Het dubbelleven van Jos

'De stad heeft alles: zon, zee, strand, prachtige bergen, prachtige gebouwen en zeer tolerante, vriendelijke, open-minded maar vooral tranquilo inwoners'. Dit was mijn lofzang op Rio in mijn vorige verslag, dat ik schreef na een week strandvakantie in het centrum van Rio de Janeiro. Laat mij enige nuance aanbrengen in deze uitspraak. Vanaf mijn tweede week in Rio heb ik een andere kant van de stad gezien. Rio heeft inderdaad al het bovengenoemde, maar de stad heeft ook veel problemen. Ik heb na het schrijven van mijn eerste verslag veel dingen gehoord over en beleefd in Rio, en hoewel ik elke dag meer ga houden van deze stad wordt het ook steeds duidelijker dat er hier enorme contrasten bestaan en er zich praktijken afspelen die het daglicht niet kunnen verdragen.

Sinds ik maandag 29 april met Nanko, de oprichter van IBISS, een rondrit heb gemaakt door de favela's weet ik weer waarom ik hier ben. De rijkdom, pracht en praal van het centrum van Rio staan in schril contrast met het leven in sommige favela's van de stad. De inwoners van de favela's hebben diezelfde heerlijke Braziliaanse karaktereigenschappen, maar het leven is een stuk zwaarder voor hen. Ik was meteen weer gemotiveerd voor de uiteindelijke reden van mijn verblijf hier, het vrijwilligerswerk. Nadat ik mij had georiënteerd op de projecten van IBISS, besloot ik in overleg met Nanko aan de slag te gaan bij een voetbalproject in Vila da Penha, een buurt van Rio waar een aantal sloppenwijken liggen. Er wordt van maandag tot en met donderdag getraind door de kiddos, en op maandag 6 mei had ik dan ook mijn eerste echte dag als voetbaltrainer in een favela van Rio de Janeiro.

Ik besloot om te proberen om op tijd te komen. Niet dat dit nu per se een kwaliteit in mensen is die de Brazilianen hoog in het vaandel hebben staan, maar als Nederlander leek mij dat toch gepast voor een eerste dag. Ik vertrok twee uur vóór aanvang van de training van huis, daar je in Rio nou niet echt kunt rekenen op de punctualiteit van het openbaar vervoer. Dit was helemaal geen slecht idee, aangezien de metro naar mijn bus er die dag drie kwartier langer over deed dan normaal. Toen ik de metro uitstapte betrad ik een nieuwe wereld, de wereld buiten het centrum van Rio. Hier vind je geen toerisme, geen link met ‘de westerse wereld’ en al helemaal geen gringo’s. Ik was dan ook nogal een bezienswaardigheid op de bus naar Penha. Ik voelde mij heel even niet geheel op mijn gemak, maar dat gevoel verdween al snel toen een nieuwsgierige vrouw mij kwam vragen waar ik heen moest en of ik misschien verdwaald was. Ik vertelde haar dat ik vrijwilligerswerk ging doen in Penha, en binnen de kortste keren begon de hele bus zich ermee te bemoeien, discussiërend over wat nu de beste manier was voor deze gringo om naar het voetbalveldje te komen. Ik kreeg van iedereen die uitstapte een handje en de buschauffeur werd op het hart gedrukt dat hij goed moest opletten dat ik wel op het juiste moment zou uitstappen. Een warmer welkom had ik niet kunnen wensen.

Het project werk als volgt: de kinderen gaan ’s ochtends naar school en gaan daarna naar voetbaltraining. Als je niet naar school gaat, mag je niet naar voetbaltraining. Tijdens de voetbaltraining worden er eens in de zoveel tijd een paar jongetjes bij de lokale dokter geroepen, waarna de ouders van de kinderen de uitslagen van de medische check krijgen. Voetbal wordt dus eigenlijk gebruikt als lokmiddel. Er wordt gepoogd om de kinderen structuur te geven, discipline en respect voor elkaar bij te brengen, maar vooral ook respect voor zichzelf. Daar ontbrak het nogal eens aan bij de jongens die voor het slechte pad hadden gekozen, dus zelfrespect is een belangrijk punt op de agenda. De kindjes zijn echt geweldig, en hatelijk goed in voetbal. Ik zal één dezer dagen kijken of ik een filmpje kan uploaden van het sambavoetbal van de 10-jarige talentjes.

Het is een ander leven, het leven in de favela. Er wordt hier anders over dingen gedacht, en nonchalanter over bepaalde (voor mij schokkende) gebeurtenissen gesproken. Voorbeeldje: je had Pietje, laten we hem Pedrinho noemen, een voetballertje dat altijd schwalbes aan het maken was. Iedereen kende zijn reputatie, en op een dag was de bal nog niet eens in zijn buurt of hij greep al naar zijn hoofd (voor de voetbalkenners onder ons, denk Rivaldo WK 2002). Iedereen langs de kant had het nu wel gezien met die geintjes van Pedrinho en schreeuwde om het hardst dat 'ie zo snel mogelijk weer op moest staan als hij wist wat goed voor hem was. Maar Pedrinho bleef met zijn handen op het hoofd liggen en tot ieders verbazing begon dat hoofd inderdaad te bloeden. Wat was er nu gebeurd? Ergens een paar voetbalvelden verderop tijdens een wedstrijd had één of andere stoere boy wat overwinningsschoten gelost met zijn gun (vraag me niet wat voor één). Dat doen ze om hun blijheid te uitten, kogels de lucht inschieten. Maar, zoals Newton al zei, 'what goes up, must come down', en wel in het hoofd van de arme Pedrinho. De kogels hadden nog rechtop in zijn hoofd gestaan, aldus de lachende verteller. Ik lachte schuddebuikend met hem mee, terwijl ik mij afvroeg hoe grappig ik het zou vinden wanneer mij hetzelfde zou overkomen tijdens één van onze trainingen.

Ik ben mij er erg van bewust dat ik op het moment een dubbelleven leid. Overdag werk ik in de favela’s, ’s nachts verken ik het awesome nachtleven van Rio de Janeiro met de (inter)nationale jeugd. Ik ga proberen om in mijn volgende verslag onder woorden te brengen wat er nu precies aan de hand is in de favela’s, en wat het zo aangrijpend maakt. Maar ondertussen leef ik zelf wel in het centrum, en ben ik hier toch ook om plezier te maken. Ik ben per slot van rekening wel in Rio de Janeiro, het zou zonde zijn als ik daar niet ook een beetje van genoot. Ik heb veel mensen ontmoet die hier ook voor een aantal maanden zitten, en heb een leuke mix van Brazilianen en 'internationals' om mij heen. Het leven hier bevalt mij enorm, al moet ik af en toe nog een beetje wennen aan het tempo van de Brazilianen. Alles gaat hier op z'n tijd. Mensen die mij een beetje kennen zullen wellicht zeggen, Jos, kan het leven zich nóg langzamer afspelen dan dat het zich in jouw hoofd doet? Klaarblijkelijk.

Sowieso is mijn studie van het Braziliaanse volk in volle gang. Naarmate mijn verblijf hier minder vakantie wordt en meer permanent, merk ik steeds meer verschillen met het leven in Nederland. De Brazilianen zijn bijvoorbeeld enorm goed in berusting in het moment, en ‘going with the flow’. Ikzelf ben een product van de Nederlandse samenleving, ik ben toch heel erg van de dag volplannen met afspraken, zorgen dat je dingen te doen hebt en weten wie je wanneer spreekt. Tot nu toe voelt het hier meer alsof alleen de broodnodige zakeljke afspraken vast(achtig) staan, en dat je beter minder kan doen dan meer. De meest voor de hand liggende verklaring hiervoor lijkt mij dat ze het niet druk hoeven te hebben om zich nuttig te voelen. Ze vrezen niet dat ze zich zo meteen vervelen en hun tijd niet optimaal aan het besteden zijn. Hoezeer ik deze insteek ook bewonder kan ik er in sommige situaties toch slecht aan wennen. Bevangen door een eindeloze rusteloosheid vraag je je na twee uur kijken naar hoe iemand anders zijn haar wordt geknipt toch af of je niet beter iets anders zou kunnen doen.

De Brazilianen lijken ook meer te genieten van de dingen om hen heen. Ik denk echt dat een Braziliaan meer van dingen kan genieten dan ik. Zo stond mijn huisgenoot vanochtend op, keek uit het raam en zei verrukt 'wauw, het is echt een prachtige dag vandaag.’ Nu moet je weten dat het hier elke dag prachtig weer is, en mijn eerste, uitermate nuchtere, Nederlandse gedachte is dan ook ‘Ja hèhè is het lekker weer, we zitten in Rio de Janeiro’. Hij zegt het ook elke dag, terwijl ik na twee weken al gewend was aan dat mooie weer. Deze dude woont hier en blijft het elke dag waarderen en prijst zijn geluk. Laatst was het de dag van de arbeid, 1 mei. Hadden ze één dag vrij. Je had ze moeten zien losgaan op facebook: 'Vakantieeeeeee, yeaaaaaaaah!' Dergelijk enthousiasme vertonen wij toch alleen voor een vakantie van minimaal zo’n drie weken, me dunkt. Maar goed, die Brazilianen hebben makkelijk praten met 99 van de 100 dagen zon op hun edde.

Ik zal het hierbij laten voor nu, anders wordt het zo’n lang verhaal.

Contributions, Comments & Kudos

Add new contribution

CAPTCHA
This question is for testing whether or not you are a human visitor and to prevent automated spam submissions.
Image CAPTCHA
Enter the characters shown in the image.
Blog of JosDames
Content
Access level of this page
  • Public
  • WorldSupporters only
  • JoHo members
  • Private
Statistics
0
Selected Categories
Promotions
SIW

Eindelijk positief nieuws, er mag weer gereisd worden. Maak je droom waar en maak ‘impact abroad’ door het doen van vrijwilligerswerk. Juist in Europa zal het naar verwachting steeds meer mogelijk zijn om te reizen deze zomer.

Restauratiewerk, werken aan de natuur, schoonmaken van de omgeving, sociale ondersteuning bieden aan mensen in heel veel verschillende landen. Je verbetert direct je taalvaardigheid door de internationale samenstelling van de groepen.

Draag bij aan duurzaamheid, blijf dicht bij huis juist in deze tijd en trek erop uit. Zoek jouw vrijwiligerswerkproject via de website van SIW.