Informatiemanagement BDK - B1 - Bedrijfskunde - RUG - Tentamen 2012


Vragen

Vraag 1a.

Informatiesystemen kunnen de organizational-, control- en cultural-variabelen van organisaties beïnvloeden. Noem een organizational-variabele die door informatiesystemen beïnvloed kan worden en leg uit hoe de invloed gestalte krijgt.

Vraag 1b.

Gregor (2006) onderscheidt vijf typen theorieën op het gebied van informatiesystemen. Noem de vijf typen en licht ze kort toe en geef vervolgens aan tot welk type het Technology Acceptance Model behoort en licht de keuze beknopt toe.

Vraag 1c.

In het artikel The Superefficient Company onderscheidt Michael Hammer efficiency en superefficiency. Leg uit hoe volgens Hammer superefficiency te bereiken valt en geef hiervan een voorbeeld.

Vraag 2a.

Van wie, Carr (2003) of van McAfee en Brynjolfsson (2008), sluit(en) de opvattingen het beste aan bij strategisch determinisme. Onderbouw de keuze door de essentie van de artikelen beknopt weer te geven.

Vraag 2b.

Eén van de modellen die gebruikt kan worden om te bepalen hoe informatiesystemen strategisch kunnen worden ingezet is Porter’s vijfkrachtenmodel. Teken dit model en leg aan de hand van het model uit hoe de strategische rol van informatiesystemen in het algemeen vorm krijgt.

Vraag 2c.

Leg voor één kracht uit hoe een supermarktketen kracht zou kunnen beïnvloeden met een informatiesysteem.

Vraag 3a.

Eén van de raamwerken voor het ontwerpen van enterprise architecturen is Archimate. Uit welke drie lagen bestaat dit raamwerk en noem van elke laag een centraal concept.

Vraag 3b.

De organisatie van de informatievoorziening heeft tegenwoordig veelal een federaal karakter (federal IT). Federal IT combineert de voordelen van centralized IT en decentralized IT, en vermijdt de nadelen ervan. Noem twee voordelen van centralized IT en twee voordelen van decentralized IT die ook gelden voor federal IT.

Vraag 3c.

In een organisatie bestaat bij de verschillende afdelingen veel ongenoegen over de toerekening van de IT-kosten omdat deze niet gebaseerd is op het feitelijke gebruik. Welke

allocatie-methode wordt gebruikt en wat zijn hiervan de voordelen?

Vraag 4a.

Voor het ontwikkelen van informatiesystemen kunnen verschillende redenen zijn. Noem drie en licht ze kort toe.

Vraag 4b.

Maak een contextdiagram van de afdeling verkoop van het handelsbedrijf CinqueStelle op basis van de volgende beschrijving:

CinqueStelle is een handelsbedrijf in kantoorartikelen. Klanten plaatsen hun bestellingen bij de afdeling verkoop. Op deze afdeling wordt eerst gecontroleerd of de bestelde artikelen op voorraad zijn aan de hand van een voorraadlijst en of de klant kredietwaardig is aan de hand van een debiteurenoverzicht. Als één van beide of beide niet het geval is, wordt aan de klant medegedeeld dat de bestelling geweigerd wordt. De afdeling verkoop krijgt de voorraadlijst elke ochtend en het debiteurenoverzicht elke middag van de financiële administratie. Als de bestelling geaccepteerd wordt, dan wordt de bestelling geregistreerd in het verkoopsysteem dat alleen op de afdeling verkoop wordt gebruikt. Het verkoopsysteem wordt vervolgens gebruikt om facturen te genereren. De originele factuur gaat tegelijkertijd met een kopie naar het magazijn die zorg draagt voor de aflevering van de goederen aan de klant en een andere kopie van de factuur gaat naar de financiële administratie.

Vraag 4c.

Tijdens de systeemanalyse worden o.a. een geëxploreerd Ishikawadiagram en een procesmodel van de huidige situatie in de vorm van DFDs gemaakt. Leg het verband tussen beide uit.

Vraag 5a.

Maak een REA-diagram met kardinaliteiten van verkopen bij Kunstgalerij Picture op basis van de volgende beschrijving: Kunstgalerij Picture verkoopt originele schilderijen van kunstenaars uit de buurt. Er wordt alleen verkocht vanuit de winkel. Soms kopen klanten meerdere schilderijen. Particuliere klanten moeten hun aankoop meteen volledig betalen, maar bedrijven betalen soms ook in termijnen als ze meer dan tien schilderijen aankopen. Alle verkoopopbrengsten komen terecht op de bankrekening van de kunstgalerij.

Vraag 5b.

Beschrijf de stappen die gezet moeten worden om een geïntegreerd REA-diagram

om te zetten in een relationele tabellenstructuur.

Vraag 5c.

Eén van de integriteitsregels voor relationele databases is de zogenaamde entiteit-integriteitsregel

Wat houdt deze integriteitsregel in?

Antwoorden

Antwoord 1a

Een organizational-variabele die door informatiesystemen beïnvloed kan worden is beslissingsbevoegdheden (decision rights). Als in een informatiesysteem een functie voorkomt waarmee een beslissing wordt geïmplementeerd, bijv. het bepalen van een bestelmoment en –omvang voor grondstoffen, dan wordt aan de functionaris die geautoriseerd is voor deze functie, deze beslissingsbevoegdheid toegekend.

Antwoord 1b.

De vijf typen theorieën op het gebied van informatiesystemen zijn:

  1. 1. Analysis says “what is”. The theory does not extend beyond analysis and description. No causal relationships among phenomena are specified and no predictions are made.

  2. 2. Explanation says “what is”, “how”, “why”, “when”, “where”. The theory provides explanations but does not aim to predict with any precision. There are no testable propositions.

  3. 3. Prediction says “what is” and “what will be”. The theory provides predictions and has testable propositions but does not have well-developed justificatory causal explanations.

  4. 4. Explanation and prediction (EP) says “what is”, “how”, “why”, “when”, “where” and “what will be”. Provides predictions and has both testable propositions and causal explanations.

  5. 5. Design and action says “how to do something”. The theory gives explicit prescriptions (e.g., methods, techniques, principles of form and function) for constructing an artifact.

    Het Technology Acceptance Model beschrijft hoe het gebruik van (informatie-)technologie wordt bepaald door het ervaren gebruiksnut en –gemak die op hun beurt weer bepaald worden door individuele verschillen van gebruikers, systeemkarakteristieken etc. Met dit model kan dus zowel een verklaring voor als een voorspelling van het uiteindelijke gebruik worden gegeven en daarmee behoort het model tot het type 4 (EP).

Antwoord 1c.

Superefficiency is volgens Hammer te bereiken door het stroomlijnen van de bedrijfsprocessen over organisaties heen. Zie het artikel voor het Caterpillar-voorbeeld.

Antwoord 2a

Carr (2003) stelt dat met IT geen concurrentievoordeel te behalen valt (IT doesn’t matter) en dat een organisatie inzake IT maar het beste de kosten laag kan houden, kan volgen en defensief kan zijn.

McAfee en Brynjolfsson (2008) stellen daarentegen dat bedrijven die slim investeren in IT hiermee hun concurrentiepositie kunnen versterken. Kortom, eerder volgens Carr (2003) dan volgens McAfee en Brynjolfsson (2008) bepaalt de bedrijfsstrategie de informatiestrategie zodat de opvattingen van Carr (2003) het beste aansluiten bij het strategisch determinisme.

Antwoord 2b

In de bijlage is Porter’s vijfkrachtenmodel geschetst: (zie bijlage “antwoord 2b”)

De strategische rol van informatiesystemen neemt in het algemeen de vorm aan dat het informatiesysteem door de aangeboden functies één of meerdere krachten afzwakt.

Antwoord 2c.

Een supermarktketen zou gebruik kunnen maken van een logistiek informatiesysteem waarmee het doelmatig transporteren van goederen wordt ondersteund. Als dit systeem geavanceerder is dan dat van de huidige concurrenten door bijv. meer variabelen in de berekening van de bevoorradingsroutes mee te nemen, zou dit een kostenvoordeel en daarmee een concurrentievoordeel kunnen opleveren t.o.v. de huidige concurrenten

Antwoord 3a.

Archimate bestaat uit een bedrijfs-, applicatie en technologielaag. Centrale concepten van deze lagen zijn bijv. het bedrijfsproces van de bedrijfslaag, de applicatiefunctie van de applicatielaag en systeemsoftware van de technologielaag.

Antwoord 3b.

De twee voordelen kunnen worden gekozen uit de figuur in de Bijlage (Antwoord 3b)

Antwoord 3c.

Aangezien de IT-kosten wel toegerekend worden aan de verschillende afdelingen, maar niet op basis van het feitelijke gebruik, is er sprake van de allocation-methode (zie ook onderstaande figuur).

Chargeback

Charges are based on actual usage

Fairest method for recovering costs because it is based on actual usage. IT users can see exactly what their usage cost is.

IT departments must collect details on usage, which can be expensive and difficult. IT must be prepared to defend the charges, which takes time and resources.

Allocation

Total expected IT expenditures are divided by nonusage basics as number of login Ids, employees or PC's

Less bookkeeping for IT because rate is set once per fiscal year and basis is well understood. Predictable montly costs

IT department must defend allocations rates: may charge a low-usage department more then their usage would indicate is fair

Corporate budget

Corporate allocates funds to IT at annual budget session

No billing to the business. IT excercises more control over what projects are done.

Competes with all other budgeted items for funds.

De voordelen hiervan zijn dat het weinig administratieve rompslomp met zich meebrengt, de berekening van de maandelijkse kosten inzichtelijk is en de maandelijkse kosten op voorhand duidelijk zijn.

Antwoord 4a.

De drie redenen voor het ontwikkelen van een systeem kunnen gekozen worden uit de onderstaande:

  • reageren op veranderende eisen

  • profiteren van of reageren op veranderende technologie

  • bewerkstelligen verbeteringen in bedrijfsprocessen

  • verwerven concurrentievoordeel

  • verlagen kosten

  • verhogen productiviteit

  • faciliteren groei

  • faciliteren downsizing

  • integreren systemen

  • vervangen oude en instabiele systemen

Antwoord 4b.

In de bijlage staat het contextdiagram: Antwoord 4b

Toelichting bij het diagram:

  1. voorraadlijst en debiteurenoverzicht zijn gescheiden stromen omdat ze niet tegelijkertijd gaan i.t.t. factuur en kopie

  2. subprocessen van inkopen worden niet getoond in een contextdiagram, evenmin als stromen tussen externe entiteiten.

Antwoord 4c

Aan de uiteinden van het geëxploreerde Ishikawadiagram staan bij voorkeur de functionele deficiënties van het huidige systeem als de uiteindelijke oorzaken van de problemen.

M.b.v. de DFDs van het procesmodel van de huidige situatie kan gericht gezocht worden naar de functionele deficiënties in de informatievoorziening door kwantitatieve en kwalitatieve data over de processen, gegevensstromen, etc. rondom de problemen te verzamelen.

Antwoord 5a

Zie bijlage “antwoord 5a”

Antwoord 5b

De stappen hiervoor zijn:

  1. Stap 1: creëer een tabel voor elke entiteit en elke meer-op-meer-relatie;

  2. Stap 2: bepaal de primaire sleutels van de tabellen en wijs de andere benodigde attributen toe aan de tabellen

  3. Stap 3: gebruik vreemde sleutels om 1:n-relaties 1:1- relaties te implementeren

Antwoord 5c

De entiteit-integriteitsregel stelt dat de waarde van een primaire

sleutel uniek moet zijn en niet null.

Check page access:
Public
This content is related to:
Bijlage bij Tentamen 2012 Informatiemanagement BDK - RUG
Work for WorldSupporter

Image

JoHo can really use your help!  Check out the various student jobs here that match your studies, improve your competencies, strengthen your CV and contribute to a more tolerant world

Working for JoHo as a student in Leyden

Parttime werken voor JoHo

How to use and find summaries?


Online access to all summaries, study notes en practice exams

Using and finding summaries, study notes en practice exams on JoHo WorldSupporter

There are several ways to navigate the large amount of summaries, study notes en practice exams on JoHo WorldSupporter.

  1. Starting Pages: for some fields of study and some university curricula editors have created (start) magazines where customised selections of summaries are put together to smoothen navigation. When you have found a magazine of your likings, add that page to your favorites so you can easily go to that starting point directly from your profile during future visits. Below you will find some start magazines per field of study
  2. Use the menu above every page to go to one of the main starting pages
  3. Tags & Taxonomy: gives you insight in the amount of summaries that are tagged by authors on specific subjects. This type of navigation can help find summaries that you could have missed when just using the search tools. Tags are organised per field of study and per study institution. Note: not all content is tagged thoroughly, so when this approach doesn't give the results you were looking for, please check the search tool as back up
  4. Follow authors or (study) organizations: by following individual users, authors and your study organizations you are likely to discover more relevant study materials.
  5. Search tool : 'quick & dirty'- not very elegant but the fastest way to find a specific summary of a book or study assistance with a specific course or subject. The search tool is also available at the bottom of most pages

Do you want to share your summaries with JoHo WorldSupporter and its visitors?

Quicklinks to fields of study (main tags and taxonomy terms)

Field of study

Follow the author: Business and Economics Supporter
Comments, Compliments & Kudos:

Add new contribution

CAPTCHA
This question is for testing whether or not you are a human visitor and to prevent automated spam submissions.
Image CAPTCHA
Enter the characters shown in the image.
Promotions
Image

Op zoek naar een uitdagende job die past bij je studie? Word studentmanager bij JoHo !

Werkzaamheden: o.a.

  • Het werven, aansturen en contact onderhouden met auteurs, studie-assistenten en het lokale studentennetwerk.
  • Het helpen bij samenstellen van de studiematerialen
  • PR & communicatie werkzaamheden

Interesse? Reageer of informeer

More contributions of WorldSupporter author: Business and Economics Supporter: