Vraag 1
Wat beïnvloedt de moderator?
Vraag 2
Wat betekent centreren?
Vraag 3
Wat moet een onderzoeker doen om het effect van de moderator te vinden?
Vraag 4
Wanneer wordt gesproken van een mediatie?
Vraag 5
Hoe komt het dat er bij mediatie een direct en een indirect effect bestaat?
Vraag 6
Op welke drie regressiemodellen is mediatie gebaseerd?
Vraag 7
Hoe kan de effectgrootte berekend worden bij mediatie?
Vraag 8
Wat is een modererend effect?
Vraag 1
De moderator beïnvloedt de relatie tussen een predictor en de uitkomst.
Vraag 2
Centreren betekent dat je een variabele transformeert naar deviaties rond een bepaald punt.
Vraag 3
Om het effect van de moderator te vinden moet je een eenvoudige richtingscoëfficiënten analyse (simple slopes analysis) uitvoeren.
Vraag 4
Mediatie houdt in dat de relatie tussen een predictorvariabele en de uitkomst verklaard wordt door de relatie met een derde variabele, de mediator.
Vraag 5
Het directe effect is de relatie tussen de predictor en de uitkomst, het indirecte effect is het effect van de predictor op de uitkomst via de mediator.
Vraag 6
Mediatie is gebaseerd op regressie die de uitkomst voorspelt vanuit de predictor, regressie die de mediator voorspelt vanuit de predictor en regressie die de uitkomst voorspelt vanuit zowel de predictor als de mediator.
Vraag 7
Bij mediatie kun je de effectgrootte berekenen door te kijken naar het gecombineerde effect van a en b, door te kijken naar de grootte van het indirecte effect vergeleken met het totale effect van de predictor, of door R2 te berekenen.
Vraag 8
- De afhankelijke variabele moet van interval niveau zijn.
- Er is een lineaire relatie tussen de voorspellers en de afhankelijke variabele en 3) De residuen hebben (a) een normale distributie, (b) dezelfde variantie voor alle waarden van de lineaire combinaties van voorspellers en (c) zijn onafhankelijk van elkaar.