Duizend-en-een-Nacht

Duizend-en-een-Nacht

1001 Nacht en Sheherazade

Wanneer koning Sjahriar door zijn vrouw bedrogen wordt, verliest hij alle vertrouwen in de vrouwen van de wereld. Om wraak te nemen, neemt hij elke nacht een ander meisje in bed om haar vervolgens de volgende dag te doden. Alles verandert wanneer hij Sheherazade, de dochter van zijn Perzische vizier, in bed krijgt. Sheherazade weet wat er met de meisjes voor haar gebeurd is, en om haar leven te redden heeft ze een plan bedacht; elke nacht vertelt ze koning Sjahriar een spannend verhaal waarvan ze het vervolg voor de volgende nacht bewaart.

Image

Antoine Galland en 1001 Nacht

Hoewel Duizend-en-een-Nacht dus een bundel van verhalen uit Afrika, het Midden-Oosten en west-Azie is, is de titel ook zeer bekend in het Westen. Dit is mede te danken aan de Fransman Antoine Galland (1646-1715) die een bewerking maakte van de verhalen waarvan hij de eerste twee volumes publiceerde in 1701.

Galland was afkomstig uit een arme familie maar hij wist zich dermate op te werken dat hij tussen 1670 en 1675 met de Franse ambassadeur meereisde naar Constantinopel, de hoofdstad van het toenmalige Ottomaanse Rijk. Aldaar leerde hij Arabisch, Perzisch en Turks en aan het einde van de 17e eeuw kreeg hij een manuscript van een deel van 1001 Nacht in handen. Hij vertaalde het naar het Frans en het succes ervan moedigde hem aan om met meer vertalingen te komen. Vanuit een Syrisch manuscript begon hij meer vertellingen te vertalen, en hij ontmoette een Syrische verteller van wie hij nog meer verhalen te horen kreeg.

Het is hoogstwaarschijnlijk dat Galland degene is geweest die bepaalde verhalen aan Duizend-en-een-Nacht heeft toegevoed, die niet bij een van de oorspronkelijkere manuscripten hoorde. Denk hierbij aan Aladdin en Ali Baba en de 40 Rovers. Ook paste Galland zijn vertaling deels aan aan de tijdsgeest en nam hij diverse passages niet op die wel in de manuscripten waar hij mee werkte stonden. Wanneer je  de vertaling van Duizend-en-een-Nacht van Antoine Galland leest, kun je dus geen enorm oorpronkelijke weergave van het origineel verwachten, maar wel heeft hij de verhalen veel dichterbij de Westerse mens gebracht en veel kennis beschikbaar gesteld.

Bronnen:

 

 

Bijna iedereen heeft weleens van Duizend-en-een-Nacht gehoord; sprookjes uit de Arabische wereld vol met djinns, verleidelijke vrouwen en rijke sultans. Een van de bekendste verhalen uit het boek is het verhaal van Aladdin en de Wonderlamp, waar een wereldbekende animatiefilm van is gemaakt.

Maar wist je dat Duizend-en-een-Nacht niet volledig uit de Arabische wereld afkomstig is, en dat het eigenlijk nooit als een geheel boek is geschreven? En dat het sprookje van Alladin en de Wonderlamp niet bij de oorspronkelijke verhalen hoort? Duizend-en-een-Nacht is een rijke bundel van verhalen, met personages en sprookjes afkomstig uit het huidige Arabische en Perzische cultuurgebied, Noord-Afrika en India. De verhalen gaan niet alleen over vrouwen in een harem die hun sultan bedienen, maar vooral over machtige vrouwen die hun plek binnen hun familie en hun rijk opeisen. Er komen magische djinns in voor, die hun eigen werelden en koninkrijken hebben, maar je komt ook historische namen tegen die uit de geschiedenisboeken stappen en een nieuw gezicht aan de lezers laten zien.

Een voorbeeld hiervan is Haroen al-Rashid (766-809); hij was een bekende kalief uit het Abbasiden kalifaat dat bestond van 750 tot 1258 n. Chr. Deze periode wordt gezien als het Islamitische gouden tijdperk, waarin cultuur, wetenschap, filosofie en geneeskunde in het Midden-Oosten floreerde. Haroen al-Rashid komt als personage zeer duidelijk naar voren in Duizend-en-een-Nacht, waardoor hij niet alleen een naam uit de geschiedenis blijft maar door de verhalen opnieuw tot leven komt en tot de verbeelding van vele schrijvers en lezers spreekt.

Wil je meer leren over Duizend-en-een-Nacht, de verschillende invloeden op de verhalen en de vele interpretaties van de verhalen door de jaren heen? Hou dit magazine dan in de gaten!

Bronnen:

De islamitische Gouden Eeuw

Dat Nederland tijdens de zeventiende eeuw de 'Gouden Eeuw' beleefde is algeheel bekend, maar wist je dat zo'n Gouden Eeuw zich ook in de islamitische wereld heeft voorgedaan? Toen christelijk Europa zich in de Middeleeuwen bevond, floreerde in de islamitische wereld de kunst en wetenschap. Deze islamitische Gouden Eeuw begon volgens historici rond 750 na Christus, rond de tijd dat Bagdad de hoofdstad werd van het rijk van de Abbasiden. Het Abbasidische Rijk reikte op zijn hoogtepunt van Centraal-Azie tot Noord-Afrika, nam zowel Arabische als Perzische cultuurelementen op en de leiders werkten actief aan het verbreden van hun kennis.

De eerder genoemde kalief Haroen al-Rashid opende in Bagdad het 'Huis der Wijsheid'. Het was een bibliotheek waar voornamelijk Perzische en Arabische manuscripten te vinden waren, zoals Griekse teksten vertaald naar het Perzisch. Zo ontstond in Bagdad een 'vertalingsbeweging' en werden een grote hoeveelheid wetenschappelijke en filosofische teksten vertaald, maar ook literatuur en poezie, vanuit onder andere Perzisch, Syrisch en Grieks. Inmiddels was ook het gestandaardiseerde Arabisch ingevoerd waardoor wetenschappers door het hele rijk heen met elkaar konden communiceren.

Naast deze belangrijke vertalingen ontwikkelde de wetenschap zich verder in de Arabische wereld, vooral op het gebied van wiskunde. De Arabische wiskundigen borduurden voor op wiskunde uit Egypte, Perzie, Griekenland en India, de Arabieren introduceerden de decimale breuk, oftewel de cijfers achter de komma. Verder brachten de nieuwsgierige alchemisten in de Arabische en Perzische wereld de scheikunde naar een hoger niveau, dat tot praktische uitvindingen leidde. Zo vonden ze uit hoe goud omgesmolten kon worden tot een metaal om munten van te slaan, ontdekte ze medische toepassingen voor alcohol en ze perfectioneerden het productieproces van glas en tegels. Tevens namen de de wijze van papier maken over uit het Verre Oosten.

Vanaf de 13e eeuw, toen Bagdad in 1258 werd verwoest door de Mongoolse leider Hulagu Khan, kwam de islamitische Gouden Eeuw steeds meer in het gedrang en moest de Arabische Wereld zijn ' wetenschappelijke koppositie'  langzamerhand afstaan aan Europa waar in de daaropvolgende eeuwen de Renaissance tot stond kwam.

Bronnen:

 

 

 

 

Last updated
19-02-2021
Selected Categories
Contributions, Comments & Kudos

Add new contribution

CAPTCHA
This question is for testing whether or not you are a human visitor and to prevent automated spam submissions.
Image CAPTCHA
Enter the characters shown in the image.
Magazine of IrisdeJager
Content
Access level of this page
  • Public
  • WorldSupporters only
  • JoHo members
  • Private
Image
Image
Statistics
31