Hoorcollege 7 Materieel Strafrecht, Bachelor Jaar 2 Rechtsgeleerdheid

Hoorcollege 7 Materieel Strafrecht

Plaatsbepaling

Art 51 Sr: wie kunnen dader van een strafbaar feit zijn?

1.      Natuurlijke personen

-        Fysieke plegers

-        Deelnemers (medeplegers, uitlokkers, doen plegers)

-        Functionele daders/plegers

-        Feitelijke leidinggevers en opdrachtgevers

2.      Rechtspersonen

-        Vooral de privaatrechtelijke rechtspersonen

-        Met rechtspersonen gelijk te stellen entiteiten volgens art. 51 lid 3 Sr (Vof, maatschap e.d., zie overzicht in Werkboek)

-        Publiekrechtelijke rechtspersonen?

Functioneel daderschap (1)

Kern en achtergrond

-        Strafrechtelijke aansprakelijkheid van natuurlijk persoon als pleger voor feitelijk door een ondergeschikte uitgevoerd strafbaar feit vanwege functionele verantwoordelijkheid

-        Past in samenleving waarin organisaties en verbanden in het dagelijks leven actief zijn

-        De kern is gelegen in de strafrechtelijke aansprakelijkheid (als dader) voor een feitelijk gezien door een ander uitgevoerd strafbaar feit

o   Hieraan ligt de interpretatie van de delictsomschrijving ten grondslag

o   Functionele betrokkenheden van personen komen steeds meer naar voren -> dit zie je met name in de sociaaleconomische context (zie arrest IJzerdraad uit 1954) maar geldt in het algemeen

Uitbreiding van strafrechtelijke aansprakelijkheid

-        Naast fysieke pleger ook functionele pleger

-        Soms is alleen functionele pleger normadressaat

-        Er zijn delicten waarbij het functioneel daderschap uitgesloten is

Toerekeningsconstructie

-        Gedraging van fysieke pleger wordt toegerekend aan een ander

-        Alleen toerekenen indien voldaan aan bepaalde criteria

-        Expliciete toepassing in de rechtspraak is schaars

o   Komt bijvoorbeeld niet expliciet naar voren in bewijsvoering

o   Er is een vrij fikse overlap met de deelnemingsregeling

o   Sinds 1976 zijn ook rechtspersonen aansprakelijk (via art. 51 Sr)

 

 

Functioneel daderschap (2)

Kernoverweging uit HR IJzerdraad

-        Een eenmanszaak is een rechtspersoon zonder rechtspersoonlijkheid

-        Eenmanszaak had een partij ijzerdraad ingevoerd vanuit Finland naar Nederland

-        Hiervoor was een aanvraagformulier voor vergunning nodig

-        Eigenaar eenmanszaak liet dit formulier door de exportmanager invullen (valsheid in geschrifte)

-        Rechtsvraag: kan de eigenaar van de eenmanszaak hier aansprakelijk gesteld worden als dader?

-        Hof: Ja

-        HR: Niet erg duidelijk wat de betrokkenheid van de verdachte was

-        Kernoverweging (p.43 linksonderin bundel)

o   ‘’Dat toch handelingen (…) slechts dan waren aan te merken als gedragingen van verd., indien verd. erover vermocht te beschikken, of die handelingen al dan niet plaatsvonden, en deze behoorden tot de zodanige, welker plaatsvinden blijkens den loop van zaken door verd. werd aanvaard of placht te worden aanvaard’’

o   Twee hoofdvereisten (cumulatief) -> Ijzerdraadcriteria

§  Beschikkingscriterium

·        Beschikkingsmacht

·        Feitelijke zeggenschap, al dan niet met juridische zeggenschap

·        Kunnen ingrijpen en/of kunnen bewerkstelligen

§  Aanvaardingscriterium

·        Een bepaalde houding met een wilselement

·        Hoeft niet expliciet te blijken; kan volgen uit stelselmatig gedrag, onvoldoende toezicht

·        En uit niet naleven zorgplicht

·        Bevat wilselement (aanvaarden -> associatie met voorwaardelijk opzet, maar is niet hetzelfde!!)

·        Aanvaarding hoeft niet expliciet te blijken

o   Kan ook uit stelselmatigheid/onvoldoende toezicht blijken

·        Uitbreiding: schending van de zorgplicht/onvoldoende zorg door de dader om het feit te voorkomen valt nu ook onder het aanvaardingscriterium

Aansprakelijkheid van de rechtspersoon

Invoering art. 51 Sr in 1976

-        Waarom geen strafrechtelijke aansprakelijkheid van rechtspersonen ingevoerd in 1886?

-        Redenen voor strafrechtelijke aansprakelijkheid van rechtspersonen

o   In 1950 was er al een wet die voorzag in delicten voor economische rechtspersonen

o   De invoering van de strafrechtelijke aansprakelijkheid in 1976 heeft te maken met ontwikkelingsconstructies, waarbij men steeds opener is gaan denken over het begrip gedraging

o   Concreet houvast (onder welke voorwaarden kan een rechtspersoon dader zijn)

-        Wetgever ziet basis in toerekenen

-        Wetgever laat invulling over aan de rechter

o   Vreemd vanuit het perspectief van het legaliteitsbeginsel gezien

Uitbreiding van strafrechtelijke aansprakelijkheid

-        Komt naast aansprakelijkheid van fysieke plegers

-        In beginsel bij alle delicten; maar uitzonderingen (vgl. HR Sproeivliegtuig)

-        Toepassing deelnemingsvormen

Aansprakelijkheid van rechtspersoon: twee stappen

-        Toerekenen gedraging

-        Toerekenen opzet/culpa

Daderschap van de rechtspersoon (1)

HR Drijfmest (2003)

-        Een rechtspersoon is dader van een strafbaar feit wanneer gedraging redelijkerwijs aan hem kan worden toegerekend

-        Geen algemene regel; afhankelijk van concrete omstandigheden, waaronder aard van de (verboden) gedraging

 

-        Er is lange tijd gezocht in rechtspraak en doctrine naar bevredigende criteria, waarmee je daderschap kunt vaststellen

-        In dit arrest is de redelijke toerekening ingevoerd

-        Verdachte: rechtspersoon en beheerder

-        Grondeigenaar: A. BV -> verdachte: rechtspersoon en beheerder -> natuurlijke persoon

-        Het schijnt mis te zijn gegaan op het punt dat de mest met een oude gierwagen werd weggereden en de lucht in werd gespoten -> niet emissievrije mest (verboden op grond van Wet bodembescherming) -> wie is aansprakelijk, grondeigenaar of beheerder? -> lastig te achterhalen -> art. 51

-        Hof: BV had niet voldoende toezicht gehouden, BV aansprakelijk

-        HR: Dit gaat te ver -> grondslag: redelijke toerekening, kijken naar omstandigheden van het geval

o   Belangrijk oriëntatiepunt voor redelijke toerekening: heeft de gedraging van de uitvoerder plaatsgevonden in de sfeer van de rechtspersoon -> koppeling tussen gedraging en invloedssfeer rechtspersoon

o   Als je vaststelt dat de gedraging van de fysieke pleger in de sfeer van de rechtspersoon is verricht, is het in beginsel redelijk om die gedraging aan de rechtspersoon toe te rekenen

o   Zie omstandigheden onder ‘Daderschap van de rechtspersoon (2)’

 

 

 

Daderschap van de rechtspersoon (2)

Omstandigheden die wijzen op gedraging in sfeer rechtspersoon

-        Handelen of nalaten van iemand die uit hoofde van dienstbetrekking of anderszins werkzaam is voor de rechtspersoon

-        Gedraging past binnen normale bedrijfsvoering

-        Gedraging is dienstig geweest voor het bedrijf van rechtspersoon

-        Rechtspersoon kon beschikken over het wel/niet plaatsvinden van de gedraging en deze gedraging of vergelijkbaar gedrag werd aanvaard of placht te worden aanvaard (Ijzerdraad-criteria)

o   Aanvaarden omvat ook het niet betrachten van de redelijkerwijs te vergen zorg voor het voorkomen van de gedraging

 

-        Criteria zijn enuntiatief en niet cumulatief (ze hoeven niet allemaal vervuld te zijn, maar hoe meer je er vervult, hoe sterker je verhaal wordt -> het kan zelfs gaan om andere omstandigheden dan hier genoemd worden, maar bovenstaande vier zijn het meest voorkomend)

-        Geen rangorde of volgorde bij toepassing

-        Ijzerdraad-criteria te prefereren bij kleine(re) rechtspersonen

-        Gebruik zo veel mogelijk criteria

-        Motiveer toepasselijkheid van de criteria aan de hand van de specifieke feiten

Opzet en culpa van de rechtspersoon

Al naar gelang delictsomschrijving moet naast de gedraging ook opzet of culpa bij rechtspersoon aanwezig zijn

Routes voor vaststelling opzet of culpa rechtspersoon

1.      Toerekening van opzet of culpa van natuurlijke persoon aan rechtspersoon (HR Gezondheidscertificaat)

-        Het concrete delict en de soort rechtspersoon (m.n. de grootte)

-        De interne organisatie van de rechtspersoon

-        Taak en verantwoordelijkheid daarbinnen van natuurlijke persoon

-        Vuistregel: eerder toerekening bij bestuurders en vennoten

-        ‘’Bijeensprokkelen’’

o   Verzamelen van opzet van iedere betrokken natuurlijke persoon -> hoe meer natuurlijke personen er bij het strafbare feit betrokken zijn, des te zwaarder van dit aan de rechtspersoon toe te rekenen

2.      Opzet of culpa bij rechtspersoon zelf

-        Bedrijfscultuur of -politiek

-        Bestuursbesluiten, documenten e.d.

3.      Combinatie van beide eerdere routes

 

Feitelijke leiding geven (1)

Kern van (opdracht geven en) feitelijke leiding geven

-        Bijzondere deelnemingsvorm natuurlijke persoon binnen rechtspersoon

-        Is pas aan de orde na vaststelling daderschap van rechtspersoon

-        Verhouding tussen opdracht geven en feitelijke leiding geven

Vorm van deelneming

-        Dubbel opzet

o   Feitelijke leidinggevende vergt opzet op het leidinggeven/het laten uitvoeren van de verboden gedraging door ondergeschikten

o   Er moet sprake zijn van opzet op het grondfeit, uitgevoerd door de rechtspersoon

-        Accessoriteit

o   Vastgesteld moet worden dat de rechtspersoon de delictsomschrijving, incl. opzet of culpa, vervuld heeft

o   Niet vereist is dat de rechtspersoon ook vervolgd wordt

Feitelijke leiding geven: algemeen

-        Feitelijke leidinggever kan bestuurder zijn, maar hoeft niet

o   Opzet wetgever: diegene die écht feitelijk aan de touwen zit, moet feitelijk aansprakelijk gesteld kunnen worden

-        Oorzakelijke relatie tussen leiding geven en grondfeit nodig

o   Er moet enig effect zijn uitgegaan van datgene wat de feitelijk leidinggevende heeft gedaan op het uitvoeren van de verboden gedraging door anderen

o   Kan ook in meer passieve vorm voorkomen

o   Er moet wel altijd worden vastgesteld dat er sprake is van dubbel opzet

-        Kan bestaan in concreet aansturen of initiëren van verboden gedraging

-        Maar minder actieve vormen van leiding geven vallen er ook onder…

-        Leiding geven impliceert opzet (eerste opzetvereiste)

-        En opzet op grondfeit (tweede opzetvereiste)

Feitelijke leiding geven (2)

Vereisten (HR Overzichtsarrest)

-        Accessoriteit

-        Feitelijke zeggenschap of beschikkingsmacht

-        Voldoende effectieve betrokkenheid bij de verboden gedraging

o   Meestal actieve en directe betrokkenheid

o   Soms meer passieve betrokkenheid

§  HR: Het is vereist dat betrokkenen maatregelen ter voorkoming achterwege laat tot het nemen waarvan hij redelijkerwijs was gehouden

§  Dus stilzitten terwijl de zorgplicht juist actie ondernemen van je vereist

o   Dubbel opzet

§  Minimaal voorwaardelijk opzet, kan blijken uit:

§  Wetenschap van het worden begaan van strafbare feiten door de rechtspersoon, welke wetenschap (voldoende) rechtstreeks verband houdt met het concreet tenlastegelegde feit

§  Of wijze waarop betrokkene werkzaamheden organiseert

 

-         

 

Contributions, Comments & Kudos

Add new contribution

CAPTCHA
This question is for testing whether or not you are a human visitor and to prevent automated spam submissions.
Image CAPTCHA
Enter the characters shown in the image.
Summaries & Study Note of Quinton Verbon
Join World Supporter
Join World Supporter
Log in or create your free account

Why create an account?

  • Your WorldSupporter account gives you access to all functionalities of the platform
  • Once you are logged in, you can:
    • Save pages to your favorites
    • Give feedback or share contributions
    • participate in discussions
    • share your own contributions through the 11 WorldSupporter tools
Content
Access level of this page
  • Public
  • WorldSupporters only
  • JoHo members
  • Private
Statistics
32
Selected Categories
Promotions
wereldstage wereldroute

Tussenjaar of sta je op het punt op kamers te gaan?

Wereldroute biedt jou een leerzaam en onvergetelijk Student Prepare Program aan