouden door middel van twee interactie effecten zorgen voor een toename in risicovol gedrag van adolescenten. Ten eerste doordat het leidt tot een toename in het motivationele belang van het verkrijgen van sociale status. Ten tweede doordat het leidt tot een toename in de wens voor ervaringen met een hoog affectief karakter.

Een nieuw heuristisch model

Het model dat hier wordt geïntroduceerd bevat twee belangrijke aspecten. Het eerste aspect kijkt naar sociaal-affectieve betrokkenheid en doelflexibiliteit en het tweede aspect kijkt naar de rol van puberale hormonen tijdens sociaal-affectieve betrokkenheid. Het model stelt dat veranderingen in de sociaal-affectieve verwerking in combinatie met flexibel prefrontale cortex gebruik over het algemeen adaptief is en ontwikkelingsgericht is op de taken van de adolescentie.

Sociaal-affectieve betrokkenheid en doelflexibiliteit

Er is steeds meer bewijs dat stelt dat de adolescentie een periode is waarin de cognitieve betrokkenheid relatief flexibel is, en afhankelijk van het sociale en motivationele belang van een doel. Deze flexibiliteit zorgt voor grotere kwetsbaarheid en gedrag dat lijkt op impulsiviteit en onvolwassenheid (zoals het toekennen van veel waarde aan de meningen van peers). Echter, deze flexibiliteit zorgt er ook voor dat snel gewisseld kan worden tussen doelprioriteiten. Ook kunnen adolescenten hierdoor effectiever deelnemen in situaties waarin zij gemotiveerd zijn om deel te nemen. De flexibiliteit faciliteert leren, probleemoplossend denken en het gebruik van creatieve vaardigheden.

Sociaal-affectieve ontwikkeling en de rol van hormonen

Met name de sociale effecten van testosteron worden relevant geacht voor het begrijpen van een aantal belangrijke veranderingen in de adolescentie. Testosteron zou verantwoordelijk zijn voor de zoektocht naar en het willen behouden van sociale status, en verandert de waardering van bedreigingen en beloningen (met name wanneer deze relevant zijn voor sociale status).

Image

Access: 
Public

Image

Image

 

 

Contributions: posts

Help other WorldSupporters with additions, improvements and tips

Image

Spotlight: topics

Image

Check how to use summaries on WorldSupporter.org
Submenu: Summaries & Activities
Follow the author: Vintage Supporter
Work for WorldSupporter

Image

JoHo can really use your help!  Check out the various student jobs here that match your studies, improve your competencies, strengthen your CV and contribute to a more tolerant world

Working for JoHo as a student in Leyden

Parttime werken voor JoHo

Statistics
Search a summary, study help or student organization