Risicogedrag: De rol van drinker prototypes

Spijkerman et al. (2007) - De invloed van peer en ouderlijke normen en van gedrag op het drinkgedrag van adolescenten: De rol van drinker prototypes

The impact of peer and parental norms and behavior on adolescent drinking: The role of drinker prototypes. Psychology & health, 22 (1), 7 -29.

Abstract

Uit onderzoek is gebleken dat ouders en peers invloed hebben op de vorming van drinker prototypes. Er is ook naar voren gekomen dat drinker prototypes relaties mediëren tussen ouders en peers drinkgedrag en normen, en het alcoholgebruik van adolescenten. Dit geldt echter alleen voor adolescenten die al ervaring hebben met het drinken van alcohol.

Introductie

In de adolescentie beginnen jongeren met het experimenteren van gedrag dat volwassenen vertonen, zoals bijvoorbeeld het nuttigen van alcohol. Alcohol consumptie kan voordelen en nadelen met zich meebrengen. Nadelen zijn bijvoorbeeld vandalisme, seksuele intimidatie, geweld en ongelukken door toedoen van alcohol. Het vroegtijdig beginnen met drinken of veelvoudig consumeren van alcohol in de adolescentie kunnen het risico verhogen op problemen met alcohol later in het leven. Hierdoor is preventie van alcoholgebruik onder adolescenten van belang. De redenen waarom adolescenten drinken kan hierbij een belangrijke bijdrage leveren aan de preventie. Deze redenen houdt onder andere in, het sociale beeld wat past bij dit gedrag. Dit houdt in dat adolescenten specifiek gedrag oppakken wat nodig is om kenmerken passend bij het type persoon dat ze zijn te verkrijgen. Het sociale beeld is hierbij van belang, omdat het een toenemende werking heeft in de adolescentie doordat adolescenten zich bezighouden met hun uiterlijke verschijning en acceptatie door peers.

Het meten van drinker prototypes wordt verkregen door de percepties van adolescenten over peers en hun drinkgedrag, ofwel de kenmerken die samenhangen met de prototypische peer drinker. Het blijkt dat adolescenten die drinken, peers die drinken meer positief beoordelen dan peers die geen alcohol drinken. Er is ook gebleken dat drinker prototypes het drinkgedrag van adolescenten voorspellen.

Volgens onderzoek zouden jongeren beginnen met drinken om een beter zelfbeeld te krijgen. Het blijkt echter dat zowel drinkende als niet drinkende jongeren een minder beeld hadden van drinkers dan van henzelf. Er werden bij drinkende jongeren geen correlaties gevonden tussen het beeld van drinkende peers en hun zelfbeeld.

Bij niet- drinkende jongeren was het beeld van drinkende peers negatief gecorreleerd aan hun zelfbeeld. Hieruit blijkt dat drinker prototypes geen doelen representeren, ze spelen echter wel een rol in het alcoholgebruik van jongeren.

 

Het beeld dat jongeren hebben van drinkende peers kan gevormd worden door de media, ouders, peers en vrienden. De rol van ouders en leeftijdsgenoten zijn hierbij vooral van belang. Het gedrag en de normen van ouders en peers kunnen het beeld van jongeren over drinkende peers beïnvloeden, wat weer invloed kan hebben op de beslissing om alcohol te drinken.

Het drinkgedrag van ouders en peers, en de normen van ouders en peers over drinken, zijn gerelateerd aan een positief prototype, die vervolgens gerelateerd is aan een hogere bereidheid om te drinken en grotere hoeveelheden aan alcohol consumptie bij jongeren. Hierbij hadden peer variabelen meer effect dan ouderlijke variabelen op de drinker prototypen.

Ondanks dat houdingen en sociale cognities zoals prototypes worden gezien als veroorzakers van veranderingen in gedrag, kunnen ze ook een omgekeerde causale relatie hebben, waarbij het vertonen van bepaald gedrag voor veranderingen kan zorgen in houdingen en sociale cognities. Een belangrijke verklaring voor deze omgekeerde causale relatie is te vinden in de Cognitive Dissonance Theory. Deze theorie stelt dat mensen psychologische angst ondervinden wanneer ze vrijwillig gedrag vertonen dat bekend staat om negatieve gevolgen te creëren of die tegengesteld zijn aan eerdere houdingen en overtuigingen. Om van deze stress af te komen, kunnen mensen hun houding veranderen of aanpassen om zo meer gelijkenis te hebben met het vertoonde gedrag.

Eenzelfde soort proces kan plaatsvinden in de relatie tussen drinker prototypes van adolescenten en het drinkgedrag. Zo kunnen adolescenten met een minder of negatief beeld van drinkende peers, zelf alcohol gaan consumeren, door bijvoorbeeld druk van peers, ondanks het negatieve beeld dat ze van drinkende peers hebben. Om de tegenstrijdigheid tussen drink prototypes en drink ervaringen te verminderen, kunnen jongeren hun beeld van drinkende peers aanpassen naar een meer positief of beter beeld.

Alcohol consumptie kan gezien worden als een ontwikkelingsproces waarbij er verschillende stadia te onderscheiden zijn. Adolescenten kunnen in verschillende stadia worden gezet, zoals experimentatie, (non)contemplatie en continuatie. Het blijkt dat adolescenten verschillen in het gebruik van alcohol en de cognities erover, afhankelijk van het stadium waar ze zich in bevinden. Dit beïnvloedt het drinkgedrag van jongeren. De effecten van het drinkgedrag van ouders en peers, en de normen over adolescente drinker prototypes kunnen variëren, afhankelijk van de drinkervaring van jongeren.

Uit onderzoek is gebleken dat de effecten van ouderlijke monitoring en het betrokken zijn bij een peer groep waar drugs worden gebruikt, sterker zijn bij jongeren die beginnen met alcohol drinken dan bij jongeren die van experimenteel alcohol gebruik naar normaal alcohol gebruik zijn overgestapt. Niet alleen verschillen in ouderlijke en peer invloeden zijn van belang, ook verschillen in het hebben van wel of geen ervaring met het drinken van alcohol zijn van belang voor drinker prototypes over alcoholgebruik. De volgende hypothese kan hierbij worden opgesteld: prototypen van drinkende peers zijn sterker gerelateerd aan toekomstig alcoholgebruik bij jongeren die nog niet zijn begonnen met drinken, dan bij jongeren die al drinkervaring hebben.

 

Een andere hypothese kan zijn dat prototypen sterker gerelateerd kunnen zijn aan drinkpatronen van ervaren drinkers dan van jongeren zonder drinkervaring. De hoofdhypothese houdt in dat de rol van drinker prototypes verschilt afhankelijk van de drinkervaring die jongeren hebben. Er is echter geen duidelijke aanname of drinker prototypes een belangrijkere rol spelen onder jongeren met of zonder drinkervaring.

Het onderzoek

In deze studie wordt gekeken naar de rol van ouders en peer drinkgedrag en normen op drinker prototypes van jongeren en het eigen drinkgedrag van de jongeren. De wederkerige relatie tussen alcoholgebruik en drinker prototypes wordt hierbij in acht genomen. In deze studie worden mediërende invloeden van prototypen op relaties tussen ouder en peer variabelen en alcoholgebruik van jongeren bekeken. Hierbij wordt gekeken naar een verschil tussen jongeren met en zonder drinkervaring.

 

Methode

Procedure

In dit onderzoek wordt longitudinale data gebruikt van twee data verzamelingsmomenten onder 2031 scholieren van tien middelbare scholen in Nederland. Om data te verzamelen is er gebruik gemaakt van een vragenlijst. Scholieren van de brugklas en de tweede klas (7th en 8th grade in Amerika) werden gevraagd om de vragenlijst in te vullen. De twee metingen T1 en T2, werden uitgevoerd met een interval van een jaar tussen de twee metingen.

Metingen

De vragenlijst bestaat uit zelf rapporteer elementen van prototypen over drinkgedrag van ouders en peers. De prototypen bestaan uit het drinkgedrag van ouders, de normen van ouders over wekelijks alcoholgebruik, het drinkgedrag van peers/ vrienden en de normen van peers/ vrienden over wekelijks alcoholgebruik. Bij de ouders wordt hierbij onderscheid gemaakt tussen vader en moeder en bij vrienden tussen beste vrienden en vrienden. Er wordt ook naar de drinkstatus gekeken, waarbij er onderscheid wordt gemaakt tussen drie soorten status, namelijk de frequentie van alcoholgebruik, de hoeveelheid alcoholgebruik en binge drinking.

Resultaten

Steekproefkenmerken

Uiteindelijk namen 1956 scholieren mee, waarvan 47% man was en 53% vrouw. Tijdens de eerste meting zat 63% van de deelnemers in de brugklas en 37% in de tweede klas. De leeftijd varieert tussen 12 en 16 jaar, met een gemiddelde van 12.8. In de tweede meting had 22.4% een andere etnische achtergrond dan Nederlands en gaven 868 (44.4%) deelnemers aan nooit of geen alcohol te hebben gedronken in de laatste zes maanden op meetmoment 1 (T1), 45.4% van deze deelnemers dronk in de tweede meting wel.

Verschillen tussen wel en niet- drinkers

Jongeren die drinken, zagen peers die wekelijks drinken als beter aangepast, minder rebels en als cool. Jongeren die drinken vertonen een hogere frequentie van alcoholgebruik, hoeveelheid alcoholgebruik en binge drinken dan niet- drinkers. Drinkende jongeren lieten hogere niveaus zien van vrienden en ouders die drinken en van normen van ouders en vrienden dan niet- drinkers.

Correlaties

In zowel de wel als niet drinker groep werden positieve associaties gevonden tussen drinker prototypes en drinkgedrag van ouders en peers. Dit houdt in dat hoe hoger de alcoholconsumptie van peers en ouders, hoe gunstiger de drinker prototypen voor jongeren. Ook geldt met betrekking tot normen, dat hoe meer peers en ouders van jongeren positieve normen voor drinken hebben, hoe meer jongeren zelf een gewenste drinker prototype aanhouden. Hetzelfde geldt voor peer en ouder variabelen, hoe meer peers en ouders van jongeren drinken en hoe meer ze positieve normen naar drinken hebben, des te meer jongeren alcohol drinken.

Tot slot zijn drinker prototypes gerelateerd aan drinkgedrag van zowel drinkers als niet- drinkers. Hoe meer jongeren drinkende peers als goed aangepast en cool zien, hoe meer jongeren drinken. En hoe meer jongeren drinkende peers als rebels zien, hoe minder jongeren drinken.

Niet- drinkers

Er is een positieve associatie tussen de prototypen in meting 1 en meting 2. Prototypen van peers die wekelijks drinken, voorspellen het drinkgedrag van jongeren, en normen van ouders en peers voorspellen de prototypen van niet- drinkers. De relatie tussen normen van ouders en peers, en drinker prototypen is significant. Maar de relatie tussen de normen van ouders en peers, en het drinkgedrag van niet- drinkers, werden niet gemedieerd door drinker prototypen. Het alcoholgebruik van niet- drinkers wordt dus beïnvloed door het alcoholgebruik van ouders en peers zonder mediërende effecten van drinker prototypes.

 

Drinkers

Voor zowel drinker prototypes als drinkgedrag werden positieve associaties gevonden in beide metingen. Dit houdt in dat drinkers die veel dronken bij meting 1 ook veel dronken bij meting 2. Een deel van het alcoholgebruik van drinkers in meting 2 wordt voorspeld door de prototypen van wekelijks drinkende peers in meting 1. Ook werd gevonden dat het drinkgedrag van peers en normen van peers en ouders in meting 1 de alcohol consumptie in meting 1 voorspelde. Tot slot voorspelden de normen van ouders en peers over drinken de drinker prototypen van jongeren. Deze bevindingen geven dus weer dat drinker prototypes de effecten van normen van ouders en peers op het alcoholgebruik van jongeren met drinkervaring medieert.

 

(Voor meer informatie zie tabel 1 en 2 en figuur 1, 2 en 3 van The impact of peer and parental norms and behavior on adolescent drinking: The role of drinker prototypes, 2007)

Discussie

In dit onderzoek werden de invloeden van ouders en peers op de drinker prototypen en het alcoholgebruik van jongeren onderzocht. De resultaten verschilden in jongeren met en zonder drinkervaring.

Drinkers en niet- drinkers

Ouders en vrienden van drinkers toonden een hoger alcoholgebruik en meer positieve normen naar alcohol toe dan vrienden en ouders van niet- drinkers. Het alcoholgebruik van vrienden en ouders bleek een betere voorspeller te zijn van alcoholgebruik van niet- drinkers dan de drinker prototypes. Er werden geen mediërende effecten gevonden van drinker prototypen over de samenhang tussen normen van peers en het alcoholgebruik van niet- drinkers. Drinker prototypes medieerden de relatie tussen normen van ouders en peers, en alcoholgebruik voor drinkers.

Invloeden van ouders en peers op het alcoholgebruik van jongeren worden gemedieerd door drinker prototypen, dit geldt alleen voor jongeren met drinkervaring. Bij jongeren met geen drinkervaring, hadden drinker prototypen effect op het alcoholgebruik, maar in mindere mate. De invloed van alcoholgebruik van ouders en peers zijn hierbij belangrijker.

Tegen de verwachtingen in, is er geen bewijs gevonden voor de wederkerige relatie tussen drinker prototypen en het alcoholgebruik van jongeren. Echter, er wordt geconcludeerd dat de drinker prototypen van jongeren het alcoholgebruik van jongeren voorspeld in plaats van alcoholgebruik dat drinker prototypen voorspeld.

 

Alcohol initiatie

De keuze van jongeren om te beginnen met drinken, wordt het meest beïnvloed door het alcoholgebruik van peers en ouders, en niet door de normen van peers en ouders.

 

De keuze van jongeren om te beginnen met het drinken van alcohol (initiation) wordt beïnvloed door het modeling gedrag van ouders en peers, terwijl de beslissing om door te gaan met drinken (continuation) bij jongeren met drinkervaring wordt beïnvloed door modeling gedrag van peers en drinker prototypen.

 

Deze resultaten laten zien dat het alcoholgebruik van ouders van belang is voor het beginnen met alcohol drinken van jongeren en niet voor het door gaan met alcohol drinken, terwijl de normen van ouders over drinken meer van belang zijn bij het door gaan met alcohol drinken dan het beginnen ervan.

 

Limitaties

Een belangrijke beperking in het onderzoek is de bron van informatie over het verzamelen van data over invloeden van ouders en peers op alcoholgebruik. De deelnemers werd gevraagd naar het gedrag van ouders en peers, in plaats van het aan de ouders of peers zelf te vragen. Dit kan leiden tot misvattingen over het gedrag van ouders en peers, waardoor het werkelijke gedrag misschien niet overeenkomt met het aangegeven gedrag door de deelnemers. Een andere beperking is dat er mogelijk een bias is ontstaan, doordat data gebruikt is uit zelfrapportages. Dit kan zorgen voor vervalsing van de resultaten door het niet juist aangeven van alcoholgebruik of door sociale wenselijkheid. Tot slot bestaat het onderzoek uit twee metingen, wat de mogelijkheden voor het onderzoeken van sommige processen beperkt. Een model met drie metingen zou hiervoor beter gebruikt kunnen worden.

 

Implicaties

Verschillende suggesties voor preventieprogramma’s over alcohol kunnen afgeleid worden uit dit onderzoek. Ten eerste zouden preventiewerkers verschillende strategieën moeten bedenken voor verschillende doelgroepen, zoals adolescenten met en zonder drinkervaring. Ten tweede kunnen drinker prototypes belangrijke doelen zijn voor preventie, vooral bij drinkende jongeren.

Ten derde kunnen adolescente drinker prototypen gebruikt worden voor het verminderen van alcoholgebruik in plaats van normen van ouders en peers.

 

Preventieprogramma’s gericht op jongeren zonder drinkervaring zouden meer gericht moeten zijn op het gedrag van ouders en peers. Voor jongeren die drinkervaring hebben, is een andere aanpak beter. Er dient meer aandacht op het drinken van peers en drinker prototypes gevestigd te worden en minder op het gedrag van ouders. Voor een beter preventieprogramma is meer onderzoek nodig.

 

Samenvatting geschreven door Froukje Smits.

 

Contributions, Comments & Kudos

Add new contribution

CAPTCHA
This question is for testing whether or not you are a human visitor and to prevent automated spam submissions.
Image CAPTCHA
Enter the characters shown in the image.
Summaries & Study Note of World Supporter Cycle
Join World Supporter
Join World Supporter
Log in or create your free account

Why create an account?

  • Your WorldSupporter account gives you access to all functionalities of the platform
  • Once you are logged in, you can:
    • Save pages to your favorites
    • Give feedback or share contributions
    • participate in discussions
    • share your own contributions through the 11 WorldSupporter tools
Content
Access level of this page
  • Public
  • WorldSupporters only
  • JoHo members
  • Private
Switch Font
Statistics
1
Selected Categories
Categories