Hoorcollege 2 Materieel Strafrecht, Bachelor Jaar 2 Rechtsgeleerdheid

Hoorcollege 2 Materieel Strafrecht

Causaliteit en wederrechtelijkheid

Beide hebben centrale plaats in het materiële strafrecht

-        Wederrechtelijkheid is voorwaarde voor strafbaarheid (zie vorige week)

-        Causaliteit is bij veel delicten voorwaarde voor strafbaarheid

 

Causaliteit: algemeen

Wat is causaliteit?

-        Arrest etalageruit

-        Auto door ruit -> vrouw in de buurt overlijdt -> glassplinter in slagader vrouw -> man veroordeeld (gevaarlijk rijgedrag oorzaak slagaderlijke bloeding)

-        Menselijke gedraging + gevolg

-        Materieel omschreven delicten

-        Bedrog in verzekeringsovereenkomsten -> art. 3:27 Wetboek van strafrecht -> cliënt brengt verzekeraar in dwaling -> gevolg = overeenkomst in leven geroepen die de verzekeraar bij bezit over volledige informatie niet had afgesloten

-        Gekwalificeerd delict (straf gaat omhoog op grond van het ingetreden gevolg (bijv. dood i.p.v. lichamelijk letsel) -> oorzakelijke relatie met mishandelende gedraging

-        Formeel omschreven delicten -> uitvoeren gedraging is op zichzelf strafbaar (kleven soms wel materiële aspecten aan, bijv. diefstal -> ‘’weggenomen’’ = als iets uit de beschikkingsmacht van het slachtoffer is gehaald)

Causaliteit: theoretische benaderingen

-        Wetgever had geen leidraad voor causaliteitskwestie

-        Aantal theorieën in het leven geroepen om hierbij te helpen (volgen de ontwikkeling van de rechtspraak)

-        Conditio sine qua non -> alles wat een noodzakelijke voorwaarde is geweest van het intreden van het gevolg, is een oorzaak (je kan eindeloos terug in de tijd redeneren) -> je vraagt je af of de gedraging weggedacht kan worden zodat tegelijkertijd ook het gevolg wegvalt (bijv Etalageruit) -> geldt niet als hoofdmaatstaaf in ons huidige strafrechtstelsel, maar speelt nog wel een grote rol (wordt wel als te breed op te vatten gezien)

-        Casua proxima -> Gaat om dichtstbijzijnde oorzaak van bijv. dood (man in Etalageruit zou hierbij wel slagen met verweer (gebroken ruit zou oorzaak dood vrouw zijn)

-        Relevantietheorie -> houdt in dat je op zoek gaat naar het type gevolg dat de wetgever waarschijnlijk op het oog heeft gehad -> bedoeling wetgever delictsomschrijving -> bedoeling wetgever is vaak onduidelijk, wat is strafrechtelijk relevant en wat niet

-        Adequatietheorie -> heeft te maken met de voorzienbaarheid van het gevolg -> aard van de gedraging van de verdachte -> is die gedraging in zijn aard geschikt om tot het gevolg te komen -> lange tijd hoofdrol gehad in causaliteitstheorie

-        Redelijke toerekening -> Kan het ingetreden gevolg redelijkerwijs worden toegerekend aan de gedraging van de verdachte -> open maatstaf, bij de invulling hiervan kunnen de oude theorieën ook helpen

Causaliteit: redelijke toerekening

-        Inhoud maatstaf

o   Wanneer is het redelijk toe te rekenen?

o   Geen algemene regel te geven

o   Concrete omstandigheden van het geval

-        Casuïstiek: relevante factoren

o   Aard van de gedraging van de verdachte

§  Hoe gevaarlijk

§  Hoe voorzienbaar

§  Objectieve invalshoek/benadering

o   Aard en strekking van het delict (relevantietheorie) -> wat is de ratio van de delictsomschrijving en wat zijn typische bijbehorende gevolgen -> afhankelijk van rechtsgoed

o   Ernst van het letsel -> persoon slachtoffer (doodgaan door pantoffel koppen komt toch voor rekening verdachte, ‘’you take the victim as you meet him’’)

o   Subjectieve zijde van het delict -> opzet -> subjectief bestanddeel, aanwezigheid van opzet kan worden gebruikt voor de objectieve bewezenverklaring van het delict).

o   Tijdsverloop/complexiteit causale keten

§  Bijkomende factoren

o   Jurisprudentie

§  HR Kroeggeweld

·        Een verdachte was betrokken bij een vechtpartij -> heeft slachtoffer mishandeld -> eenvoudige mishandeling -> slachtoffer is op de grond gevallen -> slachtoffer door omstanders aan benen en armen gesjord om buiten het café te krijgen -> hoofd opengehaald over stenen trapje -> HR: ‘’tussenkomende factor (gedraging omstanders) maakt niet dat het niet langer redelijk is om het gevolg zwaar lichamelijk letsel toe te rekening aan de initiële handeling van de verdachte (mishandeling in café)’’

§  HR Dwarslaesie

·        Vriendin verdachte neergeschoten -> liep longinfectie en dwarslaesie op -> levensprognose van tien-vijftien jaar (zou door het leven moeten gaan als kasplantje, herstel niet meer in zicht) -> ze accepteerde haar overlijden -> verweer verdachte: ‘’als de vrouw had gekozen om wel te worden behandeld, had ze nog geleefd/had niet hoeven overlijden’’

·        HR: ‘’conditio sina qua non -> verdachte heeft slachtoffer in situatie gebracht waarin ze besloot te overlijden’’

·        HR: ‘’zou niet langer redelijk zijn om de dood aan verdachte af te rekenen’’

·        Belangenafweging

·        De beslissing was niet dermate zwaarwegend dat het gevolg niet kon worden toegerekend aan de gedraging van de verdachte.

§  Hof DH Zwavelzuur

·        Twist tussen vriend en vriendin -> vriend gooide zwavelzuur over vriendin (haar fysieke leed moest overkomen met zijn mentale leed)

·        Vriendin werd verminkt (hele leven nog afspraken bij arts)

·        In eerste aanleg werd de man vervolgd -> poging tot moord

o   Complicatie: hoger beroep aangetekend door rechtbank na uitspraak rechtbank maar slachtoffer had zelfmoord gepleegd in de tussentijd -> dood is ingetreden als gevolg, OM wijzigde tenlastelegging

o   ‘’Zware mishandeling met dood als gevolg’’

§  HR Bloedvergiftiging

·         Man wordt ontslagen uit ziekenhuis op 2 juli na messteek te hebben opgelopen op 27 mei, maar moet zich op 8 juli weer melden

·        Blijkt dat hij een bloedvergiftiging heeft, maar door niet tijdig helpen overlijdt hij op 23 juli

o   Directe oorzaak: algehele orgaanfalen

o   Theoretisch gezien zou het mogelijk zijn dat de man tussen 2 en 8 juli een bacteriële infectie had opgelopen die de bloedvergiftiging heeft veroorzaakt

o   Doorbreekt causale keten in dit geval

o   Vrijspraak als gevolg (een alternatief scenario heeft veel bewijslast nodig, wil het de causale keten verbreken).

 

Causaliteit: complexiteit (ad b.)

Conditio sine qua non als ‘ondergrens’

-        Als gedraging verdachte een onmisbare factor is geweest voor het intreden van het gevolg, dan is er in beginsel sprake van een causaal verband (het gevolg moet wel redelijkerwijs kunnen worden toegerekend)

-        HR Groningse Hiv-zaak

o   Groepje mannen in Groningen hielden er de gewoonte op na om homoseksuele orgies te organiseren -> twee betrokken mannen waren besmet met het Hiv-virus -> drogeerden gasten en besmetten deze met het virus/maakten hen seropositief d.m.v. spuitjes die gevuld waren met het bloed van een van de verdachten en brachten deze rectaal in (iek viend goor)

o   Opzettelijk toebrengen infectie laat zich kwalificeren als zware lichamelijke mishandeling

§  Is het oplopen van Hiv redelijkerwijs toe te rekenen als gevolg van het rectaal besmet bloed inspuiten? -> Hof vond van wel

§  Verdachten beriepen zich er op dat de gasten ook niet geheel veilig waren tijdens seksuele handelingen

§  Zie ro. 2.4.1-2.4.4 voor redenering/uitspraak HR

§  Kan de gedraging een onmisbare schakel zijn -> is er sprake van een aanmerkelijke kans dat het beschreven gevolg intreedt -> kijken naar concrete omstandigheden -> is de aard van de gedraging geschikt of is het vermoedelijk dat het heeft geleid tot het gevolg

§  Formele wederrechtelijkheid (‘’wederwettelijkheid’’)

§  Materiële wederrechtelijkheid (HR Huizense veearts)

§  Wederrechtelijkheid (zie hoorcollegeaantekeningen vorige week)

·        Als element (zie ook vorige week, dit stukje ook nog even terugkijken)

·        Als bestanddeel (twee opvattingen)

o   Strijd met het objectieve recht

§  Gedraging in strijd met wet

§  Gedraging zonder bevoegdheid daartoe

§  Gedraging in strijd met ongeschreven normen (incl. fatsoensnormen)

§  Relevantie van inhoud en strekking van strafbepaling

§  Niet elke strijdigheid met enige norm maakt gedrag wederrechtelijk

§  Jurisprudentie

·        Aanwezigheid van eigen recht betekent niet meteen dat gedrag niet wederrechtelijk is (HR Dreigbrief; vgl. ook HR Flatverbod)

·        Wat is nog van toegevoegde waarde i.v.m. bestanddeel wederrechtelijkheid?

§  Hij die, met het oogmerk om zich of een ander wederrechtelijk te bevoordelen, … door listige kunstgrepen …., iemand beweegt tot de afgifte van enig goed …, wordt gestraft …. (art. 326 lid 1 Sr) -> Listige kunstgrepen = maatschappelijk onbetamelijk = wederrechtelijk

Wederrechtelijkheid als bestanddeel (2)

-        Facetwederrechtelijkheid

o   Handelen in strijd met de specifieke betekenis (facet) die afhankelijk is van de strekking van de delictsomschrijving

o   Gaat om delicten die strafbaar zijn gesteld met oog op de bescherming van het rechtsgoed van burgers (bij oplichting is het rechtsgoed bijvoorbeeld vermogen)

 

 

 

Contributions, Comments & Kudos

Add new contribution

CAPTCHA
This question is for testing whether or not you are a human visitor and to prevent automated spam submissions.
Image CAPTCHA
Enter the characters shown in the image.
Summaries & Study Note of Quinton Verbon
Join World Supporter
Join World Supporter
Log in or create your free account

Why create an account?

  • Your WorldSupporter account gives you access to all functionalities of the platform
  • Once you are logged in, you can:
    • Save pages to your favorites
    • Give feedback or share contributions
    • participate in discussions
    • share your own contributions through the 11 WorldSupporter tools
Content
Access level of this page
  • Public
  • WorldSupporters only
  • JoHo members
  • Private
Statistics
43
Selected Categories
Promotions
wereldstage wereldroute

Tussenjaar of sta je op het punt op kamers te gaan?

Wereldroute biedt jou een leerzaam en onvergetelijk Student Prepare Program aan